Panorama

Blad 
 van 2380
Records 1236 tot 1240 van 11897
Nummer
1914, nr.25, 18 dec. 1914
Blad
11
Tekst
DE KONINGVAN ENGELAND AAN ’T FRONT KONING GEORGE MET KONING ALBERT IN VEURNE. — Achter de beide Vorsten ziet men den Prins van Wales. DE PRINS VAN WALES AAN HET FRONT. De Prins van Wales en Prins Alexander van Teek, de broeder van de Koningin van Engeland, vertrekken na afloop van de revue der Belgische troepen naar hun hoofdkwartier. DE FRANSCHE OFFICIEREN, DIE KONING GEORGE AAN HET FRONT VERGEZELDEN.
PDF
Nummer
1914, nr.25, 18 dec. 1914
Blad
12
Tekst
CANADEEZEN NAAR ENGÉLAND Een nieuw contingent Canadeesche troepen scheept Montreal in. STEEDS WEER AANVOER VAN VERSCHÊ TROÊPEN. GESCHUT VOOR EUROPA. zich te De Canadeezen brengen hun eigen snelvuurkanonnen mee. NAAR EGYPTE. Australische troepen worden te Melbourne ingescheept met bestemming voor Egypte. TUSSCHEN HET KREUPELHOUT VERBORGEN. De Engelschen schijnen er een speciale methode op na te houden om hun kanonnen verdekt op te stellen. AAN HET FRONT IN NOORD-FRANKRIJK. Engelsche soldaten werpen aarden wallen op, benoodigd voor de opstelling hunner kanonnen. AAN DE YSER. De Belgische soldaten zijn reeds weken achter elkander gekampeerd in de versterkte loopgraven aan de Yser. DUITSCHE KRIJGSGEVANGENEN. Een transport Duitsche krijgsgevangenen onder Engelsche bewaking, op weg om ingescheept te worden naar Engeland. De Krijgsverrichtingen der Gealliëerden
PDF
Nummer
1914, nr.25, 18 dec. 1914
Blad
13
Tekst
DE RUSSISCHE CAMPAGNE IN POLEN DE KOZAKKEN. Bij de foto's, die wij reeds reproduceerden van verschillende typen van Russische kozakken, mag toch zeker bovenstaande niet ontbreken. EEN RUSSISCHE BEZETTING. Russische troepen zijn een stad in Polen binnengetrokken. Men lette op den soldaat, middenrechts op de foto, die een lekker hapje voor het middagmaal heeft bemachtigd. OORLOGS-KRONIEK. 4 Dec. Aan het Oosteliike front zijn de gevechten het hevigst in de streek van Lobitz. Aan de overzijde der Karpathen namen de Russen Bartfeld. waarbij zij 8 officieren en 1200 man namen en 6 mitrailleurs veroverden. 5 Dec. Aan het Westelijke front is de toestand ongewijzigd. Aan het Oostelijke front maakten de Russen enkele kleine vorderingen. 6 Dec. Een aanval der Duitschers op het dorpje Woldendreft door de Franschen afgeslagen. — Op het Oostelijke front wordt in de omgeving van Lodz verwoed gevochten. — De Hongaarsche regeering vaardigde een decreet uit, waarbij den bakkers wordt verboden om bij het bakken van wit of bruin brood meer dan 80 p. ct. tarwe of roggemeel te gebruiken. Men vreest een te kort aan graan. 7 Dec. Het Fransche communiqué luidt: „Er vak geen nieuws te vermelden". — Aan het Oostelijke front hebben de Duitschers Lodz bezet. De Russen trekken zich op dat punt terug. 8 Dec. Tusschen Béthune en Leur is het den Franschen gelukt Vermelles geheel te ontzetten en een stelling oostwaarts te nemen. Op verschillende punten maakten zij merkbare vorderingen. — Aan het EEN OOSTENRIJKSCH GRAF BIJ KRAKAU. Een der graven, zooals men er zoovele in de omgeving van Krakau vindt. Op het ruw houten kruis ziet men de pet van den gesneuvelde; de kolf van zijn geweer steekt boven het graf uit. Oostelijke front is te toestand ongewijzigd. — De Serviërs hebben den Oostenrijkers een nederlaag bereid: de Oostenrijksche rechtertervleugel is verslagen en vlucht terug. De Serviërs maakten vele gevangenen en vermeesterden veel kanonnen. — De Duitsche keizer is tengevolge van een koortsachtige bronchiale Catarrh licht ongesteld. — Het Russische leger dat in den Kaukasus opereert heeft zich meester gemaakt van Serai en Kashkal. De Turken vluchtten na een wanhopiger! tegenstand te hebben geboden in de richting Van, vele dooden en krijgsmateriaal achterlatend. 