Panorama

Blad 
 van 2380
Records 1536 tot 1540 van 11897
Nummer
1915, nr.33, 22 april. 1915
Blad
08
Tekst
PANORAMA 264 VRIJE U RTJ ES OOR PRESENTEERBLAADJE bloemen en ?udt gij van blikken presenteerblaadjes ? Als gij van mij de waarheid en niets dan deze wenscht te hooren : ik verafschuw deze voorwerpen met een gezonden hechten, weldoorvoeden haat, zij mogen dan nog zooveel vergulde tierlantijntjesen zelfs geverfde dieren, planten, al of niet in de natuur inderdaad voorkomende, vertoonen. Een blikken presenteerblaadje is ontzettend. Het herinnert aan vage cafétjes in ver-afgelegen, onwezenlijke hei-dorpjes, waar een als kellner vermomd persoon rondgaat met een blikken blad, dat nooit geheel droog en nooit geheel nat is. Ik ben door een blikken presenteerblad een bekoorlijk meisje kwijt geraakt, hetwelk ik ongemeen beminde. Hare oogen waren van het puurste blauw en verwonderlijk schoon, hare lipjes zwelden ’lijk rijpe kersen en ze te kussen was onbegrijp’lijk aangenaam. Wijders sprak zij vier talen vloeiend, kon Schopenhauer aanhalen en schilderde met wateren zelfs met olieverf. Ik' adoreerde in haar heur bevalligheid en tevens heur artistieken zin. Tot dat ik eens, op een lauwen voorjaarsavond, in Mei lm wunderschönen Monat Mai Wenn alle Knospen sprangen. bij haar en heur moeder — voor het éérst, en met woestbonzend hart — thee ging drinken. Dién avond verlcor ik een mijner illusies en het schoone meisje. Want terwijl zij mij juist omhoog geheven had in een stemming van de weekste zielsverrukking door eene weergalooze vertolking van Chopin’s Mazurka, stortte zij mij omlaag in den peilloos diepen afgrond der ordinairste ontnuchtering door plots binnen te treden, torsend een — Goden I ik zie opnieuw het misdrijf zich voor mij afspelen infaam, plat, onnoozel - bazaarsch, smaakbedervend theeblad van blik, een rond, blikken theeblad, een gespikkeld, rond, schandelijk blikken theeblad, dat als ein gewelddadige kei neerplofte in het rimpeloos vlak mijner Chopin-verzadigde zie .... Ik heb het op staanden voet afgemaakt . . . Wezenlijk, blikken presenteerbladen zijn meestentijds uiterst banaal. Wat dunkt u — zoud n wij er e ns een maken dat ,,anders is dan anders”, dat wat afwijkt van de prullen die men voor de bazaars bij tienduizenden tegelijk vervaardigt ? Bezie eens de foto, die ik maakt van het blaadje, dat ik eveneens vervaardigde. Ziet dat er wel zo o kwaad uit? En toch ging de fabricatie al zeer gemakkelijk in zijn werk. Gij kunt uw taak zelfs nog aanmerkelijk verlichten, door het blad niet in te leggen, „incrusteeren,” heet, geloof ik, de vakterm, met de vierkante stukjes paarlemoer, die gij cp de afbeelding zult opmerken, maar daardoor verliest atuurlijk uw product aan aantrekkelijkheid. Ik verwijderde deze 8 vierkante blaadjes paarlemoer van een helaas waar gehavend, ouderwetsch portret-album, maar er worden bij het whisten en andere kaartspelen vaak fiches gebruikt, die ev ngoed dienst do
PDF
Nummer
1915, nr.34, 26 april. 1915
Blad
09
Tekst
No. 34 (45b) 26 Aprilt. 3915. VERSCHIJNT 2 MAAL PER WEEK. Afzonderlijke Nummers ff 0.075 UITGAVE A. W. SUTHDFF’S U1TGEVERS=MAATSCHAPPIJ, LEIDEN = RED. EN ADM. DOEZASTRAAT 1, TEL. ff. HERDERSMEISJE. NAAR DE SCHILDERIJ VAN H. J. VAN DER WEELE. E (foto M. M. Couvée). igendom van Goupil & Cie., Den Haag.
