Panorama

Blad 
 van 2380
Records 1191 tot 1195 van 11897
Nummer
1914, nr.22, 25 nov. 1914
Blad
14
Tekst
PANORAMA HULP UIT AMERIKA. Te Rotterdam kwam het stoomschip „Tremorvah” uit Halifax aan, met een waarde van l’/4 millioen gulden aan kledingstukken en voedingsmiddelen, in Amerika voor de Belgische vluchtelingen bijeengebracht. 3G EEN TREURSPEL 9S IN DE LUCHT 9G VERKORTE INHOUD VAN HET GEDEELTE UIT HET VORIGE NUMMER Ik had op ’t gebied der luchtscheepvaart een verrassende uitvinding gedaan. Ik had namelijk een apparaat uitgevonden, waardoor een vliegmachine, die tijdens haar vlucht een defect kreeg, geen noodlanding behoefde te doen. maar kon blijven zweven, tot het defect hersteld was. Mijn patroon en zijn dochter wenschten mij geluk. Het speet mij echter dat ik den wensch van mijn patroon om zijn dochter te huwen, niet kon inwilligen: ik had mijn hart reeds weggegeven aan Lize, mijn verloofde, die mij wachtte in het dorpje, waar wij beiden geboren waren. Gelukkig nam mijn patroon de zaak noaal kalm op, maar hij was erg bezorgd voor zijn dochter die mij innig liefhad. Toen wij den proeftocht gingen maken, scheen mijn patroon in ’t geheel niet meer te denken aan mijn weigering, tenminste, toen wij hoog in de lucht waren, en mijn uitvinding een succes bleek, schonk hij mij en zichzelf een glas wijn in om den goeden uitslag te bekrachtigen. Nauwelijks evenwel had ik van den wijn gedronken of ik zeeg bewusteloos neer. Toen ik weer uit mijn bewusteloozen toestand ontwaakte was het nacht en lag ik, vastgebonden op een plank, met het aangezicht naar beneden, dwars over de aëroplaan. Ik slaakte een doordringenden kreet van angst. churk 1” schreeuwde ik. „Moordenaar 1” „O ga je gang, hoor! Schreeuw maar raak!” „Neem mij op, mijnheer,” smeekte ik. „Om Gods wil, neem me op !” „Je ligt daar pas tien minuten !” „Leugenaar,” riep ik uit. „’t Is nu nacht. Ik ben verstijfd van de kou I” „Je zult nog wel kouder worden, wacht maar,” antwoordde hij. „Wil je me vermoorden ?” vroeg ik. „Je wou me de / 50.000 terugbetalen, hè, maar weigerde mijn dochter te trouwen. Ha, hal Ik zal de touwen doorsnijden en je laten vallen. Je zult al je beenderen in je lijf breken in de zee beneden en onmiddellijk verdrinken. Dan zal ik je apparaat overboord werpen en je zult vergeten worden als andere mislukte slachtoffers der wetenschap.” Weer schaterde Riel het uit, een duivelsche lach, terwijl ik schreeuwde, vloekte en bad in mijn angstwekkenden toestand. Ik wist dat hij woord zou houden. vWe zijn thans vijfduizend voet,” riep hij mij toe. „Haal mij naar binnen en ik geef je mijn uitvinding cadeau,” kreet ik. Hij lachte slechts zijn waanzinnigen lach. Toen berustte ik; ik wist dat mijn lot bezegeld was. Mijn eerste schrik was over, en kalm wilde ik mijn vreeselijk einde te gemoet gaan. Mijn hart brak mij evenwel bij de gedachte aan mijn geliefde Lize, die thuis tevergeefs op mij wachten zou. De tranen bevroren op mijn wangen, want het was op deze hoogte bitter koud. Het zou een heele val zijn, dacht ik, terwijl ik naar de zee daar heel ver in de diepte staarde. Ik vroeg mijzelven af hoe lang ik wel zou vallen, of ik dood of bewusteloos zou zijn als ik benedenkwam. Toen hoorde ik Riel weder. „Franklin !” „Ja!” „Ik hoorde je niet meer, ik dacht dat je bewusteloos was.” „Ik ben niet bang!” „Nu ga ik het touw doorsnijden !” lachte hij. Ik voelde het mes zagen langs het touw waaraan ik hing en huiveide. Plotseling gebeurde er iets onvoorziens: Riel had zich te veel voorovergebogen, zijn evenwicht verloren en was uit het