|
PANORAMA 376
SPORT-PANORAMA
DE 35 K.M. MOBILISATIE-WANDELTOCHT VOOR MILITAIREN EN BURGERS TE ’S-GRAVENHAGE.
Foto links- Het comité v. 1. n. r. zittend de hm. W. G. de Bordes Jr., Wm. v. Sutherland; staande J. A. Tuyn, M. Liermid, J. S. F. Grinzel, P. Baerends, J. W. v. Aken Jr., P. R. Guykens, W. de Geus, W. J. M Liermeed. Foto
midden: Opmarsch door den Haag. Foto rechts: Generaal Snijders, de opperbevelhebber, reikt den eerstaangekomene, den 17-jarigen H. v. d. Meer, den prijs uit. (foto s ƒ. B. Hijwians).
De damesploeg van Nereus, winster van de vierriems-overnaadsch, wordt een De heer van viooten (Laga), winnaar van het nummer Oude Skiff,
bloemenhulde gebracht.
De heer N. Guldenaar, gehuldigd voor
zijn 25e overwinning als stuurman
van de Lagaploeg.
De Lagaploeg, die met */4 lengte het nummer Oude Acht won. De Nereusploeg, die met 2 lengten het' nummer Jonge Acht won.
Een kijkje op de Braasseipermeer, het wedstrijdterrein.
DE „HOLLANDIA”-ZEILWEDSTRIJDEN
De start van den wedstrijd middenzwaardjachten.
Op het eilandje werd op de maat van de muziek der
volgbooten menig dansje gedaan.
e
SPORT-SNAPSHOTS
SCHEVENINGSCHE WIELERBAAN
Er is iets gigantesks in. Als je op ’tmidden-terrein, in de diepte haast,
tusschen de steile oploopende bochten, die zware daverende motoren
met hun fel-roode en groene tanks ziet gieren over de planken baan, met
vlak achter hen, gebogen over hun stuur, de renners in kleurige truien,
met 'n vaart van pl.m. 60 K.M. per uur, en de slanke gespierde beenen, in
snel tempo, als de zuigers van ’n machine regelmatig zich op en neer
bewegen, dan, in het donderend geraas der open knalpotten, dan pakt het
je aan, als ’n greep in je trillend zenuwen-complex. Op de bruinhouten
planken, als ’n ^oploopenden wal, waarboven, duizendkoppig, het pupliek
SCHEVENINGSCHE WIELERBAAN.
Start-wedstrijd met motorgangmaking, tusscheo Cor Blekemolen, Jan
van Gent en Leon Vanderstuyft.
schreeuwt, roept, meeleeft, op dien wal, die steil is als ’n schuin dak in
de bochten, sidderen bonkend de 32-paarden motoren, die de renners gangmaken.
Het pakt je, als ’t begint. In ’t midden ligt stil onder den blauwen zonpralenden
hemel, het groene grasveld, het midden-terrein, vlak, besloten
in de steile baanomheining. Er is weinig beweeg. Alleen de menigte, die
net boven de omheining uitkomt, behalve bij de tribune, die ’n breeden
schaduwrand werpt op het overigens in de zon glanzende gladde houten
vlak, is levendig en wacht op de komende dingen.
Smalle fietsjes worden gedragen als kinderspeelgoed, naar de schaduwplaats
voor de tribune, waar de start is. Drie rijders in kleurige truien
wandelen naar de plaats toe. Ferme kerels met gespierde beenen zijn het,
die door het gras stappen. Aan de overzijde groepen zich enkelen om de
monstermachines, waarop zware kerels, de gangmakers, zich in het zadel
zetten. Dan ’n duw van vier, vijf menschen, en daverend slaan opeens de
explosie’s van den eersten motor, de rust van het afwachtende, stuk...
