Panorama

Blad 
 van 2380
Records 1906 tot 1910 van 11897
Nummer
1915, nr. 79, 30 sept. 1915
Blad
07
Tekst
7 PANORAMA TENTOONSTELLING VAN PADDENSTOELEN EN ZWAMMEN. Onder eere-voorzitterschap van Prof. Dr. G. van Iterson wordt vanwege de Nederlandsche Mycologische Vereeniging in het gebouw „De Vereeniging” te ’s-Gravenhage een tentoonstelling van Paddenstoelen en Zwammen gehouden. Links: Groep van bestuursleden, v. l.n. r. zittend: Mej. Ch. J, Farrett; Mej. Cath. Cool; Prof. Dr. G. van Iterson. (Eere Voorzitter); joh. Ruys (Voorzitter) ; P. Ligtenberg (Onder-voorzitter); Dr. J. S. Meulenhoff (archivaris.). Staande: Dr. A. J. Kluyver; Mevrouw E. Kalshoven-Biermans ; J. j. Duyvené de Wit (secretaris-penningmeester); Mej. A. M. Dekker; Mevrouw A. Den Tex-Boissevain; P. j. A. 1. Meulemeester; H. A. A. van der Lek. Rechts: Een kijkje op een der belangwekkende inzendingen. foto's „Rewbrandt.”) woord. „Dat is al heel vreemd !” merkte ik op. „Dat is ’t>! Maar nog vreemder is, dat zijn leerlinge (’t is ’n meisje) slechts van zoo’n vogelverschrikker, zoo’n ouwen oliekop les wil hebben, terwijl haar ouders, die in goeden doen zijn, haar gaarne den besten muziekleeraar in de stad zouden willen geven. En die oude schijnt alleen voor haar te leven. Zij kan niet geregeld lesnemen en hij wees herhaaldelijk een goede betrekking af om ten allen tijde disponibel, te zijn als zij om hem zendt, ’t Is me een raadsel. Op die tijden schijnt hij te herleven. Dan borstelt hij zijn oude jas zorgvuldig af en wat er in dat wrak van een presentabel mensch nog over is, komt dan te voorschijn. Op andere tijden daarentegen verdrinkt hij zijn gedachten in jenever in de een of andere schunnige kroeg. De Hemel en hij weten alleen waarom 1” „Zou hij nooit getrouwd geweest zijn ?” „Ja, dat wilde ik juist vertellen. Hij was een maal gehuwd en had een dochtertje. Hij verdiende toen goed geld. Kort na de geboorte van het kind, stierf de moeder. Hij bracht toen al zijn liefde op de kleine over. Hij was echter veel op reis en moest de kleine aan de zorgen van een dienstbode overlaten, doch alles wat hij verdiende, zond hij naar huis voor de kleine, voor wie het beste niet goed genoeg was. De fijnste kleertjes, juweelen en andere kostbaarheden moesten voor de kleine gekocht worden. Eindelijk kwam hij na een lange tournee weer thuis en vond de woning verlaten, van het kind en de vrouw was geen spoor te vinden. Die schok heeft hem bijna gedood. Toen hij weer hersteld was, stelde hij alles in het werk om zijn kind terug te vinden. Wat hij verdiende besteedde hij aan het onderzoek. Dit bracht slechts aan het licht dat e?n dienstmeisje met een kind en een jongen man in een bootje op de Kralingerplas gezien waren. Daarna was van het drietal geen spoor meer gevonden. Of dat de gezochten waren? of ze alle drie verdronken zijn of dat ze het kind verdronken hebben? ’t Is nooit aan het daglicht gekomen. Vijf jaar heeft hij het zoeken volgehouden, toen gaf hij het op, gebroken naar lichaam en ziel. Daarna is hij steeds lager gezonken. „Maar hoe komt zoo iemand aan een leerling, die volgens je bewering tot den gegoeden stand behoort ?” vroeg ik belangstellend. „Ja dat is erg zonderling ! Hij ontmoette haar op zekeren dag in het park en armelijk en verlóopen als hij er uitzag volgde hij haar heimelijk tot aan haar huis. Daar sprak hij haar aan en bad en smeekte haar dat zij les van hem zou nemen "en — dat is het onbegrijpelijkste van de heele historie : ze stemde toe 1 De man scheen te herleven en had er werkelijk maatschappelijk weer bovenop kunnen komen, als hij niet met krankzinnige hardnekkigheid elk engagement had afgewezen !” * * * De laatste kalme, rustige noten van het zonderling KONINKLIJKE