vliegtuig gevallen. Hij was nu dood, het lot dat hij mij had toegedacht, was het eerst zijn deel geworden. En ik ? Ik was door den schok plotseling van de aëroplaan afgeschoven en hing nu met mijn hoofd naar beneden onder aan de vliegmachine. Ze zeggen mij nu dat het alles waanzin was. Dat mijn uitvinding een mislukking was en mij zenuwziek maakte; dat ik geen luchtreis gemaakt heb, maar al dien tijd hier ziek was, waar ze me dag en nacht bewaakt hebben. Ze denken dat ik niet weet, dat ze me maar wat voorliegen. Dagelijks zie ik het gelaat van Riel, hij staart me dan aan. Ik weet echter dat hij dood is. Hij heeft nu een treurigen blik in zijn oogen. Ik denk dat hij berouw heeft.” Bovendien, toen ik de luchtreis begon, had ik zwarte haren, en thans zijn ze wit als sneeuw. EEN WEDREN OM EEN — VROUW—= et was aan den vooravond van den wereldberoemden wedstrijd Parijs—Berlijn, dat in een rustig en deftig hotel te Parijs twee heeren zaten te praten onder het genot van koffie, likeur en sigaretten. Het waren twee bekende autorenners en ze spraken natuurlijk over den wedstrijd van den volgenden dag. Wilson Knox, de oudste, was rijk, bewoog zich in de beste kringen en had een krachtige gestalte en ijzeren zenuwen. De andere, Claude Parsons, was klein, doch lenig en gespierd. Zijn wereldlijke bezittingen waren vrijwel nihil, doch hij hoopte den volgenden dag vijftigduizend gulden te winnen, hem beloofd door de autofabriek, wier auto hij bereed, als het hem gelukken mocht het eerst aan te komen. Oogenschijnlijk vrienden waren ze elkanders mededinger niet alleen op sportgebied, doch op een nog veel gevaarlijker terrein : ze beminden beiden hetzelfde meisje. Deze was in Parijs met haar vader en zou morgen getuige wezen van den afrit. Geen der beide minnaars wist evenwel nog aan wien het meisje de voorkeur gaf. Wilson Knox trok nadenkend aan zijn sigarette. „Parsons,” zei hij plotseling, „ik krijg daar een idee.” Zijn vriend keek hem vragend aan. „Ik zal morgen met je rennen om Winifred Hartford!” Het was een groote inzet; een inzet, die, als hij verloor, een leven van bitter verwijt zou ten gevolge hebben. „Ik bedoel,” ging Knox voort, „als jij vóór mij Berlijn bereikt, zal ik mij niet meer vertoonen in het gezelschap van Winifred en aan jou de gelegenheid laten haar te vragen en omgekeerd. Ik stel slechts één voorwaarde, namelijk deze : als jij wint vertel je aan Winifred van onze weddenschap en — hoe je aan je auto gekomen bent1” „Wat bedoel je ?” riep Parsons uit, bleek en zenuwachtig. „Alleen dit,” antwoordde Knox, kalm een cheque ten bedrage van tienduizend gulden te voorschijn halende. Hij gaf het aan zijn vriend, nauwkeurig diens gelaat bestudeerende. Deze zag het in, gaf een schreeuw en liet de cheque op den grond vallen. „Parsons,” zei Knox rustig, „ik ontdekte dit eerst eenige dagen geleden, toen de bank het mij zond en vroeg of de handteekening wel in orde was. Ik antwoordde bevestigend, doch wist maar al te goed van wien de handteekening was en waarom ik de vorige week mijn cheque-boek miste. DE UITWERKING DER MIJNEN. EEN WATERZUIL VAN 34.5 METER. Nadat wij uit de courantenberichten de verschrikkelijke gevolgen van het springen der mijnen hebben gelezen, bemerken wij thans ook in ons land helaas de heftige kracht dezer vernielers. Geheel Nederland voelt diepe sympathie voor de slachtoffers der mijnontploffing in Zeeland. Welke de kracht der mijnen is, kan uit bovenstaande foto worden afgeleid. VOOR DE BELGISCHE VLUCHTELINGEN Nieuw-Schotland, Canada enz. wedijverden in het bijeenbrengen