9 Dec. Een hevige Duitsche aanval op St.-Eloy en het Zuiden van Ypeien is afgeslagen. Er wordt nog steeds gevochten in de bosschen en in het Oosten van Argonne. — Op het Oostelijke front behaalden de Russen eenige partieele successen waarbij zij talrijke gevangenen maakten en vele kanonnen veroverden. De Russen zetten het offensief voort. — In den Atlantischen Oceaan zijn door de Engelschen de Duitsche kruisers: ..Gneisenau”, .,Scharnhorst”. „Leipzig’’ en „Nürnberg” in den grond geboord. 10 Dec. Het Fransche communiqué vermeldt slechts een voortgang bij Parvilliers.— In het Oosten probeerden de Duitschers een gelijktijdig offensief dat werd afgeslagen. DOOR DE SLECHTE WEGEN. Een Russische transportkar, bespannen met een Siberische pony, is door de slechte wegen omgevallen. HET MAKEN VAN LOOPGRAVEN. In den bevroren grond van Polen is het voorwaar geen gemakkelijk werkje de kilometerslange loopgraven aan te leggen.
PDF
Nummer
1914, nr.25, 18 dec. 1914
Blad
14
Tekst
PANORAMA KOE IK EEN SUIKERHUMORESKE DOOR COR Z. et is toch eigenlijk belachelijk hoe dol sommige menschen zijn op geld. Ik ben eigenlijk de eenige Meier, die nog nooit op de geldjacht is geweest; ik vind, eerlijk gezegd, de jacht op jonge aardige meisjes een veel amusanter sport. Dat komt waarschijnlijk, omdat alle meisjes op me afkomen als vliegen op suiker. Ik heb jelui nog niet verteld dat ik een broer heb, is ’t wel ? Jakobus heet hij, dat wil zeggen hij noemt zich altijd Jacques, moeder zegt Jakob, maar ik noem hem Jaap, da’s kort, soms om ’m te judassen Ko, da’s nog korter. Nou dan, Jaap is tien jaar ouder dan ik, dat wil zeggen : zes en twintig. Hij is een knappe jongen, ja werkelijk, ten minste hij heeft bijna net zoo’n knap gezicht als ik, nou dat zegt genoeg. Het malle in dien jongen is echter, dat hij de meisjes zoo ernstig neemt. Als hij ze vraagt en ze zeggen „nee”, dan gelooft hij dat, de ezel! Ze zeggen allemaal bij ’t begin. Da’s juist een van d’r aardigheden ! is advokaat of zoo iets. Hij verdient al f2QQQ per jaar; de helft er van spandeert hij echter aan cadeautjes voor Lize Mulder. Daar is t-ie doodelijk van ! De Mulders zijn echter zoo arm als een kerkrat en vader zegt altijd : „armoe is een molensteen rondom je nek !” Ik zeg: ’t is ’n verkoudheid en wij Meiers hebben ’t allemaal leelijk te pakken 1 ’t Is wel lam dat de Mulders, wat het aardsche slijk betreft, net zoo proper zijn als de Meiers, want nu heeft de oude Mulder in zijn hoofd gezet, dat Lize een rijken man moet trouwen. Daar zat ’m nou de kneep. Jaap was verteld dat hij Lize maar de bons moest geven, anders zou zij het hem doen. En hij is dol op haar, dat kan ik je op een briefje geven. Vader wil hebben dat hij een ander meisje trouwt, Comelia Bakker, een met een gezicht als een buldog en een humeur als heete peper. We eten altijd gehakt op Woensdag en Jaap is dol op gehakt; dien dag liet hij evenwel al zijn eten staan en zag hij er uit als een zieke schelvisch. Ik klampte hem aan, zoodra we