|
PANORAMA 178
HELGOLAND
EEN HANDIGE SCHAAKZET VAN KEIZER WILHELM
Groen is het land,
Rood is de kant,
Wit is het zand,
Dat is het wapen van Helgoland,
let edele schaaKspel is ontwijfelbaar een der
eerlijkste spelen. Eerlijk, omdat de partijen
even sterk zijn ; omdat gelukskansen geheel
J zijn uitgesloten ; eerlijk ook, omdat men (om
een kreupele beeldspraak te gebruiken) „met
open kaart” speelt. De kunst van bet schaakspel
zit ’m dan ook niet zoozeer in het zien, maar vooral
in het vóórzien. De schaakspeler die vier of vijf zetten
vooruitzien en berekenen kan, wint het on tegenzeggelijk van
zijn tegenstander, wiens bekwaamheid in deze slechts tot
een paar zetten gelimiteerd is.
_ Onze planeet is een groot schaakbord en we zien dan ook
in het wereldgebeuren de regelen van het schaakspel, zoowel
op diplomatiek als op militair terrein met succes toegepast.
In de krijgswetenschap komt die verwantschap het
duidelijkst aan het licht, en geen wonder! Als de militaire
meester-schakers besluiten een wereldtornooi te houden,
dan is dat je reinste realiteit. Ze spelen met levende
stukken en de verschillende zetten worden 's morgens en
‘s avonds, niet in een verloren hoekje, maar op de meest
in ’t oog loopende plaats van de krant aan belanghebbenden
meegedeeld. Groot en klein, jong en oud slaan het meestertornooi
gade en de werkjongen, zoowel als het bestje die
geen Dame van een Toren onderscheiden kunnen en van
schaakannotaties niet de minste notie hebben, volgen
nauwkeurig den stand van het wereldschaakspel, en laten
hun tong verongelukken over onuitsprekelijke Russische
namen, om je vol gloed te vertellen, dat de paardensprong
van Novogeorgjewsk op Przasnyz prachtig was.
En toch — worden de fijnst uitgedachte zetten door de
diplomaten gespeeld. Deze, de zetten n.l„ ontsnappen
evenwel aan de aandacht van Jan Publiek, omdat ze
niet gespeeld worden in een grootsch opgezet tornooi
doch, in stilte, als ware ’t een correspondentie-partij, slechts
gekend en gevolgd door de spelenden en enkele bevoorrechte
vrienden. Bovendien hebben de zetten, zooals dat
bij het correspondentie-schaken gebruikelijk is, slechts bij
lange tusschenpoozen plaats. Het tijdklokje tikt hier geen
minuten, maar weken, maanden, soms jaren, en hier vooral
wordt de kunst van het ver- en voorzien, vele zetten en
vele jaren vooruit, een gebiedende eisch.
Een schitterend bewijs voor deze stelling levert ons het
eiland Helgoland en de passief-actieve rol, die het in den
huidigen oorlog zoo ten volle vervult. Dit den belangstellenden
lezer van „Panorama” aan te toonen, is van dit
schrijven der lange rede korte zin.
* *
*
Wanneer we de eilanden rond onze noordkust voorbijvaren,
dan vinden we op korten afstand van den Elbemond
een eilandje, eigenlijk meer een rotspunt, zóó klein, dat
het schertsend en geringschattend den naam gekregen heeft
van „het steentje in de Noordzee.”
Dit steentje heet Helgoland! Het beslaat slechts
een oppervlakte van ongeveer 420.000 vierkanten meter,
heeft een Bevolking aan onze Friezen verwant en bestaat
uit een soort roode zandsteen. De zachte formatie van dit
gesteente maakt het eiland tot een willooze prooi der woeste
Noordzeestormen, die het zoo geweldig bekampen, dat het
in dertig jaren ruim twee duizend vierkanten meter van ziin
oppervlakte verloren had.
Het eilandje’ was ten dcode opgeschreven en de mannen
der wetenschap hadden uitgerekend, dat na 600 a 700 jaar
Helgoland in de niets ontziende golven zou verdwenen zijn.
Dit doodvonnis is het eiland ontgaan, dank zij het vérziend
vernuft der Duitsche diplomaten en het is inzonderHét
eiland Helgoland, waarvan de geheele restauratie den Duitschers f 120.000.000.— gekost heeft, is nu een van hun sterkste punten,
Het weghalen in 1890 van de Engelsche kanonnen van Helgoland, nadat Engeland het eiland aan Duitschland had afgestaan.
heid Keizer Wilhelm (overigens in het politieke schaakspel
geen „hervorragender” grootmeester en daarin bij zijn
Engelschen neef Edward verre achterstaande) het is Keizer
Wilhelm, die het gevaar van ondeigang van dit eiland voor
goed heelt afgewerd.
Wat toch is er gebeurd ?