van goede gaven voor de Belgen. De vaten en tonnen waren met van sympathie getuigende opschriften voorzien. Aan boord van de „Tremorvah” bevonden zich verschillende autoriteiten. Ik wilde je niet vervolgen, maar jij bent de schuldige !” Parsons zat neergedoken in zijn stoel en antwoordde niet. „Beken dat jij mijn handteekening vervalschte, jou schurk I” riep Knox uit met dreigend gebaar. „Schuldig!” zuchtte Parsons. „Waarom deed je ’t?” vroeg Knox. „Ik was wanhopig, Knox! Wanhopig uit geldgebrek. Ik wist dat ik zou kunnen winnen als ik aan den wedstrijd deelnam. De Panhard-automobielenfabriek loofde vijftigduizend gulden uit aan dengene die met een auto van haar den wedstrijd wint. Ik kon die kans niet voorbij laten gaan. Hoe zou ik echter aan geld komen om een auto te koopen. Ik was ten einde raad ook wegens Winifred. Met weinig vooruitzichten lachte mij de belooning toe, zou deze den weg van het geluk voor mij openen. Zonder dit geld was Winifred voor mij onbereikbaar. Toen schreef ik de cheque; ik zou je terugbetalen als ik den strijd won. Ik zweer het je! Alles zou ik je terugbetalen.” Hij uitte zijn bekentenis met gebroken stem en keek zijn metgezel verwilderd aan. Deze antwoordde echter op koelen toon : „Als je mijn aanbod weigert, Parsons, maak ik je bekend. Als je wint, eisch ik, dat je Winnie volkomen inlicht omtrent je frauduleuze handeling en als ze je dan nog hebben wil, welnu, dan is het mij goed. Als je verliest, betaal je mij de cheque binnen twee maanden of — ik lever je aan de justitie over. Ziehier mijn ultimatum.” Het ellendige van den toestand, waarin hij zich bevond, drong langzaam tot Claude Parsons hersenen door. „De voorwaarden zijn hard 1” mompelde hij. „Hard? Jou lafaard!” riep Knox uit. „Parsons,” ging hij kalmer voort, „begrijp je niet, dat het mijn vast voornemen is morgen te winnen; coüte que coüte ?” „Bedoel je, dat.... dat je mijn car wilt vernietigen ?” hijgde Parsons. „Ik bedoel, dat je het zelf zult doen !” zei Knox, op een toon waaruit ingehouden haat klonk. „Ik had gehoopt dat je begrijpen zoudt, dat het voor jou alleen veilig is, als je je terugtrekt!” De beide mannen stonden tegenover elkander, zwijgend, vol woede en Parsons wist dat hij een verbitterden vijand tegenover zich had. „Als je morgen mijn plannen in de war stuurt,” dreigde Knox, „dan — maak ik je bekend, begrepen !” * ♦ ♦ Den volgenden morgen vroeg bevond zich reeds een opgewonden menigte op de plaats van den afrit. De verschillende deelnemers kwamen successievelijk met hun auto aanrijden. Wilson Knox, met een uitstekende Mors-machine van 70 P.K., was ingeschreven als No. 8; Parsons had een Panhurst, eveneens van 70 P.K. die No. 10 kreeg. Er waren achtendertig deelnemers, allen in compleet auto-kostuum. Wilson Knox bevond zich nevens Parsons. De laatste scheen uiterlijk zeer kalm, doch had zijn gelaat reeds met de stofbril bedekt, terwijl een licht beven van zijn onderlip zijn ontroering verraadde. Knox wachtte met de tanden op elkaar. Hij zou winnen, hij moest winnen! Om zijn tegenstander te vernietigen zou hij al zijn geest- en spierkracht aanwenden. Winifred was de prijs! Midden in deze overdenkingen werd hij gestoord door het signaal: klaar voor den afrit I Een oogenblik later waren ze vertrokken ! Zijn medeminnaar had aanvankelijk de leiding en liet hem eenige meters achter zich. Gaandeweg echter kregen ze een gelijkmatiger gang, die steeds vermeerderde, tot ze beiden een snelheid hadden van 60 K.M. per uur. Knox zag niets anders dan eenige meters van een witten grindweg en voor zich de car van zijn mededinger. De