ORATORIUMVEREENIGING. De Koninklijke Oratoriumvereeniging gaf op het Landgoed „Duin en Kruidberg” te Santpoort een uitvoering, die behalve door Prins Hendrik door vele bekende en autoritaire personen werd bïjgewoond. Door een aantal dames en heeren — zie hierboven — werden programma’s van deze uitvoering verkocht ten bate v. h. Roode Kruis. (V.F.B.) VOLKSBOND TEGEN DRANKMISBRUIK. Te Utrecht is deze week door den Volksbond tegen Drankmisbruik een sportfeest georganiseerd dat door talrijke autoriteiten is bijgewoond. Hierboven : Het spelen van ’t Wilhelmus wordt door de talrijke aanwezigen staande aangehoord. (V.F.B.) F. L.. KATTENBURG. + PH. W. v. HEYNINGEN BOSCH, t Te Amsterdam is op 78-jarigen leeftijd overleden de heer F. L. KATTEN. BURG, oprichter en dir. van de bekende firma L. A, & F. L. Kattenburg en Co. aldaar. — De vorige week overleed te Groningen de heerPh, W. VAN HEYNINGEN BOSCH, lid der firma van Lingen & Co te Veendam en lid der Provinciale Staten, Mr. H. C. F. RITS. J. H. A. SCHAPER. 2 Oct. aanstaande zal het 50 jaar geleden zijn dat Mr. H. C. F. RITS, notaris te ’s-Hertoger.bosch, promoveerde, tot meester in de rechten. Mr. Rits studeerde aan de Leidsche Universiteit.—Tot vice-Voorzitter van de Tweede Kamer is benoemd de heer J. H. A. SCHAPER. NEDERL. BOND VAN ZENDELING-KWEEKELINGEN. Groep van gasten en deelnemers aan de op Woensdag 22 September te Rotterdam gehouden verg. v. d. Nederl. Bond van Zendeling-kweekelingen. melodieuze Adagio cantabile van Beethovens „Sonate pathétique” klonken in een harmonieus ensemble van viool en piano — gespeeld door den meester en zijn leerling. Zooals hij nu’ speelde, speelde hij slechts in haar tegenwoordigheid. Er was een vreemde, gelukkige uitdrukking in zijn oogen en op zijn bleeke vermagerde wangen gloeiden twee vurige plekken. Ditmaal staakten meester en leerling hun spel, gelijktijdig, impulsief, zonder de schitterende notenreeksen te vertolken, die den heerlijk zoeten liefdesdroom besluiten. „Dit is dus onze laatste les 1” Ze zei het langzaam. Hij mompelde iets onverstaanbaars. De kamer, waarin zij zich bevonden, was rijk en smaakvol gemeubeld. Een Perzisch tapijt bedekte den grond. De sombere groote Beethoven in marmer keek van uit een nis, Paganini van uit een ander op de spelenden neer, Het schoone meisje aan de piano paste volkomen in deze voorname omgeving, welker harmonie slechts verstoord werd door den ouden, sjofelen violist, „Over drie weken ga ik trouwen,” zei ze, blozende, terwijl ze in het vuur staarde. „Ja dit is onze laatste les,” ging ze peinzend voort, „en het spijt me meer dan ik zeggen kan.” Er was een oogenblik stilte. „Het heeft mij altijd verwonderd, waarom je zoo geheel mijn vertrouweling geworden bent,” ging ze voort, half tot zich zelf. „Ik begrijp niet, waarom ik steeds zooveel genot in je lessen gevonden heb ! Het is zeker door je groote vriendelijkheid !” De oude man naast haar antwoordde niet, hij zag het eenige wezen waarvoor hij leefde uit zijn leven verdwijnen ; het wezen, dat zijn ziel vulde zooals zijn dochter zou gedaan hebben, als ze geleefd had. Als... zij geleefd had, wat zou alles dan anders zijn. „En nu zal ik je iets vertellen,” ging het jonge meisje voort, „wat ik zelf eerst kort geleden vernomen heb. Ze deelden het aan mijn verloofde mede, ze vonden zich hiertoe verplicht en ik geloof dat ze gelijk hadden. Maar nu begrijp ik niet wat mij er toe dringt het aan u te vertellen,” zei ze aarzelend, „aan u . . . mijn muziekleeraar,” Ze keek hem met ernstigen blik aan. „Zou je denken,” begon ze weer, op zachten toon, „dat op een dag, lang, heel lang geleden vader mij opvischte, toen hij met zijn motorjacht op de Kralingerplas voer, en dat zelfs op dit