Panorama

Blad 
 van 2380
Records 1181 tot 1185 van 11897
Nummer
1914, nr.22, 20 nov. 1914
Blad
04
Tekst
OPENING VAN ’T ENGELSCHE PARLEMENT EEN NIEUW BELGISCH LI Een gebeurtenis, welke in Engeland groote belangstelling bad. De Koning hield een korte troonrede, waarna het Parlement met ongewone eensgezindheid de met het oog op den oorlog noodige credieten besprak en verleende. Belgische recruten der nieuwe lichting worden aan het strand geoefend, om heft leger, bewijs voor den goeden geest van het Belgische volk mag zeker het feit dienen, dat hoewel land te verdedigen, niet anders dan met groote moeite aan dien oproep konden vclloen, ds was, de uitslag de verDE UITWERKING VAN EEN GRANAAT. II Niet steeds is de uitwerking der granaten dezelfde, wat onze foto van een hotel in België zeer typisch bewijst. OP VERKENNING UIT. Een Belgische vliegmachine boven een Engelsch kamp in België. 4 EEN bij Nieuwpoort door een granaat getroffeIiPe zwa DE KATHEDRAAL TE NIEUWPOORT EN WAT ER VAN OVERBLEEF. Ook dit fraaie gothische gebouw viel als slachtoffer van den oorlog. VER VAN HETVADEI Een zwaar gewonde Indische soldaat op 1
PDF
Nummer
1914, nr.22, 20 nov. 1914
Blad
05
Tekst
GISCH LEGER IN WORDING FRANSCHE ARTILLERIE. ;nd, om helleger, dat in West-Vlaanderen stand houdt, met nieuwe krachten te versterken. Als Ijenen, dat, fcewel velen der jonge mannen, die opgeroepen werden, om het vrijgebleven stukje vaderkonden voldoen, daar de plaats, waar zij zich moesten melden, voor hen moeilijk te bereiken . wachtingen ver overtrof. Fransch geschut, dat in de buurt van Nieuwpoort wordt opgesteld. De Fransche artilleristen worden in dezen oorlog door vriend en vijand geprezen. EEN TREURIG WEERZIEN LORD ROBERTS GESTORVEN Van een ^ort verblijf in Frankrijk teruggekeerd, vatte deze Engelsche veteraan koude en stierf in enkele dagen. Dit oude vrouwke, dat naar haar huisje in Lierre heen' trok, vond er niets dan puinhoopen. iEN KLO^fERMUUR t getroffen.De zware muren werden geheel doorboord, VAN Hl VADERLAND. idische staat op het slagveld in Frankrijk. FRANSCH-AFRIKAANSCHE TROEPEN Senegaleezen, die den spoorweg tusschen Dixmuiden en Nieuwpoort bewaken.
PDF
Nummer
1914, nr.22, 20 nov. 1914
Blad
06
Tekst
DeVloekvan’tGoud Na vijf weken te zijn toevertrouwd aan het „R.-K. HuisvestingComité” is dit kind, waarvan het Comité niet anders kon vernemen dan dat het zich Johnneke noemde, dank zij het portret in „Panorama”, door de gelukkige moeder teruggevonden. Het kind heet Jeanneke Drion en komt uit een boerenplaatsje bij Antwerpen, ’t Raakte reeds bij ’t bombardement in Antwerpen zijn moeder kwijt en werd te Roosendaal, waar een andere vrouw ’t had meegenomen, achtergelaten, waar ’t in handen kwam van het R.-K Huisvesting-Comité. ,, t ls gedaan, Greig’ zei de beer en zonk aooa terziiae neer. Greig sprong op en rende het bosch uit, rende vol ontzetting en zonder om te zien naar huis. „Kom mee,” riep hij opgewonden, toen hij de hut naderde. „Kom naar buiten ! Ik heb hem, gauw, neem je geweren mee 1” „Wat heb je,” vroegen de anderen haastig. „De beer of — de booze. Ik weet ’t niet. Kom mee!” De drie mannen volgden hun kameraad zonder verder een woord te spreken. In het bosch aangekomen op de plek waar Greig was aangevallen, zagen ze tot hun verwondering dat de -beer verdwenen was. Een stroom bloed wees hun echter den