PDF
Nummer
1914, nr.22, 25 nov. 1914
Blad
15
Tekst
PANORAMA IN DE VEELBESPROKEN VLUCHTELINGENLOODS TE AMSTERDAM De emmers gevuld en alles klaargemaakt voor een duchtige beurt. Het vrouwelijke talent verloochent zich toch nergens De zorgen voor den inwendigen mensch. in de proviandkamers worden dagelijks duizenden boterhammen verwerkt. zuiging, het gesuis van den wind was vreeselijk. Andere auto’s naderden achter hem; hij hoorde hun horens toeteren. Hij vermeerderde zijn snelheid tot acht en zestig K.M. Hij naderde nu een steile helling. De auto van zijn voorganger scheen letterlijk de helling op te vliegen en af te glijden. Toen hij zelf de helling bereikt had, vermeerderde hij zijn spoed nog; hij dacht niet aan gevaar, dacht aan niets anders, dan zijn vijand te passeeren. Hij schoot de helling af met een razende snelheid; nu naderde hij een scherpe bocht in den weg, hij foeterde waarschuwend en nam de bocht met een snelheid van zeventig K.M., draaiende op zijn beide linkerwielen. Ondertusschen bemerkte Parsons wel dat zijn tegenstander op hem won. Hij stuurde daarom zooveel mogelijk langs eene zijde van den weg, om het gevaar van aanrijding te voorkomen. Ze reden nu langs een vlakken rechten weg, auto No. 8 met een snelheid van vijf en zestig, auto No. 10 met een snelheid van zeventig kilometer. ,,Vervloekte kerel,” mompelde Knox, „het schijnt hem ernst te wezen.” Tachtig meter, vijftig meter, twintig meter scheidden de beide auto’s van elkaar. „Ik zal. ik moet hem voorbij 1” siste Knox tusschen de tanden. Er was net ruimte genoeg voor de twee auto’s, die nu met nog geen meter tusschenruimte naast elkander voortstoven in angstwekkende vaart. De een bestuurd door iemand met armoede en schande in het vooruitzicht als hij verloor; en de andere door een man vervuld van krankzinnigen haat en wraak tegen zijn medeminnaar, die hem de vrouw die hij beminde trachtte af te winnen. Wat een race ! Na ongeveer twee mijlen naast elkander te zijn voortgerend, wist Knox zijn snelheid te vermeerderen tot vijf en zeventig kilometer en schoof zijn tegenstander voorbij. Deze was zeer teleurgesteld, doch wetende dat ze weldra een steile helling moesten passeeren, besloot hij daar den ander weder voorbij te rennen. Hij hield dus den auto goed in het oog. Knox evenwel was besloten dit te verhinderen al moesten ze beiden verongelukken. Hij verminderde zijn vaart bij den volgenden heuvel tot zestig K.M. Geen vijftig meter achter hem kwam Parsons’ auto met onverminderde snelheid aanrijden. Knox hoorde het signaal van den hoorn steeds nader en nader en schoot den heuvel af met vijf en zeventigK.M.-snelheid. Zijn mededinger was nu nauwelijks dertig meter achter hem. Voor hem strekte zich weer een rechte weg uit. Knox bleef nu in het midden van den weg rijden. De prachtige Panhurst rende nu op de Mors in. De mogelijkheid dat Knox zijn vijand door niet uit te wijken verhinderen zou voor te komen, was door den laatste voorzien en hij had zich voor den afrit van een tweeden geheel verschillend klinkenden hoorn voorzien. Hij verminderde nu zijn vaart en liet Knox een flink eind vooruitrennen; toen kwam hij hem weer achterop, nu met een snelheid van tachtig K.M. Luid deed hij nu den anderen hoorn weerklinken hopende dat Knox, in den waan dat het een der andere deelnemers was, die kwam aanrennen, en uit vrees voor disqualificatie, den weg zou vrijmaken. De list gelukte volkomen, Knox week uit en in enkele seconden was Parsons dezen gepasseerd. Eerst nu zag Knox met verbeten woede, doch