oogenblik niemand iets van mijn ouders weet ?” Zij zweeg weer een oogenblik. „Alleen dit weet ik dat ze rijk moeten zijn en dat doet me genoegen. Niet dat ik mijn vader en moeder minder zou liefhebben als ik hen nu mocht vinden arm en ongelukkig. O, neen, ik zou met vreugde tot hen gaan. Maar .... maar . . . ze aarzelde weer. „Mijn arme ouders ! Waar zouden ze nu zijn ? Maar ze zijn niet arm ! Kijk dit zijden zakdoekje was rondom mijn hals gewikkeld, toen ik uit het water gehaald werd. Is het geen fijn doekje? Mijn pleegouders hebben ’t zorgvuldig bewaard,
PDF
Nummer
1915, nr. 79, 30 sept. 1915
Blad
08
Tekst
8 PANORAMA EEN 35-KILOMETERTOCHT. Zondag 26 September had vanwege het Comité ter bevordering der Openluchtsport vanuit Den Haag een 35-kilometertocht plaats, die in alle opzichten geslaagd mag heeten. In tegenstelling met vorige wedstrijden werd dezen keer in groepen gemarcheerd met een tempo van 6 K.M., waardoor de 100 deelnemers, o.w, een dame, met slechts 2 uitvallers opgewekt en frisch op den bepaalden tijd „Houtrust” (foto Hijmans} misschien zal dit mij helpen mijn ouders te vinden. O, voorzichtig laat het geen vlam vatten, anders . . . Het fijn geweven kanten doekje was bijna met de vlam van een der pianokaarsen in aanraking gekomen. De handen van den ouden musicus beefden vanavond al heel erg. ,,Je bent vermoeid I Ik heb je langer opgehouden dan goed was.” En zij stond op. „ik . . „En nu, vaarwel !” zei ze. „Vaarwel !” Het enkele woord kwam er met moeite en fluisterende uit. Hij scheen nog meer te willen zeggen. AMSTERDAMSCHE WIELERBAAN. Zondag 26 September zijn op de Amsterdamsche Wielerbaan de door de A. S, C. „Olyrnpia” uitgeschreven clubkampioenschappen verreden. Hierboven de deelnemers aan de finale van den tandemwedstrijd over 1 Kilometer. Van links naar rechts: Tulleken-Nijland; van Hiist-Stuy, (winnaars; tijd 1.204/5); Fransen-Lamijn. weder bereikten. doch keerde zich, als verschrikt, haastig om en verliet strompelend de kamer, liep de vestibule door, de straat op, de oude viool krampachtig tegen de borst geklemd. WEDSTRIJDEN VOOR SCHOOLKINDEREN. Door den Bond voor Lichamelijke Opvoeding zijn Zondag Li. op de terreinen van Houtrust verschillende wedstrijden voor schoolkinderen gehouden, die uitnemend zijn geslaagd en door veel belangstellenden werden bijgewoond. De foto hierboven geeft een moment weer van het veldbalspel. in het midden, staand, de heer de Bey, onder wiens leiding dit spel plaats had. (foto Hijmans) DE „EEMDIJK” GEZONKEN. Het s.s. „Eemdijk”, een vrachtboot van de Holland-Amerikalijn. is met een lading maïs aan boord, op reis van Buenos-Ayres naar Kopenhagen, op een mijn geloopen en gezonken. Het schip was in 1913 gebouwd _en mat 6.180 bruto ton. De bemanning is door een Zweedsch schip gered. HOUTSNIJWERK. De beeldhouwer, beter; de houtsnijder Tjipke Visser, stelt bij Goupil in Den Haag, waar zoo dikwijls, zonder groote trom, veel merkwaardigs en oorspronkelijks te zien wordt gegeven, eenige van zijn prachtig gesneden figuren ten toon. Wij beelden hier enkele van deze werken af, waarin men een techniek bewonderen kan zoo lenig en zeker, een kunstenaarschap zoo gevoelig, dat het doode hout erdoor tót leven wordt gewekt. LOUIS DE VRIES NAAR INDIE. bekende tooneelspeler Louis de Vries temidden van het gezelschap, waarmede hij 2 October aanstaande naar Indië denkt te vertrekken. (F.F.