PDF
Nummer
1915, nr.34, 26 april. 1915
Blad
10
Tekst
PANORAMA 266 Sering Spdth". Seringen, !n ’n Duitsch tijdschrift lezen wij, dat de sering wellicht onder Keizer Ferdinand I — 1556-’64—• . door den gezant Busbeck het eerst in Vlaanderen en later in het jaar 1560, ook in Weenen werd ingevoerd. In onzen tegenwoordigen tijd bestaan er reeds vele verscheidenheden van de sering, die door juiste teeltkeuze en kunstmatige bevruchting verkregen zijn. Behalve de gewone sering — (Syringa vulgaris) en de witte variëteit daarvan (Syringa vulgaris alba) vinden wij overal in tuinen en parken de zoogenaamde Fransche sering (Syringa persica) met kleine bladeren maar groote bloemtrossen. Minder bekend is de prachtige donker purperroode Sering ..Andenken an Ludwig Spath” of ook wel kortheidshalve, L. Spath genaamd, terwijl de voor bloemschikking algemeen gebruikte soorten „Marie Legray”, die zuiver wit is en „Charles X” prachtig violet, in onze tuinen minder worden aangetroffen, dan men met het oog op haren rijken bloei wel zou vermoeden. Dan bestaan er verder nog de fraaie „Syringa japonica” en zeer vele dubbelbloemige, die men bijna nergens aantreft. Van deze laatste is v» Madame Lemoine, een der mooiste, met groote, zuiver witte bloemtrossen. De vroeger zoo gezochte en beroemde Sering van Rouaan (Syringa Varina) is eene subspecies van Syringa persica en werd te Rouaan door den kweeker Varin in het jaar 1777 toevallig uit zaad van Syringa persica gewonnen en gekweekt. Niet onvermeld mag hier blijven, dat het witSenng „7Aarie Segray". gele, tamelijk harde hout van oude Syringa vulgaris-takken mooi gevlamd is. Daar dit zich uitstekend laat polijsten en met salpeterzuur fraai rood laat beitsen wordt het, vooral in Duitschland, veel door draaiers en meubelmakers gebruikt en goed betaald. Mooie stam- o.f kroon-boompjes van de beste soorten doen het uitstekend in onze tuinen en het verdient alle aanbeveling deze soorten te enten op uit zaad verkregen stammetjes van Syringa vulgaris of ook wel van Ligustrum vulgare. Het zaad wordt in den winter of ook wel in het voorjaar, omstreeks April, uitgezaaid. Zaait men het in den winter, dan zorge men er voor het tegen muizenvraat in verdunde gier te baden, dan te drogen en na het uitzaaien het bed met koolteer te besprenkelen, alhoewel deze methode te Aalsmeer nooit wordt toegepast. Het zaad ontkiemt in het voorjaar vrij spoedig. Zoodra de zaailingen de eerste blaadjes vertoonen. plant men deze op geregelde afstanden uit elkaar en mag men niet vergeten ze dikwijls te gieten en ze in de eerste groeiperiode tegen al te sterke inwerking der zon te beschutten. In den herfst of in het volgend voorjaar worden ze dan op afstanden van 50 c.M. uit de kweekerij overgeplant. Het te beplanten kweekbed wordt 50 tot 60 c.M. diep omgespit en flink bemest. In de maand Juli na het uitplanten, beter echter nog een jaar later, worden de zaailingen van Syringa vulgaris kort aan den wortelhals geënt. Ligusters daarentegen worden op eene stamhoogte van 1.5 M. tot 2 M. geoculeerd. Bij het enten op den wortelhals van een stevige, minstens drie jaar oude plant, groeit de jonge scheut veel vlugger en vormt deze spoediger een mooi kroontje, dan op een jongere onderlaag, die eerst in het voorjaar geplant werd. Seringen in vollen bloei. (foto’s ft. ‘Tepe. Seringen uit de feweefeerij der firma G, Oud, te Galsmeer). Stammetjes waarop het oculeeren in den zomer mislukt is, wat nog wel eens voorkomt, worden in het daaropvolgende voorjaar weer opnieuw geënt, hetzij men deze oculeert of op andere wijze veredelt. Is de veredeling