te laat, welken poets de ander hem had gespeeld. Parsons wist dat zijn verbitterde vijand hem nu zeker zou verpletteren als hij kon en bracht zijn machine op de uiterste capaciteit, negentig K.M. Het was een strijd op leven en dood. Hoe lang zou dat nog duren ? Hoe lang zouden de zenuwen der beide mannen het nog uithouden? DE SLAAPVERTREKKEN. De met schotten afgedeelde ruimten bieden voor velen slaapgelegenheid De Belgische kapper kapt een lief vluchtelingetje een keurig krullenkopje. DE EERSTE SNEEUW Eén keer was Knox onmiddellijk achter den anderen auto; hij raakte hem bijna. Hij wilde op hem inrijden, hem verpletteren, al zou het hem zelf het leven kosten. Plotseling bemerkte hij tot zijn schrik dat hij terrein verloor, de Panhurst liet hem ver achter zich. Hij hoorde de machine knarsen en stooten, de auto draaide om zijn as, toen — een vreeselijke slag en Knox werd met enorme kracht over den weg geslingerd. Acht uur later juichten duizenden toeschouwers den winner toe van een der grootste auto-rennen. Wagen No. 10 stoof Berlijn binnen in een tijd die het wereldrecord sloeg. Nu de actie, die vreeselijke tocht, voorbij was, kwam de reactie. De onbekende prijswinner in lange auto-jas, het gelaat onkenbaar door pet en stofbril, wilde uit den wagen stappen, doch viel neer, bewusteloos. Onmiddellijk waren er evenwel eenige doktoren bij de hand om den bewustelooze bij te staan. Ze namen hem pet en stofbril af en .... „Hemel 1” klonk het verbaasd, „’t Is een vrouw. Ik dacht dat auto 10 bestuurd werd door Claude Parsons ?” „Zoo is ’t,” merkte een der commissarissen op. „Een kranige vrouw I Wat zou dat beteekenen ?” Ja, het was een jonge dame en haar naam was Winifred Hartford. Toen ze weer tot bewustzijn kwam, vertelde ze den commissieleden hoe ’t kwam dat zij het wereldrecord geslagen had. Den vorigen avond na den twist met Knox was Parsons haar komen bezoeken en had haar het geheele onderhoud met Knox meegedeeld. Niet hij echter, maar zijn broer, die in financieele moeilijkheden verkeerde, had de fraude gepleegd. Hij had evenwel diens schuld op zich genomen om zijn toekomst niet te verwoesten en in de meening door het winnen van den wedstrijd het kwaad te niet te kunnen doen. De voorwaarden die Knox hem gesteld had, waren zoo schandelijk dat hij ze niet aanvaarden kon. Daarom was hij alles aan Winifred komen vertellen; hij bekende haar zijn liefde en vond die beantwoord. Het meisje zei, dat hij niets beters kon doen dan den strijd trachten te winnen Bij het verlaten van haar woning gleed hij ongelukkigerwijs uit en brak zijn pols, zoodat het hem onmogelijk was den volgenden dag een auto te besturen. Toen verklaarde Winifred dat zij zijn plaats zou innemen. Niets kon haar hiervan terughouden. Zelf een ervaren automobiliste vreesde zij niets. Ze deed dus het autokostuum van haar verloofde aan en nam onder zijn naam aan de wedrennen deel. En nu had zij den wedstrijd gewonnen en den prijs, en bovendien een echtgenoot. Wilson Knox was op den weg gevonden, gedeeltelijk onder zijn machine, kreupel voor geheel zijn leven. Tijd en een ongeneeslijke ziekte zijn vaak in staat den hatelijksten karakters lijdzaamheid en vergevensgezindheid te leeren. Wilson Knox kwam niet meer op zijn laatste gesprek met Parsons terug. En thans is er geen welkomer gast in de gezellige woning van den heer en mevrouw Parsons, dan een verouderde, kreupele, man. Toen het Zondag 15 November voor het eerst in ons land sneeuwde, profiteerde de heer J. F. du Bois te Bussum er van om bovenstaande aardige foto te nemen.