alleen waren. „Zeg ereis, ouwe jongen,” zei ik, „’t is niet goed dat jij je zoo erg aantrekt, dat je dat meisje niet krijgen kunt. De ouwe heer is op dat gebied erg dom. Hij weet niet wat goed is, al ziet hij ’t voor ’em I Maar daarom behoef jij niet te gaan vasten. Daar heb je jezelven mee te pakken. ’t Is in allen geval beter dat jij ’t meisje de bons geeft, dan dat zij ’t jou doet. Toen Mina' Verhorst, dat schaap, niets van me wilde weten, verleden jaar, was ik leelijk in m’n wiek geschoten. Ik ging naar iedere begrafenis kijken om een beetje tot rust te komen. Eerst heb ik me willen verdrinken, maar het was gelukkig winter en ’t water erg koud. Daarom besloot ik te wachten tot den volgenden zomer als het water wat warmer zou zijn. Nou, en toen het zomer was, was ik weer verliefd op een ander meisje. In allen geval vind ik ’t beestachtig naar voor jou, ouwe jongen !” Jaap is geen kwaje vent; hij scheen bepaald verheugd over mijn advies. „Ja, maar je begrijpt ’t niet geheel en ai, Wim,” zei hij. „Lize is een nobel meisje, lief zonder weerga. Ze is ....” „Ja, ja, schei maar uit,” viel ik hem in de rede. „Dat heb ik juist zoo gisteren in het feuilleton gelezen. Kijk eens hier Jaap ! Haar vader is er tegen, omdat je niet genoeg nee Jaap „Wel, waarom schrijf je dan niet aan oom Jasper? Hij heeft zooveel duiten, dat ie er zich wel in kan begraven. Ja, ik weet wel dat hij ruzie gehad heeft met den ouwen heer, omdat die met moeder getrouwd is en dat hij nou al in vijf en twintig jaar niet bij vader geweest is. Ik geloof echter zeker dat hij er gruwelijk het land over heeft en graag weer zou willen bij draaien. Schrijf hem daarom een brief en vraag hem naar zijn gezondheid en dan onderaan in een postscriptum zeg je hem dan, dat je een 5 & 6000 gulden per jaar noodig hebt en vraagt hem of hij je niet aan een fatsoenlijke betrekking kan helpen. Wel, dan schrijft hij je terug en maakt je tot zijn erfgenaam !” Natuurlijk begon Jaap hartelijk te lachen; dat was juist wat ik van hem verwachtte, want hij heeft niet half zooveel hersens als ik en is niet eens in staat om een goed plan te begrijpen al wordt het hem nog zoo duidelijk gemaakt. Hij weigerde eenvoudig te doen wat ik hem had aanbevolen, wat ’n eend hè! Ik geloof dat hij den volgenden dag getrouwd zou zijn als hij er kans toe had gezien. Er moesten eigenlijk inrichtingen bestaan voor verliefde menschen, waar ze konden worden opgesloten tot de ergste tijd voorbij was. In dat geval zou ik graag van mijn zakgeld voor Jaap een plaatsje besproken hebben. Hij durfde me namelijk op mijn mooie plan te antwoorden dat ik nog maar een joggie was, van wien men niet kon verwachten DE ZEESLAG IN DEN ATLANTISCHEN OCEAAN De Duitsche kruiser „Gneisenau”, die in den grond geboord is. De eveneens bij de Falkland-Eilanden in den grond geboorde Duitsche kruiser „Schamhorst”. Deze twee schepen, die van hetzelfde type zijn, werden in 1909 voltooid, hadden ieder een waterverplaatsing van 11.600 ton. Elke bodem was bemand met 765 koppen. Ko was, en dat zijn verstand al net zoo groot was als zijn naam. Nou had ik ’t heelemaal gedaan. Hij ging naar zijn kamer, schopte onze kat er uit en sloot de deur. Ik wist allang dat ik den spijker op z’n kop geslagen had. Daarom besloot ik zelf het plannetje verder uit te werken. Zoodra het diner den volgenden dag was afgeloopen en vader zijn middagslaapje