gelukt, dan snijdt men den wildeling op een stompje na geheel af en aan dien stomp wordt de veredelde scheut gebonden, teneinde deze te dwingen recht omhoog te groeien. Zoodra ook die stomp overbodig wordt, wordt deze vlak boven de oculatie afgesneden. Het stammetje mag zich nu voortaan elk jaar' verder ontwikkelen uit den topknop. De gevormde zijtakken worden aanvankelijk ingekort en mogen pas een jaar later kort aan den stam geheel worden weggesneden, omdat deze, door hare bladvorming, den groei van den stam zeer bevorderlijk zijn. Zoo noodig, zette men er een stok bij, om den stam te dwingen recht te blijven groeien. In het derde jaar na de veredeling wordt gewoonlijk de kroon in orde gebracht en worden alle onder de kroon zich bevindende zijtakken zorgvuldig dicht aan den stam wegge sneden. Elke Sering-soort kan men gedurende den winter in daarvoor speciaal ingerichte trekkassen tot een vroegen en rijken bloei brengen en daarvoor komt wel in de eerste plaats de Syringa vulgaris en hare diverse variëteiten in aanmerking, maar ook Syringa persica is e wel geschikt voor, hoewel deze er weinig voor gebruikt wordt. Voor het trekken worden in een pot gekweekte of ook wel in Juli rondgestoken natuurstruiken, nadat de vorst er overheen is gegaan, in de trekkassen geplaatst. Deze kunnen dan om het andere jaar telkens weer geforceerd worden. Wil men de Seringen reeds heel vroeg in bloei hebben, dan wordt de methode van Prof. W. Johansen uit Kopenhagen er op toegepast. Volgens deze methode worden de struiken, voordat ze in de trekkassen worden geplaatst, in een luchtdicht gesloten ruimte, bij een temperatuur van 14 tot 18 graden Celsius pl.m. 48 uren aan op hen inwerkende aetherdampen blootgesteld. Terstond daarna worden de op die manier Sering „T\adame 7Aoreir. bedwelmde struiken, uit de aetheriseeringsruimte in de trekkas gebracht. In plaats van de licht ontplofbare aether, kan men ook zeer geschikt chloroform gebruiken. Bij toepassing dezer bédwelmingsrnethode kunnen Seringen, direct nadat de groei heeft opgehouden, nog voordat ze een korte rustperiode hebben ondergaan, of dat de vorst er overheen is gegaan, met goed gevolg geforceerd worden. De meest gevolgde forceeringswijze is echter veel eenvoudiger. Ze worden bij toepassing daarvan in een temperatuur van 25 tot 30 graden Celsius in de kassen gebracht, waarin dan een zeer vochtige atmosfeer moet heerschen, terwijl men de struiken geregeld flink met warm water besproeien moet. De zich ontwikkelende bladknoppen worden telkens gebroken, zoodat zich alleen de bloemen flink kunnen ontwikkelen. De eerste bloemen verschijnen dan na3] 2a4 weken, later echter reeds na veertien dagen. Van Syringa vulgaris zijn het voornamelijk de soorten „Marie Legray”, ..Charles X” en „LudwigSpath”, die voor forceering worden aangewend en ook de dubbelbloemige soort „Madame Lemoine”. Nergens in ons land worden meer Seringen tot vervroegden en tevens zeer rijken bloei gebracht dan te Aalsmeer, waar de vochthoudende grond daartoe bijzonder geschikt is en waar moeiten noch kosten worden gespaard om het allerbeste voor bloemschikkingsmateriaal op de markt te brengen. Vandaar worden dan ook dagelijks talrijke afgesneden Seringen naar bloemisten in binnen- en buitenland verzonden. Een der bekende Handelskweekerijen aldaar is die van de Firma G. Oud, die mij onlangs de Seringen toezond, die dit artikel illustreeren. Vooral de nieuwere soorten „Madame Morell” en „Gloire de Lorraine” wit in zacht lila overgaande, verdienen bijzondere aanbeveling. Apeldoorn. R. Tepe. Sering „©loire de Êorraine".