PDF
Nummer
1914, nr.22, 25 nov. 1914
Blad
16
Tekst
'JNIEUWSTE UITGAVEN® ^evo^2^r^d ,e3letna#t&T5- \ 'n In 5^’ 7oT^' At •» ST* ... -sgS '■^&;is ABONNEERT U op: Het eerste Nederlandsche Geïllustreerde Weekblad in Koperdiepdruk: JZ ATI A Roman uit het Russische Volksf\/A I l/A. leven door FRANZ DE JESSEN Geautoriseerde vertaling van G. W. ELBERTS. Gebonden f 4.50. Deze boeiende roman van den bekenden Deenschen i ournalist DE JESSEN speelt voor een groot deel op iet oude buitengoed van Prins Rilin ski en geeft een hitstekend beeld van het Russische familieleven in de voogste kringen. Katia Ri lin ski, de coquette vrouw uan den Russischen Consul, speelt er een groote rol in. Deze roman zal door het lezend publiek stellig met groote sympathie worden ontvangen. Deze roman is ook verkrijgbaar ingenaaid in 2 deelen voor f 3.90. Verschijnt 2 maal per week. r los nummer 7’/2 Cent. PER NUMMER door Prof. P. J. BLOK. - Geheel herziene tweede druk. Slechts één oordeel over dit Standaardwerk volge hier: „Als ik een werk moest noemen, dat wij eerst met eere aan het Buitenland konden toonen, dan zou het de „GESCHIEDENIS VAN HET NEDERLANDSCHE VOLK" door Prof. BLOK zijn". Het Boek in 1909 (Onze Letterkunde der .. . laatste 10 jaren door FRANS ERENS). Verschijnt in 30 afl. elk van pl.m. 6 vel of naar keuze in 4 deelen. Prijs per afl. ƒ0,80. per deel ingen. ƒ6.— per deel gebonden in linnen stempelband f6.90. Het vierde deel zal in 1915 verschijnen. PANORAMA het mooiste van \ alle geïllustreerde L \ weekbladen in \ Nederland? PANORAMA munt uit door de fraaie uitvoering / en degelijkheid / J van tnhoud! / erwISwa %gj5SaS5>1 NEDERLAND IN DEN AANVANG DER 2Qste EEUW. Hall Caine. - DE VROUW DIE GIJ MIJ GEGEVEN HEBT. V / Inhoud: w / boeiende " / Verhalen. / A< tualifeiten. Sport. Mode en Kinderle< tuur Groote \ rijkdom \ van fraai \ uitgevoerde \ afbeeldingen in koperdiepdruk Geschetst in woord en beeld door verschillende schrijvers onder leiding van Jhr. Mr. H. SM1SSAERT, Secretaris van de Vereeniging van Ned. Werkgevers. pi. m. 1000 bladz. druks. — Meer dan 500 afbeeldingen. Een registervanpersoonsnamen en van zaken. Bandteekening van THEO MOLKENBOER. Geb. in linnenprachtbandƒ9.60 Dit rijk geïllustreerde boek, geheel op kunstdrukpapier gedrukt, is ’t mooiste boek, dat ooit over ons land is verschenen. Niet alleen voor den vreemdeling maar ook voor eiken Nederlander is het een genot dit prachtwerk te lezen. De Fransche uitgaaf, door J. F. RODE, eveneensƒ9.60 gebonden kostende, is verschenen onder den titel van. .Les Pays-Bas au début du Vingtième Siècle." 2 deelen ingenaaid f 2.90. gebonden in linnen prachtbanden f 3.25. In dezen nieuwen roman van den gevierden schrijver wordt het groote vraagstuk van het Huwelijk en de Echtscheiding behandeld. De conclusies waartoe de schrijver komt, heeft hij verwerkt in dezen roman. Op een meesterlijke wijze heeft HALL CAINE dit werk geschreven. Het onderwerp: de staatsrechtelijke en maatschappelijke achterstelling van de vrouw maakt het boek tot het belangrijkste werk van den auteur. Per drie maanden slechts f 130, aan huis bezorgd. ALHIER VERKRIJGBAAR. Uitgave A. W. Sijthoffs Uitg. Mij., Leiden BI9 '^ZafiKhMu^utB,OL kf ni^ die ^ den' 240 . '' Van '* °.P *' .. .o.-* ” rken /ri ArukDE WONDEREN VAN HET ï * HEELAL * I Merkwaardigheden uit het Dieren- en Plantenrijk en van het Heelal in het algemeen. EEN STANDAARDWERK voor elk Huisgezin. Rijk geïl~ lusfreerd met prachtig gekleurde platen en ongeveer 1OOO afbeeldingen. Het reusachtig succes dat in 1911 aan de „Wonderen der Wereld” is ten deel gevallen is door , de „Wonderen van het Heelal” nog overtroffen. 2 deelen in 2 prachtbanden ƒ 17.10. Gedenkboek van den Europeeschen Oorlog onder toezicht en met een voorwoord van W. A. T. DE MEESTER, Luit.