|
PANORAMA 10
Het aanleggen van een gemeenschappelijke loopgraaf. Een loopgraaf met overdekte gevechtsdekking in hoog terrein,
L O O P G R AV E N
Van onzen militairen medewerker
gat aanvankelijk niemand vermoed had, is maar
K al te waar gebleken : de ,,frische, fröhliche
Krieg” verstarde in het Westen tot een loopgraven-,
zelfs tot een mollenoorlog. Gex
durende een goed deel van het afgeloopen
s oorlogsjaar was dit ook in het Oosten het
geval, maar door een samenloop van omstandigheden,
dien we nu nog niet kunnen beoordeelen, is er hier weer
beweging in de legermassa's gekomen, met her gevolg,
dat de Russen terugtrekken’-en de Duitschers vervolgen.
Wie weet treedt niet zeer spoedig nogmaals een loopgravenoorlog
in, met al den aankleve van dien.
Toen de achtereenvolgende overwinnings-builetins der
Duitschers in het begin van den krijg de wereld in verbazing
brachten en voor Frankrijk het ergste deden vreezen,
had geen mensch kunnen denken, dat de Franschen nog
de veerkracht zouden bezitten de Duitschers aan de Marne
te verslaan en achter de Aisne terug te werpen. Maar
eveneens is het bewonderenswaardig van de Duitschers,
dat ze niettegenstaande hun zegeroes niets verzuimden om
hun rug te versterken, zoodat ze dan ook in staat bleken
den tegenstanders hier een halt toe te roepen. Door het
aanleggen van versterkingen en het in stelling brengen
van zwaar geschut bleekheiden Franschen ten eenenmale
ónmogelijk hier door te breken, De Duitschers hadden
de hulp ingeroepen van het terrein en de schop en dit
was blijkbaar zoo afdoende, dat de Franschen hen niet
terug konden dringen.
Toen begon de wedloop naar zee. De Franschen wilden
omvattend te werk gaan, hetgeen de Duitschers door het
verlengen van hun rechtervleugel telkens beletten. Nog
eenmaal hebben daarna de Duitschers een poging aangewend
om door te breken, maar ook het Fransche front
bleek inmiddels zoo sterk geworden, dat ze er niet doorheen
konden komen. En zoo kan dus ieder zijn ziel in
lijdzaamheid bezitten!
Waaraan is het nu toe te schrijven, dat geen van
beide partijen er doorheen komt? Om deze vraag te
beantwoorden, moeten wij in de eerste plaats de aandacht
onzer lezers vestigen op de enorme uitwerking der
tegenwoordige snelvuurwapenen. Niet slechts de snelvuurgeweren,
die als ’tware een ononderbroken lijn vormen,
Romen hierbij in aanmerking, maar vooral ook de duivelsche
mitrailleurs of liever machinegeweren. Op talrijke
plaatsen van het front, liefst gedekt opgesteld, braken
ze dood en verderf naar den vijand : 400 schoten in de
minuut. En last not least de artillerie. Eerst het lichte
snelvuurgeschut van 7.5 c.M., dat 20 tot 30 schoten in
de minuut vermag af te geven en vervolgens de houwitsers
van diverse pluimage. Is het dan wonder, dat een
aanvaller hier niet meer doorheen kan wanneer de verdediger
op alle wijzen gebruik heeft remaakt van het
terrein? De infanterie zit in loopgraven, de mitrailleurs
en de artillerie zijn gedekt opgesteld. Vóór de aanvaller
tot op korten afstand is genaderd, heeft hij zooveel
verliezen geleden, dat zijn aanvalskrachu zijn offensieve
geest gebroken is.
En is die offensieve geest, gebroken, :ar> wil de aanvaller
gaarne behouden wat hij heeft, legt hij ook loopgraven
aan. die steeds verbeterd en verfraaid worden,
tot aan beide, zijden een zoodanige dam is, opgeworpen,
dat niemand er meer doorheen kan.
Zoo is thans de toestand aan het Westelijk front geworden.
Wat een artillerie zat daarvoor noodig zijn om
die loopgraven dusdanig op te ruimen, dat er een vol
Een in hoog terrein gegraven schans.
doende bres voor de infanterie ontstaat. Want er ligt
daar niet één rij loopgraven, maar er liggen daar misschien
wei tien, twintig rijen.