PDF
Nummer
1915, nr.34, 26 april. 1915
Blad
11
Tekst
267 PANORAMA Het gieten der kogels. Hét in den vorm persen der hulzen. In het laboratorium. D aartoe door hef Ministerie van Oorlog en de Directie van de Artillerie-Inrichtingen aan de Hembrug welwillend in staat gesteld, heeft een van de fotografen van de Vereenigde Fofobureaux te Amsterdam eenige interessante opnamen vervaardigd, welke te zamen een klein beeld geven van de Nederlandsche Munitiefabrieken. Er is reeds veel over dit staatsbedrijf geschreven en veel dezer beschrijvingen waren geïllustreerd. De fotograaf heeft zich daarom moeten bepalen tof hef weergeven van die kiekjes uit het omvangrijk bedrijf, welke als nog niet verschenen kunnen worden beschouwd. Zooals den lezer onmiddellijk opvalt, heeft de fotograaf bij de keuze van zijn onderwerp zich bepaald tof de samenstelling van de geschutsmunitie, de projectielen die uit kanonnen, houwitsers, mortieren van verschillende afmetingen — men denke aan de 42 cM. van de Duitschers en de 75 mM. van de Franschen — in dezen wereldkrijg zooveel van zich deden spreken. Op foto 1 zien wij het gieten der looden kogels, groote looden gladde en buitengewoon gelijkvormige ronde knikkers, waarmede het projectiel onder toevoeging van allerlei explosieve stoffen wordt gevuld en welke stukken lood. door de snelheid van het projectiel, vermeerderd met de kracht waarmede hef projectiel ontploft, dood en verderf verspreiden op de plaats waar zij neerkomen. Zeer eenvoudig en voor eiken leek begrijpelijk, is de aanmaak dezer looden kogels. Bekijkt men de tang welke de werkman (rechts op de foto) in de hand houdt, dan ziet men dat de stalen vingers in gesloten toestand verschillende holten omvatten. Zoodra dus, als de werkman links ons laat zien, het heete lood in de tang gegoten wordt, vullen deze holten zich. De stalen tang wordt telkens na eenige gietingen in koud water gedompeld, hef lood wordt in de tang sterk afgekoeld en nu kan, zooals de werkman rechts ons laat zien, de looden stang met de 12 kogels kalm en met den bloofen vinger op den grooten hoop, mede op onze foto zichtbaar, worden gelegd. Iedere werkman arbeidt met twee tangen, zoodat vele duizenden dezer kogels dagelijks door één man kunnen worden vervaardigd. Automatisch worden de kogels nu van de looden staafjes verwijderd, waarna zij nog een bijzondere bewerking ondergaan om de mooie en meest zuivere rondheid te verkrijgen. Alvorens nu deze ronde kogels met de bijbehoorende explosieve stoffen in de granaatkartetsen te bergen en ze op deze wijze aan hef gezicht van den lezer te onttrekken, begeven wij ons naar het in de kolf te zamen gebrachte mengsel van kwik, salpeterzuur en absoluten alcohol. Het einde van de kolf past in een schoorsfeengat, welke de zich vormende gassen uitlaat. Dat zulks niet langs directen weg geschiedt, blijkt uit foto 4 waar men vier groote steenen tourilles ziet, onderling door buizen verbonden, langs welken weg de scherpe en ongezonde dampen hun uitweg vinden. In deze tourilles wordt de condensatie der gassen zooveel mogelijk bevorderd. Men ziet o.a. hoe de sproeiers boven de kolven geplaatst in werking zijn gesteld teneinde de tourilles afte