-Gen., Oud-Comm. v. h. Veldleger. Met medewerking van verschillende autoriteiten. Het Gedenkboek van den Europeeschen Oorlog in 1914 zal een populair geschreven werk worden, waarin talrijke illustraties, voorstellende Oorlogstafereelen te land en ter zee, portretten, kaarten, plannen, enz. Het zal worden uitgegeven in 20 afl. royaal formaat, terwijl in den loop der uitgave een prachtige plaat, gedrukt in koper-diepdruk, den eersten 10.000 inteekenaren gratis zal worden aangeboden. Deze plaat zal een voorstelling zijn van een belangrijke gebeurtenis, die in dezen oorlog zal plaats grijpen. De prijs per aflevering bedraagt slechts 30 Cents. Sijthoff’s Geïllustreerde Oorlogsalbums. Deze albums, die worden uitgegeven in een serie van 6 stuks, geven een aanschouwelijk beeld van den huidigen wereldoorlog. Zij bevatten portretten van personen, die tot den oorlog in betrekking staan, alsmede afbeeldingen van de verwoestingen, veldslagen enz. Elk album bevat 32 bladzijden en is uitgevoerd in het nieuwe procédé, den Koperdiepdruk. Prijs per album f 0.45. NEDERL. ROTOGRAVURE-MAATSCHAPPIJ, LEIDEN
PDF
Nummer
1914, nr.23, 27 nov. 1914
Blad
01
Tekst
dat in Zuid-West Vlaanderen op belangrijke wijze de actie der geallieerden ondersteunde. Het is begrijpelijk, dat de verplaatsing van deze zware stukken bij den tegenwoordigen toestand der buitenwegen nogal eens bezwaren oplevert. Men ziet dit goed aan de met slijk overdekte wielen. HET ZWARE ENGELSCHE GESCHUT
PDF
Nummer
1914, nr.23, 27 nov. 1914
Blad
02
Tekst
EEN ENGELSCHE LANCIER, DIE ZICH EEN EIGEN HUISJE BOUWDE. HET LEVEN VAN DEN SOLDAAT TE VELDE ■ anneer men een rechtszitting bijwoont en de advocaten van de beide partijen elkaar hoort bekampen, van elk middel gebruik makend om voor zichzelf voordeel, voor den tegenstander verlies te bereiken, dan begrijpt men het niet, hoe deze mannen elkaar bij het verlaten van de rechtszaal vriendschappelijk kunnen toespreken, of in de pauzes met elkaar genoeglijk de lunch kunnen gebruiken. En toch geschiedt dit. Wat ten slotte toch heel goed te verklaren is. Want persoonlijk hebben die pleitbezorgers niets tegen elkaar. Op gelijke wijze ziet men, een beetje minder vriendschappelijk meestal, agenten of reizigers van groote of kleinere firma’s, die elkaar een goed zaakje willen bevechten, na afloop (of in de tusschenbedrijven) van het economisch gevecht, vriendschappelijk met elkaar omgaan. Ook tusschen hen behoeft de strijd hunner firma’s geen vijandschap te brengen. * * * Onwillekeurig denkt men aan dergelijke voorbeelden, wanneer men leest van de ontmoetingen, welke aan het front tusschen tegenstanders plaats hebben, in de tusschenpoozen, welke de gevechten scheiden. En terwijl dit voor den ver verwijderden buitenstaander, die vol gespannen aandacht naar het resultaat van den strijd uitziet, iets onnatuurlijks heeft, in de werkelijkheid is dat tegenstrijdige niet aanwezig. De mannen, die elkaar met opoffering van hun leven en met inspanning van al hun capaciteiten, bevechten, zijn persoonlijk elkaar niet ongenegen. De vooroordeelen der volkeren tegenover elkaar verdwijnen geleidelijk, hoe moer men al kampend, elkanders goede eigenschappen leert kennen. En zoo is het mogelijk, sterker nog, verklaarbaar, dat x>p de slachtvelden, langs dezen weg een toenadering wordt gevonden, al volgt op elke ontmoeting, die tot elkander brengt, ook Het meest moorddadige geweervuur. Het leven van den soldaat te velde moet wel een leven van bepfoeving zijn. Dat is zeker. Doch de man in actie lijdt van die beproeving veel minder dan de toeschouwer gelooft, die de emotie om den afloop heeft, maar piet de afleiding ’van de daad. Deze opvatting is werkelijk niet een theoretische bespiegeling. De plaatjes welke hierbij zijn afgedrukt, geven er de meest sprekende ' bewijzen van, aan de praktijk ontleend. Dit is juist het voorrecht van deze tweede pagina van Panorama, welke geregeld bestemd blijft voor de bespreking van de dingen van den dag, dat de illustraties, vaak meer nog dan het geschrevene, als toelichting dienen kunnen. Een eigenschap, waarvan