deed, begaf ik mij naar de woning van den heer Mulder. Hij woonde een kwartier van ons vandaan. Het liep me mee, want hij was thuis. Ik gaf aan het dienstmeisje een van vaders kaartjes, waarop ik met inkt „Wim” geschreven had en werd eenige oogenblikken later in zijn studeerkamer gelaten waar ik de gemakkelijksten stoel uitkoos. „Goeden avond!” zei hij. Hij zat voor zijn bureau een brief te schrijven en keek mij een oogenblik over zijn bril aan. Ik denk dat hij mij wou doen gelooven dat hij het druk had. „Kom je een brief van je vader brengen, he?” „O neen,” antwoordde ik. „Ik kom over zaken spreken 1” Hij legde zijn pen neer en keerde zich om in zijn stoel. „Ja, ’t is over mijn broer,” ging ik voort. „Ik ben Willem Meier, zooals u weet. Ik vind, u behoort op de hoogte te zijn van een familiegeheim, voordat u aan Jaap toestemming geeft om met Lize te trouwen. Wij Meiers zitten er niet te ruim bij, maar Jaap wordt millionnair binnen een paar dagen !” „Wat zeg je daar?” riep Mulder in de grootste verbazing uit. „Ja, natuurlijk I De zaak is deze: we hebben een oom, een broer van mijn vader, Jasper Meier en die ligt nu op sterven. Hij bezit ruim twee millioen en wat het mooiste is, hij is van plan om Jaap tot zijn eenigen erfgenaam te maken. Ik geloof niet dat hij nog lang leven zal; hij zal wel voor Maandag uitgestapt zijn. Daar wil ik mijn laatste dubbeltje op verwedden.” „Dus je wilt zeggen 'dat je broer twee millioen zal erven ?” „Het zal wel meer zijn,” antwoordde ik. „Ik weet niet precies hoeveel, maar eenige duizenden meer of minder maakt geen verschil. En Jaap is een uitstekende kerel. Mij dunkt ze konden Zaterdag best ondertrouwen, dan behoeft Jaap niet op de begrafenis te komen; want het is niet zoo’n gemakkelijk werk om achter je zakdoek te loopen huilen, als zoo’n begrafenis je opeens tot een rijk man maakt, ’t Is onbegrijpelijk hoe goed sommige menschen dat doen kunnen!” De heer Mulder stond op en legde zijn hand op mijn schouder. ,5Ik kom morgennamiddag tegen het diner bij jullie aan,” zei hij, „en ik zal je vader vertellen dat ik mijn volle toestemming geef.” „Goed, maar praat niet over oom Jasper en de duiten,” waarschuwde ik, „want vader is erg ontdaan en hij wil er niets van hooren.” „Mijn jongen, ik zou trotsch zijn om jou als schoonzoon te hebben,” zei de oude hypocriet. „Ik zal goed onthouden wat je me verteld hebt. Kom, laat me dadelijk met Lize gaan praten.” Ik liet hem gaan, want om je de waarheid te zeggen, had ik ’t een beetje dikker aangelegd dan mijn. plan geweest was. Hij slikte echter alles — en gretig l Zoo, zoo I Ik holde nu naar huis terug om aan Jaap te vertellen, dat hij over veertien dagen zou trouwen, want dat de oude Mulder er niet de minste bezwaren meer tegen had. Jaap deed me geen enkele vraag; hij was niet eens nieuwsgierig : Enfin I Hij is ook geen meisje ! Het is toch gek, hè, hoe soms de beste en de verstandigst opgezette plannetjes in de war worden gestuurd. Den volgenden dag gebeurde er iets zeer buitengewoons, „DE NURNBERG”, die met de „Dresden” zich trachtte te redden door te vluchten, is door de Engelschen achterhaald en eveneens in den grond geboord. De „Nümberg’* werd in 1906 te water gelaten, had een waterverplaatsing van 3450 ton en telde 295 koppen. DE „DRESDEN”, die op ’t oogenblik dat wij dit schrijven, nog door de Engelschen achtervolgd wordt. OOM VOND.