Ö.) Mr. CH. VAN DEVENTER, t Te ’s-Gravenhage is Maandagmiddag op 57-jarigen leeftijd overleden de heer Mr. Ch. van Deventer, lid van de Tweede Kamer voor het district Assen. Vroeger lid van de Eerste Kamer, kreeg hij in 1913 zitting in de Tweede Kamer, waar hij èn door zijn adviezen èn door zijn vele geschriften gold als de Indische specialiteit bij uitnemendheid. De Kamer lijdt in hem een gevoelig verlies. Het huwelijk werd eenige weken later voltrokken. Nadat de kerkelijke inzegening had plaats gehad en familie, vrienden en belangstellenden het kerkgebouw reeds geruimen tijd verlaten hadden, vond de koster in een der banken een ouden man zitten, blijkbaar slapende. Hij gipg naar hem toe, om hem te wekken, doch bemerkte dra zijn vergissing. Het hoofd op de borst, een gelukkigen glimlach om de lippen, was de oude violist na, als een vreemde, getuige te zijn geweest van het huwelijk van zijn kind, ingeslapen, den eeuwigen slaap. Dit was ’t einde van een man, wiens noodlot zich kantte tegen de bestemming, waartoe het genie hem bestemd had. TENTOONSTELLING v. WÉRK v. BELGISCHE KUNSTENAARS In de zalen van den kunsthandel d’ Audretsch te ’s-Gravenhage is 26 Sept. een tentoonstelling van van werken van Belgische kunstenaars geopend, die zich reeds bij den aanvang in een druk bezoek mocht verheugen. {foto Hijmans) NEDERL. ROTOGRAVURE-MAATSCHAPPIJ, LEIDEN.
PDF
Nummer
1915, nr. 80, 4 oct. 1915
Blad
01
Tekst
No. 80 (14b) 4 OCT. 1915 AFZONDER. LIJKE NUMMERS 7 7, CENT A.W.-SIJTHOFF’S UITGE.V/ER.S MAATSCHAPPIJ -LExIDEEM Ge i llustreerd- week blad ABONNEMENT PER KWARTAAL 26 NUMMERS f 1.30 Engelsche oorlogsschepen voor de Belgische kust Gezicht aan boord van een der voor de Belgische kust patrouilleerende Engelsche oorlogsschepen. De bemanning observeert de Duitsche kustverdedigingswerken, terwijl tonnen met water gereed staan om een begin van brand aan boord direct te kunnen blusschen.
PDF
Nummer
1915, nr. 80, 4 oct. 1915
Blad
02
Tekst
PANORAMA 10 Overzetten van paarden met vlotten. — De afvaart. '-"^^an bijzonder belang zijn in dezen oorlog breede wateren, als rivieren, kanalen, inundaties, enz., voor de verdediging des lands gebleken. Zoowel in het Westen als in het Oosten wordt telkens achter die ‘ breede waterwegen stand gehouden, zoodat ze als ’tware de verdedigingslijn aangeven. Nu weder gaat de ïsonzo een belangrijke rol in de krijgsverrichtingen spelen en ik hoef slechts namen als de Maas, Yser, Aisne, Oise, Marne, Weichsel, San, Bzura enz., te noemen om er U van te overtuigen van welk enorm gewicht deze wateren voor de defensie des lands zijn geweest en nog zijn. En geen wonder! Zij toch vormen een natuurlijke hindernis die niet gemakkelijk te passeeren is, wanneer de verdediger in de gelegenheid is geweest de in tijd van vrede bestaande overgaansmiddelen, m. a. w. de bruggen, te vernielen. Dan immers moet de aanvaller in het gezicht van snelvuurgeweren en -kanonnen zoo’n overgang forceeren en ieder zal inzien welk een geweldige worsteling dit vereischt, waar het hem al moeilijk valt in het open veld een verdedigende stelling te veroveren. Het eenige bezwaar voor den verdediger zou kunnen zijn, dat deze geen troepen genoeg heeft om een eenigszins lange waterlijn naar behooren te verdedigen, zoodat de aanvaller van het moment der verrassing gebruik kan maken om snel troepen naar den anderen oever te brengen, die zich daar kunnen nestelen. Maar zooals de toestand tegenwoordig is, zijn de rivieren en kanalen in dezen oorlog telkens met succes verdedigd en is het voor een aanvaller een haast ondoenlijke taak deze wateren over te trekken, wanneer de verdediger op zijn tellen let. Toch zal natuurlijk de aanvaller pogingen aanwenden en voor een energiek leger is niets onmogelijk, maar groot zullen de offers ontegenzeggelijk zijn. Steeds zal de aanvaller verrassend moeten optreden, den verdediger in het onzekere dienen te laten, waar hij zijn grootste kracht zal inzetten om op die wijze succes te kunnen behalen, I n groote verhoudingen moeten een of meer bruggen geslagen of de vernielde