Helgoland, het volkomen in Duitsche wateren* liggende
rotspuntje, was in 1807 door de Engelschen op de Denen
veroverd, om als steunpunt te dienen voor de Engelsche
actie tegen het continentaalstelsel van Napoleon I. Toen
eenmaal de Napoleontische tijd als een booze droom voorbij
was, bleef het eiland nochtans in Engelsche handen. De
PANORAMA VAN HELGOLAND.
bewoners bemerkten niet veel van de heerschappij van
Groot-Britannië, dat slechts door een enkel civiel ambtenaar
aldaar vertegenwoordigd werd. Ze leefden daar vreedzaam
en gelukkig van de zegeningen die het eiland hun
als badplaats aanbood, welke laatste weinig bekend, slechts
bij twee categorieën van omwonenden geliefd en berucht
was ; geliefd bij minnende en trouwlustige, maar niet trouwfahige
paren, die naar het eiland vluchtten, om daar van de,
sedert afgeschafte, „Schnelltrauung” te kunnen profiteeren ;
berucht, om die zelfde redenen door de diverse schoonouders,
die hun familiekring op ’t onverwachts met een hun
onsympathieker schoonzoon of -dochter verrijkt zagen.
Langzamerhand gingen er stemmen op, die pleitten voor
een vereeniging van dit kleine eilandje met „das Deutsche
Vaterland”, stemmen die in den Duitschen Keizer een
krachtdadige hulp vonden.
Een motief, voor dit streven was spoedig gevonden,
en een heel mooi motief, ethisch en poëtisch. Ging het aan,
zoo zei men dat het eiland, waar eens Hoffmann
von FaUersleben zijn sedert tot een nationale hymne geworden
..Deutschland, Deutschland über Alles!”
gedicht had, in Engelsche handen was? Dat aan dit streven
nog een belangrijk ver in de toekomst reikend politiek
motief vastzat, zullen we dadelijk zien.
Het zij allereerst gezegd, dat men in Engeland het
Duitsche streven niet ongezind, integendeel heel welwillend
was en daardoor de gelegenheid tot een vreedzame oplossing
spoedig geworden was. In de negentiger jaren stond
Engeland het afslijpende „Steentje in de Noordzee” aan
Duitschland af en ontving daarvoor in de plaats het Sultanaat
Sansibar in Oost-Afrika.
Wat is er om die ruil in Engeland gelachen ! Thans blijkt
ook hier, dat wie het laatste lacht, het best af is. Doch voor
25 jaar vond men in Engeland den ruil van een rijk koloniaal
gebied voor een bijna kale rotspunt, die niet eens heel lang
meer zou bestaan onuitsprekelijk dwaas en de nuchtere
Engelschman, handelsman, die hij is, becritiseerde den ruil
met de kernachtige bemerking, dat Duitschland een heel
kostuum verruild had voor een enkelen broeksknoop!
Doch nu, na den ruil kwam het politiek motief voor den
dag. Aan den waardeloozen broeksknoop werd alleen in de
eerste jaren meer dan 15 millioen mark ten koste gelegd om het
door muren en zeeweringen van zijn ondergang te redden.
Vervolgens begon men het in staat van verdediging te stellen
: holen en gangen werden in de zachte steenformatie
gegraven en van kasematten en zware Krupp-kanonnen
voorzien. En thans ligt het daar, een Duitsch Gibraltar,
als een machtige fortificatie, onaantastbaar door de gigante
Engelsche oorlogsvloot, een veilige schuilplaats biedende
aan de Duitsche onderzeebooten, een trouwe hoeder van
Duitschlands Noordkust.
„Waar twee ruilen, moet er één huilen,” zegt het spreekwoord.
Dat ’t niet de Duitschers zijn die over hun ruil van voor
25 jaar moeten huilen, wordt door de Engelschen grif toegegeven.
Ze erkennen eerlijk dat de afbrokkelende rotspunt
van weleer geworden is, tot een eiland van steen en ijzer;
en het zou hun ongetwijfeld niet slechts een kostuum maar
een geheelen uitzet waard wezen, wanneer ze den broeksknoop
weer in hun bezit hadden.
* *
*
De Simultaan-seance, door den Duitschen oorlogsschaker
ten aanschouwe van tal van neutrale belangstellenden gegeven,
verloopt voor den grootmeester niet zoo gunstig
als aanvankelijk gedacht was.
De onregelmatige opening van zijn eerste partij, een opening
die zelfs in de wetten van het oorlogsschaken verboden
en door onpartijdige arbiters ontoelaatbaar werd genoemd,
zal hem misschien noodlottig worden. Het doel van deze
opening. van zijn paardensprong in ’t Belgisch veld, was
duidelijk en is door hem volmondig erkend: hij wilde
tempo (tijd) winst behalen. Het resultaat was evenwel
negatief: hij kreeg tempo-verlies en tempoverlies
kan het bestgespeelde schaakspel noodlottig worden
en tot een schaakmat voeren.
Nogmaals de opening van de thans gespeelde militaire
schaakpartij was een groote fout van den Duitschen grootmeester
en hoe deze fout zich wreken zal in het verdere
verloop van het tornooi, is iets waarover men wel voorspellingen
maar geen zekerheid verkrijgen kan.
Dit staat evenwel vast, dat Helgoland, het „steentje”,
de „broeksknoop” of hoe men het noemen wil, een prachtpion
is, die een aantal machtige schaakstukken van de tegenpartij
tot machteloosheid doemt en een belangrijken vleugel
van ’t eigen veld beschermt en beheerscht.
En de diplomatieke correspondentie-schaker heeft met het
prijsgeven van zijn Sansibar-kasteel voor een Helgolandpion
blijk gegeven van een vèr vooruitzienden blik en een
schitterenden zet gedaan.
H. v. d. Z,
|