PDF
Nummer
1914, nr.25, 18 dec. 1914
Blad
15
Tekst
geheel vernietigd te worden. Vader was voor zaken uit en moeder was inkoopen gaan doen, want de oude Mulder had belet laten vragen en zou ’s middags blijven dineeren. Ik was dus alleen thuis, toen Kee, onze keukenfee, kwam zeggen dat er in het salon een oude heer was om mijnheer Meier te spreken. Er zat dus niets anders op, dan dat ik naar voren ging. De oude stond op toen ik binnentrad; hij scheen min of meer zenuwachtig. ,,Vader is uit en daarom kom ik maar,” zei ik. ,,Als het iets bijzonders is, dan kan ik zwijgen.” „Zoo, ben jij een zoon van Timotheus ?” „Ja, ik ben een zoon van mijn vader,” antwoordde ik. „Da’s te zeggen, Jaap is de oudste, maar ik kom in de zaken van papa. Komt u dus voor zaken, vertel dan op. Vader had u zeker vandaag niet verwacht.” „O, neen, neen, natuurlijk niet 1” zei hij met een grijns. „Ik ben je oom Jasper I” Ik weet niet zeker meer of ik flauw gevallen ben, maar dat ik er dicht bij was, is zeker. „Bent u oom Jasper, die twist met vader heeft gehad ?” „Juist, mijn jongen, maar ik heb al lang spijt gehad van de woorden, die ik je vader heb toegevoegd en nou ben ik gekomen om de zaak weer bij te leggen. Ik word een dagje ouder en het zal zoo lang niet meer duren of ik zal van mijn geld en goed afstand moeten doen.” „Dat kun je wel dadelijk doen,” zei ik, „want Jaap gaat trouwen en zal wel wat geld kunnen gebruiken.” „Neen, ik meen dat ik zou kunnen sterven.” „O, is ’t anders niet 1 Maar wat ik zeggen wil, is het wel erg verstandig om zoo plotseling uit de lucht te komen vallen ? Moeder heeft geen sterke zenuwen en dat zou haar bepaald in de war brengen.” „Maar je vader noch je moeder zullen me herkennen, want ik ben in de vijf en twintig jaar dat we elkaar niet gezien hebben, erg veranderd.” „Dat doet er niet toe,” zei ik. „Ik vind het een gevaarlijke geschiedenis. Het zou veel beter wezen als je maar weer wegging. Bepaal een anderen dag, bijvoorbeeld over 3 maanden en in dien tusschentijd zal ik hen voorzichtig op de ontmoeting voorbereiden.” „Nee,” antwoordde die ouwe stijfkop, „ik wil ze vandaag zien !” Ik kan je verklaren dat ik een gevoel had, alsof iemand een portie roomijs tusschen mijn halsboordje had laten glijden. Maar, ik herinnerde mij dat ik een Meier was en dat gaf me mijn koelbloedigheid weer terug en tegelijk een goed idee. „Luister eens,” zei ik, „als je toch met alle geweld blijven wilt, dan is ’t beste, dat je ’t incognito doet. Kijk, ik zal dan in het gesprek je naam noemen en als ze je niet graag zien, kun je ongemerkt uitknijpen als een uitgebrande smeerkaars, zonder dat ze weten dat je ’t zelf geweest ben. Maar als ze je werkelijk zien willen, wel, dan zal ik je waren naam noemen en dan is de zaak gezond. Hoe vind-je ’t?” „Uitstekend !” riep hij uit. „Nou dan, mijn leeraar in de natuurkunde zou vanmiddag hier komen eten; vader is bijna dol op natuurkunde. Nou heeft-ie, de leeraar namelijk, daar straks een boodschap gestuurd, dat hij onmogelijk komen kan. Tusschen ons gezegd en gezwegen, hij heeft een meisje aan de hand, maar da’s zijn zaak, en ’t komt ons goed te pas. Alles wat je nu maar te doen hebt is, dat je je laat voorstellen ais de heer Jansen, leeraar in de natuurkunde aan de H. B. S. en klaar is Kees I” Ik geloof dat hij dat idee