koelen. Door de beneden aangebrachfe kranen is geregelde aftapping — men ziet zulks op de foto — mogelijk gemaakt. Foto 5 geeft ons een biik in de werkplaatsen waar de granaten en granaatkartetsen worden afgewerkt. Op de uiterste linkerzijde van de foto ziet men een werkman bezig de projectielen dicht te schroeven. Op den voorgrond ziet men drie rijen nog open projectielen, gereed om van de afsluifschroeven te worden voorzien. Deze projectielen zijn verschillend gekleurd. Zoo zijn de granaatkartetsen rood en de granaten zwart. Dit kleurverschil is noodzakelijk, opdat de manschappen de verschillende projectielen onmiddellijk kunnen onderkennen en geen vergissing zullensbegaan. Nu richten wij onze schreden naar de zaal, waarin de granaten uiterst zuiver en nauw aansluitend op de halzen geperst worden. (Foto 6). Men ziet op de tafel de reeds gereed zijnde ladingen vóór die, welke nog samengesteld moeten worden, staan. Tenslotte een kijkje in de expedifiezaal, (foto 8), waar wij de ladingen in kistjes zien verpakken. In elk kistje is plaats voor 4 ladingen voor 7.5 c.M. veldgeschut. Bij een ietwat nauwkeurige beschouwing bemerkt men, hoe door den inwendigen bouw der kistjes, het schudden der projectielen onmogelijk is gemaakt. Tenslotte gunnen wij onzen lezers een blik op de werkplaatsen aan de Hembrug in vogelvlucht, dat wel de moeite waard is. Want hoewel op deze foto niets te zien is van de groote bedrijvigheid, welke aan de Hembrug thans te aanschouwen valt, ook deze foto levert het bewijs, dat Nederland gereed is, zijn neutraliteit te doen eerbiedigen, want hef slechts voor een deel op de foto zichtbare geschufspark herbergt verschillende soorten geschut in reserve, welke moeten dienen ter vervanging of aanvulling van de kanonnen welke thans reeds gereed staan om de kostbare lading, welke in de werkplaatsen in groote hoeveelheden wordt vervaardigd, te werpen over de hoofden van hen. die hef wagen durven Neêrlands eer, neutraliteit en onafhankelijkheid aan te tasten. De steenen tourilles. Het sluiten der granaten en kartetsen. de groote persmechine, welke met een kracht van 400.000 K.G. (en zelfs is er een van millioen K.G.) druk werkende, de gebruikte kardoeshulzen en ook de nieuwe kardoeshulzen, welke de buskruifvulling moeten bevatten, noodig om de projectielen uit de vuurmonden te schieten, in den vereischten vorm persen. Zooals te begrijpen is, wordt zelfs de minste afwijking onder een dergelijken druk door de stalen vormen weggeperst en kan men gevoeglijk aannemen, dat, of men er nu één of honderd uit de op de foto zichtbare bakken neemt, deze alle tot de kleinste kleinigheden gelijkvormig zijn. Doch ten overvloede gaan zij nog voor zij naar de vulkamer gaan, het geoefend oog van een der werklieden voorbij. Een der belangrijkste stoffen is ongetwijfeld het slagkwik, een uiterst licht ontplofbare buitengewoon gevaarlijke stof welke dient om de tonafie der springstof in te leiden. In een geheel afzonderlijk op het uitgestrekfe terrein staand gebouwtje wordt deze stof bereid en er behoeft niet aan foegevoegd te worden dat dit laboratorium dag en nacht onder nauwlettend toezicht staat. Daar bij de uiterste gevoeligheid van de