wij met voorliefde en met gretigheid gebruik maken. Toevalligerwijze brengen wij ditmaal bij dit artikel alléén plaatjes van het westelijke front. Laten de lezers nu vooral niet gelooven, dat het aan het Oostelijke front anders is. Ook daar is tusschen de gevechten een toenadering tusschen de vechtenden gekomen. En men zou heel verkeerd doen, wanneer men de gemoedstoestand der sol- * daten te velde beoordeelde, naar de helaas vaak grove en ongepaste glossen van sommige spotbladen, wier uitingen vol wansmaak een der vele jammerlijke ziiden van den oorlog zijn. Een aardig voorbeeld ter illustratie. Een troep Hongaarsche soldaten lag in de loopgraven. 'tWerd avond. De magen der soldaten begonnen een . EEN GENOEGEL1JKE FLIRTATION. Fransche soldaten, zoowel van Europeesche als van Afrikaansche afkomst, versmaden een kleine flirtation niet, welke ook aan de bewoners van de bezette streken een aangename afwisseling biedt. woordje te spreken. Een leege maag maakt sentimenteel, en de sergeant, anders heusch geen dichter, kon zich niet weerhouden, hardop over de heerlijke, gebraden aardappelen, die bij moeder thuis om dezen tijd ter tafel kwamen, te droomen. Zijn droomerij werd volkomen door zijn mannen begrepen al waren ook zij den heelen dag met een alles behalve poëtische beschieting van hun overburen, de Russen, bezig geweest. Plots staat een der infanteristen op en vraagt den sergeant of hij het goed vindt, dat hij voor aaidappeien zorgt. Hoe? Heel makkelijk, tusschen de vijandelijke loopgraven in had hij, een flinke boerenzoon, die ’t vak op zijn duimpje kende, een aardappelenveld ontdekt. Daar wilde hij ze vandaan halen. En ’t gevaar? Ja, of je nu voor je vaderland sterft of voor een maaltijd gepofte aardappelen, tenslotte is ’t resultaat hetzelfde. Dood is dood. Ja, de kwestie was niet makkelijk, ’t Zaakje was gevaarlijk, maar, zoo zei de onderofficier, vanavond heb ik, dat moet ik toegeven, buitengewoon veel trek in gebraden aardappelen. Deze overweging van den superieur (vermoedehjk sprak hun eigen maag ook een woordje mee) deed voor een aantal kloeke jongens de schaal doorslaan. Zij zouden het met hun vieren beproeven. Een van hen vroeg: „Zou een zak vol genoeg zijn?” Spoedig volgden er nog drie, toen vijf en ten slotte nog tien. Hun gansche bewapening bestond slechts uit infanterie-spaden. Op handen en voeten kropen zij verder en met ingehouden adem wachtten de overige, in de loopgraven achtergebleven kameraden, op hetgeen gebeuren zou. Allen waren bereid, om, als het noodig mocht zijn, hun makkers door een stormaanval op den vijand te • redden. Er verliepen eenige angstige minuten. Daar bemerkte men plotseling, dat ook uit de Russische loopgraven acht tot tien man met schoppen voorwaarts kropen. Hoe zou dat afloopen? De Russen kropen eveneens naar het aardappelland. Voorzichtig en vreesachtigl Aan den eenen kant groeven de Hongaren, aan den anderen kant de Russen aardappels uit den akker. Ge kunt u de gespannen nieuwsgierigheid voorstel'en, waarmee de partijen het verder verloop afwachtten. Langzaam naderden de mannen elkaar. Toen zagen de toeschouwers dat zij elkander beleefd groetten, en Hongaren en Russen keerden kalm met hun aardappels terug naar hunne verschansingen. Er was echter nog geen half uur verloopen, of er ontwikkelde zich weer een hevig geweervuur tusschen de beide gevechtslinies.... V Zoo is het leven op het veld. Vaak, niet altijd. Want anders was er geen reden voor de moeders en de vrouwen en de kinderen, om met angstig harte af te wachten, noch voor de neutrale buitenstaanders, om vol afschuw voor den oorlog te zijn. WATERSPORT, EEN IN ZIJN RESULTATEN NIET TE VERSMADEN LIEFHEBBERIJ EN TIJDVERDRIJF Belgische „jongens”, die het vischwater van eigen vaderland met goed succes „bewerken”. Op de eendenjacht in het bezette land. Duitsche infanteristen, die de „bout’’ binnenhalen.
PDF
Blad 
 van 2380
Records 1191 tot 1195 van 11897