hersteld worden. Meestal zal men tot het eerste besluiten, omdat slaan in het algemeen vlugger gaat dan herstellen. Het spreekt van zelf, dat die brugslag beveiligd behoort te worden, m. a. w. er moeten troepen op den anderen oever zijn, die den vijand een eindweegs terugwerpen of een opdringen tegengaan. Dit heet het vormen van een bruggenhoofd, waarachter de pontonniers of pioniers rustig de brug kunnen bouwen. Dit vormen van een bruggenhoofd is de taak van het eerste échelon, zoo spoedig mogelijk versterkt door andere afdeelingen, zoodat tenslotte de hoofdmacht veilig over de brug kan trekken. Hoe komt nu dat eerste échelon aan den tegenovergestelden oever, wanneer er van een brug nog geen sprake is? Daartoe staan den troep verschillende middelen ter beschikking. Cavalerie in klein verband kan overzwemmen, waarbij het personeel b.v. in vouwbooten gezeten is. Maar voor deze manoeuvre moet alles meewerken o.a. de gesteldheid der oevers, het weer enz. Het liefst maakt men van particuliere vaartuigen gebruik, daar dan het pontonmaterieel beschikbaar blijft voor den onmiddellijken brugslag. Is evenwel geen particulier vaartuig aanwezig, dan dienen de pontons aangesproken te worden. De enkele ponton gebruikt Het overtrekken van breede waterwegen (Van onzen militairen medewerker) men niet gaarne voor deze doeleinden; deze ligt te rank op het water en kan ook maar enkele infanteristen vervoeren. Beter voldoen z.g. gekoppelde pontons (twee pontons, welke door middel van brugplanken stevig aan elkaar gesjord worden) en vlotten van twee pontons (zie de foto’s). Het vervaardigen van een vlot duurt langer, omdat hier ook onderliggers aan te pas komen en een brugdek wordt gemaakt. Daar tegenover staat echter, dat met een vlot ook paarden en voertuigen overgebracht kunnen worden. Heeft men dus enkel infanterie over te brengen dan zijn gekoppelde pontons te verkiezen, anders moet men zijn toevlucht tot vlotten nemen. Doch dan zijn voor het vervoer van paarden en voertuigen ook aanleghoofden noodig. De gekoppelde pontons kunnen 40 geheel uitgeruste manschappen overzetten. Een vlot van 2 pontons 50 infanteristen of 6 paarden (zie de foto’s) of een voertuig en 4 paarden met manschappen of 24 wielrijders. Bij het vervoer der paarden dringen de beesten tegen elkaar, zooals de foto’s duidelijk te zien geven. Waarschijnlijk oefent de breede waterbaan een eenigszins bevreesd makende invloed op hen uit. Zet men echter naast de hoofden der buitenste paarden een paar man, dan zijn ze spoedig gekalmeerd. Gebruikt men een vak van 4 pontons, dan kunnen TIJDENS DEN BRUGSLAG, DE BRUG IS GEREED. Overzetten van paarden met vlotten. De overvaart. zelfs 100 man of 12 paarden overgebracht worden. Doch de vervaardiging van zoo’n vak duurt ook weer langer. En men moet juist van het moment der verrassing gebruik maken om troepen naar den anderen oever te brengen. Eenmaal daar genesteld, is reeds veel gewonnen. Hoe heeft nu het overbrengen van het eerste échelon plaats, wanneer men over het noodige ovetzetmaterieel beschikt ? Nogmaals moet op het verrassende der overbrenging gewezen worden als eerste factor voor succes. Ook het aanvoeren of gereedmaken der overzetmiddelen dient dus zoo gedekt mogelijk te gebeuren. ’sNachts omwindt men de geluidmakende deelen als riemen, beugels, enz, met lappen, stroo, biezen of touwwerk. Een pontonnierofficier is belast met de voorbereiding en de leiding van het inschepen. Hij moet precies weten, hoeveel elk vaartuig kan bevatten en hij mag het sein tot afvaren niet geven, vóórdat alle vaartuigen daartoe gereed zijn. Daarna roeit elk vaartuig naar zijn aan genen oever aangewezen plaats, in den regel recht tegenover de plaats van inscheping