Eerst langzaam, dan opeens harder, op de bocht aan, dondert de motor,
den planken vloer behamerend, voort; ’n buiging, en hij giert erdoorheen,
dat ie ’m op z’n kop ziet, als zat je in ’n vliegtuig en reed hij gewoon
op aen weg. Dan dondert de tweede motor aan, mengend z’n daverend
geweld in ongelijke mokerslagen met den eersten .... ’n Derde en de rust
van straks is verkeerd in het meest helsche lawaai van oorverdoovend motorgeweld.
Daar gieren ze alle drie door de bocht, als in drie verdiepingen
boven elkaar, dat je ’n oogenblik niet gelooven kunt, dat ze dat houden
en je denkt dat ze op elkaar zullen vallen, de monsters van motorgeweld.
Als ze aan de overzijde op het rechte eind zijn, valt ’n schot en de drie
renners, die zich achter elkaar hebben geschaard, (ditmaal van Gent,
Blekemolen en VandersuyftJ, rijden af, zwaar trappend hunne hoogegearde
machines. Maar reeds naderen de daverende reuzenmotoren over
en planken vloer aan.In ’n vaart als van projectielen werpen de gangmakers
hunne zware machines om in de bocht, dat je ze weer op den kop ziet,
en pikken ze hun renners op, die onmiddellijk er achter zitten, en rond
aat het. De spierbeenen malen, malen met regelmatige draaiingen achter
e als de beukende stormwind loeiende motoren. Het is als ’n giganten
wedstrijd, dat vliegen rond den 333 M. langen cirkel, met ronden van 19
seconden! Geen loopt in. Tot opeens langzamerhand ’t rhythmisch gedonder
van een der machines, versneld wordt, daarachter de kleine mensch
nog sneller rondmaalt en je voelt, hoe-ie wordt voortgesleurd als ’n mensch
door z’n noodlot, door de z’n tempo steeds versnellende machine.
Daar loopt-ie hard, het eerste motormonster, den anderen, even nietig
achter z’n zware, voortbeukende gangmachine lijkende rijder, meeren meer
voorbij; ziet, daar gaan ze de bocht in. De motoren schijnen zich weer
op hun zijde te werpen, de renners mee. Boven elkaar daveren ze door
de bocht... Het rechte eind!.... Van de helling gaat ’t harder. Het zijn
baanlocomotieven, achter zich den gewilligen tender meesleurend.
Maar de tender loopt hier op eigen kracht en ’t zijn menschen-beenen
die die snelheid voortbrengen, die werken onder hoogen druk.’n Donderend
gejuich stijgt op; de roode heeft den groenen „gelapt". En opnieuw davert
het roode motormonster voorop, naar z’n nieuwe prooi, no. 2, met de roodwit-bauwe
trui, vóór hem. Die loopt hard, en telkens weer gieren ze de
bochten om, twee maal in de twintig seconden, zonder elkaar op de hielen
te raken. Eenmaal haast, maar in de bocht bleef de roode achter, liep
de onderste weer door in het rechte eind, tot na veertig, na vijftig, na zestig
ronden van voortdurenden strijd tusschen de motormonsters, gevolgd door
hun renners, de bel de laatste ronde inluidt en in ’n stijgenden chaos
van geluiden, van daverend motor-gedreun, van geroep, geschreeuw en gejuich,
de roode over de witte eindstreep van de tribune vliegt, losgelaten
door z’n locomotief, die alleen als dol nog ’n baantje rond toert, en stopt.
Dan de tweede, dan ’n derde, en na het aol gedaver van zooeven, krijgen
de moede zenuwen weer rust in de kalmte die weer over ’t grasveld neerdaalt,
slechts door ’t wat nablijvend gejuich der enthousiasten onderbroken.
Het -nummer is afgeloopen.
JIMMY.
SCHEVENINGSCHE WIELERBAAN.
Voorgiftwedstrijd voor amateurs. Winnaar Swift.
NEDERL. ROTOGRAVURE-MAATSCHAPPiJ, LEIDEN.
DE ..HOLLANDIA”-ROEIWEDSTRIJDEN
|