van mij bepaald geniaal vond, ten minste hij stemde dadelijk toe en dat was maar goed „EENZAAM”. Van links naar rechts: C. Dommelshuizen, Cor v. d. Lugt-Melsert, Cor Ruys. PFM7A AM” FïOfTR HIK P-ï A C' T4PQPPT PRQ” Van uit Indië was de faam over9ewaaid naar Den Haa9 over de superieure vertooning, die, „in het land van smaragd” dezen zomer Verkade van Fabricius' AïAïAlVl , i7vyv/I\ L/lIl invniLOI . „Eenzaam” gegeven had, en al wat in den Haag Indisch is of Indisch voelt, was naar Verkade^s zaaltje opgegaan, om weer iets terag te voelen en te proeven van Indische atmosfeer en Indischen toon, en in heimwee terug te denken aan den Indischen tijd, die — nu hij eenmaal onherroepelijk voorbij is — louter herinnering van geluk biedt. Een genot om de couleur locale vloeide over op het spel van èlle spelers, en men genoot van Anton Verheyen als planter, type van levenslust en gezonden geest, van Tilly Lus, louter liefelijkheid, teederheid en innigheid, van Dommelshuizen als dokter de Wilde — van Cor Ruys, en eindelijk en allereerst van Cor van der Lugt Melsert, die met zooveel illusie naar Indië kwam en door de eenzaamheid van het leven op een buitenpost tot krankzinnigheid vervalt en zich ten slotte ophangt.. uua, wam rv up nwani n hem voor als den heer Jansen, onzen nieuwen leeraar en nam hem toen mee de stad in, waar we zoolang bleven wandelen tot het tijd voor het diner was. Ik moet zeggen, ’t was een leuke ouwe baas; ik bemerkte echter met schrik, dat hij net zooveel van natuurkunde afwist als onze kat of eigenlijk nog minder, want die vliegt het huis door als er storm op til is. Ik kocht daarom onze meid om met de helft van mijn zakgeld, opdat ze mijn bord naast het zijne zette, zoodat ik hem kon bijspringen als vader hem soms met zijn vragen het vuur wat al te na aan zijn schenen mocht leggen. Graag had ik den ouden sukkelaar nog een lesje ingegeven, maar de gong luidde en we gingen naar beneden. i. m ovcsivai. Vader en de heer Mulder waren zoo druk met elkander in gesprek dat ik bijna de geheele nachtmerrie over oom Jasper vergeten was, toen we aan het dessert genaderd waren. Ik was juist bezig den ouden baas naast me te vertellen van mijn voetbalclub, toen de idioot met vader GEZONKEN. Vermoedelijk door het laten openstaan der buitenboordskraan, is een der booten van de bekende firma Bus, in het Spaarne te Haarlem gezonken. De lading bestond hoofdzakelijk uit drukwerk (prentenboeken) van de firma Emrik & Binger, met bestemming voor Engeland. over het weer begon te praten. Nou, dat is net een stokpaardje van vader en hij is er goed in thuis, werkelijk ! „Ik geloof bepaald,” zei vader, „dat de groote hoeveelheid regen van den laatsten tijd een gevolg is van de verschillende phasen van de maan.” „Verschillende faces van de maan! Ik weet niet beter of ze heeft er maar één,” antwoordde de oude gek, niet wetende dat hij de grootste stommiteit uitkraamde. „Och, ’t is al zoo lang geleden dat ik natuurkunde studeerde, dat ik alles verg. ...” Het gelukte mij den voet van den ouden zondaar onder tafel te vinden en wat ’n bof, juist den voet waar hij een paar eksteroogen ophad. Nou, dat heeft-ie geweten hoor! Hij sprong van pijn de hoogte in, doch ik duwde hem weer in zijn stoel. „Wees toch stil,” fluisterde ik, „of er gebeuren ongelukken.” „O,” ging vader