gelegen. De riemen worden zoo stil mogelijk in en uit het water gebracht. Zoo veel mogelijk moet in ééne lijn gevaren worden ; op deze wijze wordt bij ontdekking het vaartuig, dat het dichtst bij genen oever is, niet alleen doel van het vijandelijk vuur, terwijl voorts een zoo groot mogelijk aantal troepen gelijktijdig den vijandelijken oever bereiken. Een vaarlichaam, dat ontdekt en beschoten wordt, zal zoo snel mogelijk den vijandelijken oever trachten te bereiken. Kogelgaten in de ponton onder de waterlijn worden met een stuk hout voorloopig gestopt. Voor de volgende échelons vaart elk vaarlichaam zoo snel mogelijk tusschen zijn laad- en losplaats heen en weer. Heeft het eerste échelon den tegenovergestelden oever bereikt, dan zal het beproeven zich zoo snel mogelijk uit te breiden om de pontonniers in de gelegenheid te stellen de brug voor de hoofdmacht te slaan. Dit eerste échelon, dat vreeselijke verliezen zal lijden, wanneer de verdediger op zijn „qui vive” is, moet onmiddellijk door volgende afdeelingen versterkt worden, wil de geheele onderneming niet mislukken. Ook de pontonniers moeten het slaan van de brug zeer snel verrichten, opdat de hoofdmacht den zich op ’s vijands oever bevindenden troepen tijdig te hulp kan komen. Het overschrijden van militaire bruggen behoort door de troepen op de voorgeschreven wijze te geschieden, daar anders de kans bestaat, dat de brug niet tegen het vervoer bestand is. Zoo is in het algemeen het samendringen van passeerende infanterie op de brug ten strengste verboden, omdat dan de brug ter plaatse overmatig wordt belast en de mogelijkheid geboren wordt dat ze bezwijkt. Enkele pontonniers nemen in de pontons plaats en zorgen, dat deze niet te sterk schommelen, waartoe ze, zoo noodig, wanneer de waterdiepte het toelaat, boomen of haken in den grond steken. De infanterie marcheert uit den pas; de cavalerie stijgt af; de stukrijders blijven te paard, omdat ze dan het voertuig beter kunnen besturen. De grootste stilte wordt in acht genomen, opdat de commandant der brug en diens personeel in de gelegenheid zijn, zich desvereischt verstaanbaar te maken. CAVALERIE TREKT OVER DE GESLAGEN BRUG.
PDF
Nummer
1915, nr. 80, 4 oct. 1915
Blad
03
Tekst
11 PANORAMA GEÏLLUSTREERD OORLOGSNIEUWS VAN HET ITALIAANSCH E LEGER. Een Italiaansch priester smeekt den Goddelijken zegen af voor een aan het front in stelling gebracht Itaïiaansch kanon, terwijl de bedieningsmanschappen er omheen staan. DE STRIJD IN NOORD-FRANKRIJK. Fransche Roode-Kruissoldaten halen uit de puinhoopen van een gebombardeerd dorpje in Noord-Frankrijk hun gesneuvelde of gewonde krijgsmakkers* weg. {V.F.B.) GEWON DEN BEZOEK. De Keizerin van Duitschland bezoekt in een hospitaal in de omgeving van Berlijn, de aldaar verpleegd wordende Duitsche soldaten. IN DE EERSTE LINIE. De korte oogenblikken van rust die den manschappen in de eerste linie tusschen de gevechten door gelaten worden, benutten deze meestal om aan hun familieleden en kennissen te schrijven. EEN VIJFTIENJARIGE VRIJWILLIGER. De jongste soldaat in het Duitsche leger, een 15-jarige knaap, doet dienst als ordonnance in België, {foto's V.F.B.) DE DUITSCHE BEZETTING VAN BELGIË. Duitsche soldaten, deel uitmakende van de bezetting van België, gaan in een der plaatsen in Noord-België ter kerke. KRIJGSGEVANGENEN. Oostenrijksche krijgsgevangenen worden, nadat hun wapens zijn afgenomen, door Italiaansche lanciers naar een der gevangenenkampen getransporteerd. (V.F.B.) NIEUWE ENGEL5CHE RlJWIELAFDEELINGEN. Een der nieuwe Engelsche rijwielafdeelingen, waarvan de soldaten helmen dragen en een reserve rijwiel gedemonteerd op hun rug medevoeren. {V.F.B.) 80 (14b)
PDF
Blad 
 van 2380
Records 1906 tot 1910 van 11897