daar aanwezige stoffen, geen sprake kan zijn van hef maken van fotografische opnamen met behulp van hef magnesiumlicht, moest onze fotograaf zoo goed en kwaad zulks ging zich behelpen en men ziet helaas op de foto, dat het laatste meer dan het eerste hef geval was. De zwarte mop welke men op de tafel op foto No. 5 ziet is n.1. een glazen kolf, geheel gelijkvormig aan de glazen kolf, welke de laborant op de foto in de armen houdt. De neerslag in deze kolf links zoo duidelijk zichtbaar is het slagkwik, hef resultaat van de scheikundige werking van Het afwerken der projectielen. Overzicht van de werkplaatsen aan de Hembrug. Het inpakken der ladingen. Een bezoek aan de ArtillerieInrichtingen aan de Hembrug
PDF
Nummer
1915, nr.34, 26 april. 1915
Blad
12
Tekst
PANORAMA 268 DE ENGELSCHEN TE LAND EN TER ZEE D E OORLOG I N GENERAAL. BOTHA EN ZIJN ECHTGENOOTE. Mevrouw Botha heeft een lange reis afgelegd om haar echtgenoot (met den hoed op) te bezoeken. De methode van reizen, boven op de platte spoorwegwagens, lijkt ons zeer eigenaardig. ZUIO-AFRI KA. VOOR HET VERWOESTE BELGENLAND. In Kaapstad is er geld ingezameld voor de Belgen. Het tentje, een der vete, die door de geheele stad verspreid waren, is dat van het Alg. Nederl. Verbond, afd. Kaapstad. Allerlei artikelen, die gratis waren verkregen, werden voor het goede doel verkocht, Te Kaapstad werd f8000 ingezameld; de opbrengst over de geheele Unie was f 50.000 Oorlogs-Kroniek. 9 Mrt Aan de Njemen en de Weichsel wordt verwoed gevochten. — De Russische vloot bombardeert Zoungouldak. — De Engelsche schepen „Tangisten”, „Blackwood” en „Princess Victoria” worden getorpilleerd. De Duitsche duikboot „U 8” wordt vernietigd. —In Engeland worden maatregelen genomen om meer munitie te produceeren. 10 Mrt. De toestand aan het Westelijke front is onveranderd. De Duitschers bombardeerden Nieuwpoort. — De gevechten aan de Weichsel en de Njemen worden voortgezet. — In den Duitschen Rijksdag dient de minister van Financiën de begrooting in, die met dertien milliard sluit. 11 Mrt. De Engelschen behalen een succes bij Neuve Chapelle. Westende wordt door de Engelschen gebombardeerd. Fransche vliegers vertoonen zich boven het Rijngebied. Een Engelsch aviateur werpt bommen op Menin. — Aan het Oostelijke front is de toestand onveranderd. — De Duitsche hulpkruiser „Prinz Eitel Friedrich” loopt de haven van Newportnews binnen om eenige herstellingen te ondergaan. Het blijkt dat hij elf schepen tot zinken heeft gebracht. 12 Mrt. Op het Westelijke front is de toestand, enkele kleine voordeelen der Franschen in Champagne uitgezonderd, onveranderd. — Op het Oostelijke front vallen de Duitschers bij Przasnysz aan. — Generaal d’Amade wordt tot bevelhebber benoemd van het nieuwe Fransche expeditie-korps. 