voort, „jullie vaklui hebben geen studieboeken meer noodig 1 Jelui hebt den Helicon reeds lang bestegen, hè ! Ik heb mij altijd verbaasd over het effect dat de zonnewarmte op de aarde heeft. Ik ben overtuigd kunnen.” „Da’s waar,” antwoordde oom Jasper. „Bij voorbeeld tijdens de heete dagen van dezen zomer was er bij mij in den omtrek geen bier meer te krijgen, omdat door de warmte het volk zoo’n dorst had, dat ze alle bierhuizen leegdronk.” De toestand werd gevaarlijk. Ik was ten einde raad en zat te peinzen hoe de zaken nog te kunnen redden, toen, voordat ik goed wist wat hij eigenlijk ging uitvoeren, oom Jasper opstond met zijn glas in de hand. „Ik wil een toost uitbrengen,” zei hij, „en tegelijkertijd wensch ik u allen een geheim te openbaren. Ik ben . ...” Van wanhoop stampte ik letterlijk op zijn voet, juist bijtijds, want met een kreet van pijn zonk hij op zijn stoel neer, zonder zijn naam genoemd te hebben. „Blijf toch zitten, idioot,” fluisterde ik hem toe. „Moeder krijgt een ongeluk van schrik. Ze denken allemaal dat je dood bent, en als je nu ineens levend wordt, heb ik ’t gedaan I” „’t Kan me niet schelen,” zei de ouwe dwarskop. „Ik ben niet dood en wil voor geen mensch zijn plezier dood wezen als ik nog levend ben. Dames en heeren .... het spijt me dat ik het zeggen moet, maar . .. .” De kamerdeur ging open en in de opening verscheen onze dienstbode met een langen heer achter zich, dien ik tot mijn schrik herkende, voordat Kee de familie toeriep: „Mijnheer Jansen 1” Krampachtig hield ik den rand van de tafel beet en wenschte in stilte, dat ik een slak was met een huisje op mijn rug, waar ik in verdwijnen kon. Ik moest nu echter door den zuren appel heenbijten. „Mijnheer Jansen 1” riep vader in de hoogste verbazing uit en toen woedend tegen oom Jasper: „Maar, voor den drommel, wie is u dan, mijnheer?” „Timotheus, heb je in de kwarteeuw dat we elkander niet zagen vergeten dat je nog een broeder hebt?” vroeg nu oom op bewogen toon. „Ik ben Jasper Meier, je broer I” Ik zag vader in zijn stoel neervallen en zenuwachtig zijn servet verfrommelen, terwijl moeder de punt van haar zakdoek tegen haar oogen hield. Van de algemeene ontroering maakte ik intusschen gebruik en smeerde ’m, de kamer uit, en den tuin in, waar ik een duren eed zwoer om nimmer meer zoo lang ik leefde, een erfoom op te duikelen. Voor niemand meer, al was ’t mijn eigen broeder. Tien dagen later. — Het ligt toch bepaald aan mijn wonderbaarlijk vernuft, dat ik steeds het rechte ding doe op den rechten tijd. Het einde van de geschiedenis was dat oom Jasper aan vader vertelde, dat hij ons was komen bezoeken om te vragen of Jaap deelgenoot in zijn zaak wilde worden. Oom gaf mij toen hij weer vertrok een rijksdaalder en beloofde mij dat ik op zijn kosten naar de Militaire Academie mag te Breda. Hiep, hiep, hoera 1 Jaap zegt, dat ik toch een pientere jongen ben en Lize gaf me een klein gouden hartje van haar armband. Zeg ’t niet verder, ik heb het hart aan Elze gestuurd in een stuk papier, waarop ik geschreven had : ? ? ? Dat was een herhaling van een vraag die ik haar een paar weken vroeger gedaan had. Van morgen kreeg ik haar antwoord. Hier is ’t. „Ja. — Elsje!” „EENZAAM”. Cor v. d. Lugt-Melsert als Willem v. Bijlevoorde.
PDF
Blad 
 van 2380
Records 1236 tot 1240 van 11897