Zoo is de frische, fröhliche Krieg een vunze, duffe,
benauwde mollenoorlog geworden, al tracht de Duitsche
kroonprins met legerorders er den moed in te houden.
Wat verstaan we nu onder een loopgraaf? Een loopgraaf
is eenvoudig een ingraving in het terrein, die den
man dekt tegen vijandeiijk vuur.
Al naar gelang van de terreinsgesteldheid vertoonen die
loopgraven een ander beeld; waar de grondwaterstand
diepe ingraving toelaat is het natuurlijk het gemakkelijkst
goede en geriefelijke dekkingen tegen vuur te maken. Is
voor het uitzicht op het vóörliggend terrein een verheffing
van de vuurlijn niet noodig, dan maakt men in het geheel
niet van een borstwering gebruik. De loopgraaf is
dan alleen een smalle en diepe voor in den grond, terwijl
boven het maaiveld de hoofdbedekkingen voor de schutters,
uitsteken, veelal bestaande uit zandzakken of stalen
schilden.
Kan men slechts weinig ingraven, dan is een borstwering
noodzakelijk; maar ook dan moeten vormen gekozen
worden, die de zichtbaarheid der dekkingen zoo
klein mogelijk doen zijn. Alle verfraaiing', glad afgewerkte
glooiingen, zuivere snijdingen van vlakken, lange, van den
terreinvorm afwijkende lijnen, scherpe kanten en plotselinge
overgangen van een glooiing in het maaiveld, uit
de hoogte geen zichtbare brekingen van de vuurlijn,
worden in platten grond en in dwarsdoorsnede vermeden.
Het vuren door schietgaten is zeer in zwang gekomen,
waarmede tevens het te hoog schieten krachtig wordt
bestreden. De achtergrond der schietgaten moet donker
zijn, anders teekenen de mannen zich veel te duidelijk voor
den vijand af. Vooral wanneer zich dan zoo’n schietgat met
lichten achtergrond vult, is dat den tegenstander een
bewijs, dat ér iemand voor dien achtergrond staat, hetgeen
voor den betrokken persoon minder aangename gevolgen
kan hebben.
Veel gebruik wordt gemaakt van zijweren om de uitwerking
der vijandelijke projectielen zooveel mogelijk te
beperken. Ook zijn de loopgraven in verschillende vakken
verdeeld, door het daarin plaatsen van aarden dammen.
Dit is om te beletten, dat de vijand zich gemakkelijk
zijwaarts uitbreidt.
Door het telkens terreinwinnen en dan opnieuw versterken,
krijgt zoo’n loopgravenstelsel op een gevechtsveld
een zeer grillig karakter.
In de voorste linie bevinden zich de tirailleur-loopgraven,
terwijl meer achterwaarts de afwachtingsdekkingen voor
de ondersteuningstroepen worden gegraven. Een en ander
is door gemeenschapsloopgraven, die zigzag loopen. met
elkander verbonden. In zoo’n loopgraven-complex vindt
men verder nog een plaats voor drinkwater, voor de
telefoon, dé verbandplaats, de munitie, het gereedschap,
de latrine. Het rein houden der loopgraven is zeer noodzakelijk
met het oog op besmettelijke ziekten. Hindernissen
vóór de stelling verhoogen natuurlijk het weerstandsvermogen
zeer. Schuilplaatsen worden op verschillende
plaatsen aangebracht.
Hier te lande heeft vooral de kapitein der infanterie
Froger veel voor de ontwikkeling van het pionierwezen
bij de infanterie gedaan. Bij de groote manoeuvres in
1913 oogstten de door hem vervaardigde groepversterkingen
veel lof, ook der vreemde attaché’s.
De bij het artikel gevoegde foto’s stond hij mij welwillend
ter reproductie af. Daaruit blijkt, dat de kapitein
Froger ook tijdens het mobiliseeren het pionieren niet
heeft opgegeven en dit is maar goed ook, want uit dezen
oorlog is toch wel overtuigend gebleken, welk een groot
bondgenoot het terrein vermag te zijn. mits men hiervan
oordeelkundig gebruik maakt.
Een op laag terrein opgeworpen schuilplaats. Een (nog onvoltooide) zijweer of traversschuilplaats in de borstwering
|