13 Mrt. Op het Westelijke front doen de Duitschers tegen-aanvallen bij Neuve Chapelle, die worden afgeslagen. Bij Aubers wordt door de Geallieerden eenig terrein gewonnen. — Bij Przasnysz vinden hevige gevechten plaats. De Russen behalen geringe successen bij Lupkof en Smolnik. — De Engelsche hulpkruiser „Bayano” en 7 Britsche stoomschepen worden door onderzeeërs getorpilleerd. Ook het Zweedsche stoomschip „Hanna” wordt ter hoogte van Scarborough getorpilleerd. De „Kronprinz Wilhelm” brengt het Fransche stoomschip ,,Guadeloupe” tot zinken. DE ZEPPELI N-TOCHT NAAR ENGELAND. Een van de vanuit een Zeppelin neergelaten bommen bij Maldon, die niet ontploft is. 14 Mrt. Aan het Westelijke front wordt hevig gevochten; de Belgen maken vorderingen aan de Yser. Britsche vliegers bombardeeren Westende. — Op het OosteL front is de toestand onveranderd. 15 Mrt. De toestand op het Westelijke front is onveranderd. In de Karpathen gaan de Russen opnieuw tot het offensief over. — De Engelsche kruisers „Glasgow”, „Orama” en „Kent” verrassen den Duitschen kruiser „Dresden” bij Juan Fernandez en brengen dien tot zinken. 16 Mrt. De Engelschen heroveren St.-Eloi. De Fransche generaals Manoury en Villaret worden gewond. — De Russen treden bij Przasnysz aanvallend op. De Duitschers beschieten de Russische vesting Ossowiec. — In de Karpathen en aan de Orzice zetten de Russen hun offensief voort. — De Engelsche stoomschepen „Fingal” en „Atlanta” worden getorpilleerd. 17 Mrt. Aan het Yserfront wordt hardnekkig gestreden ; de Engelsche vloot ondersteunt den aanval der Gealliëerden. De Duitschers bombardeeren* Nieuwpoort, Soissons en Reims; Duitsche vliegeniers doen een aanval op Duinkerken. — In den Kaukasus vermeesteren de Russen Arkhave. Przemysl wordt hevig gebombardeerd. 18 Mrt. Duitsche vliegers werpen bommen op Calais. Neuve Chapelle is thans voorgoed in handen der Engelschen. — In Galicië gaan de Russen tot het offensief over. De aanvallen der Russen in de streek van Orziece duren voort. — Het Engelsche stoomschip „Glenartney” wordt tot zinken gebracht. 19 Mrt. De Franschen hervatten het offensief in Champagne en bij Verdun. In de Argonne wordt hevig gevochten. — In de Karpathen vallen de Oostenrijkers aan bij Gorlice. — De aanvallen tegen de Dardanellen-forten worden hervat. De Engelsche slagschepen „Irresistible” en „Ocean” en het Fransche slagschip „Bouvet” loopen op mijnen in de Dardanellen en vergaan. De „Gaulois” wordt buiten gevecht gesteld. De „Amethyst” snijdt de telegraafkabels door tusschen Kilid-Bahr en Tschanak. — De Engelsche stoomschepen „Blue Jacket” en „Hyndford” worden getorpilleerd. De Nederlandsche stoomschepen „De Zaanstroom” en „Batavier V” worden door een Duitschen onderzeeër naar Zeebrugge opgebracht. 20 Mrt. In de Argonne wordt de strijd voorgezet. — Op het Oostelijke oorlogstooneel is de toestand ongewijzigd. — ü' operaties aan de Dardanellen worden door ongunstig weer belemmerd. Een Russisch eskader nadert ten Noorden van den Bosporus. — In Italië hebben betoogingen plaats ten gunste van een interventie. DE ACTIE AAN OE DARDANELLEN. Een Engelsche hydroplane keert na een tocht over de forten beschadigd terug en wordt met een roeiboot naar den oorlogsbodem gesleept. DE STRIJD AAN HET SU EZ-KAN AAL.. Door de Engelschen zijn bij den aanval der Turken aan het Suez-Kanaal verscheidene bootjes in den grond geboord, die door de Turken benut werden om het Kanaal over te steken. Deze uiterst lichte bootjes zijn nu door de Engelschen bij elkander gezocht. Op alle staat de naam Constantinopel.
PDF
Blad 
 van 2380
Records 1536 tot 1540 van 11897