weg, die leidde naar de hut van Chalmers. Ze stootten de deur open en daar vlak bij den ingang vonden ze een reusachtigen bruinen beer, stuiptrekkend in zijn doodsstrijd. Davis joeg hem een kogel door den kop en knielde toen bij het licht eener lantaren naast hem neer. „Hemel!” riep hij eensklaps opgewonden uit, terwijl hij opsprong, „’t Is Chalmers 1” Ten einde het geheim van de Sacramento-vallei te bewaren, had hij in de huid van een beer gestoken, Gordon en Thompson vermoord en zich voorgenomen ook de andere vier mannen om het leven te brengen. Het was een weloverdacht plan, want mocht een der mannen aan zijn greep zijn ontsnapt, dan zou hij nimmer aan Chalmers gedacht hebben, maar in de meening hebben verkeerd door een der vele beren, die in deze streek huisden, te zijn aangevallen. EEN TREURSPEL 9G IN DE LUCHT VERKORTE INHOUD VAN HET GEDEELTE UIT HET VORIGE NUMMER. Joe Chalmers, die na een noodlottig toeval, gevlucht was naar Californië, was geruimen tijd de eenige. die wist dat aanzienlijke schatten, in den vorm van goud, verborgen lagen in den bodem van dit land. Hij wenschte echter in zijn rust van de eenzaamheid der bergen, waar hij leefde van zijn geweer, niet gestoord te worden door schatgravers en daarom zwoer hij zichzelf plechtig, dat zijn lippen nimmer het geheim van den bodem zouden verraden. Na verloop van eenige jaren echter was hij op een morgen on aangenaam verrast te bemerken, dat een groep mijnwerkers bezig was den grond te onderzoeken. Hij ging naar hen toe en wist ze te bewegen naar een andere streek te gaan. Hij liet ze echter beloven, dat zij nimmer zijn geheim zouden verraden. Terwijl nu de mannen groeven, ging Chalmers op jacht en leefde zijn eenzaam bestaan verder voort. De achterdocht tusschen de gouddelvers evenwel werd zoo groot, dat geen van hen zessen naar de naburige stad wilde gaan om den mondvoorraad aan te vullen. Gewillig nam Chalmers nu op hun verzoek de taak op zich om in de stad levensmiddelen voor hen te gaan halen. Onderweg bemerkte hij dat een der gouddelvers, die was uitgegaan om Chalmers te zoeken, door een beer verscheurd was. Deze tijding deed de mannen ontzetten. Aan dit gevaar hadden zij nog nooit gedacht. Chalmers ging zitten, greep naar de kaarten en begon met de andere mannen te spelen. Ze hadden reeds een uur gespeeld en nog was Thompson niet terug. Dat was zonderling, want hij was een hartstochtelijk speler. ,,Ik ga eens naar hem kijken.*' zei Davis en de anderen besloten mee te gaan. Ze zochten een uur lang, geholpen door het heldere maanlicht. Ze riepen hem bij zijn naam, schoten hun geweren af, doch alleen de echo gaf hun antwoord. Eindelijk keerden ze naar de hut terug, vermoeid en teleurgesteld, met een onbestemde vrees in hun hart, hopende tegen alle hoop in, dat Thompson intusschen thuis gekomen zou zijn; doch de hut was leeg. Eerst den volgenden morgen vonden ze hun vriend, geen honderd meter van hun woning dood en vreeselijk verminkt. Zijn hals was letterlijk opengereten en de grond rondom hem was gedrenkt door bloed. /lak naast hem lag zijn zakmes, waarmee hij nog gepoogd had zich te verdedigen. De overgeblevenen begroeven hun kameraad bij den anderen. Een maand ging daarna voorbij, zonder dat er iets gebeurde. Het gevaarlijke dier, dat reeds twee van hun makkers gedood had was onvindbaar, hoezeer de mannen ook hun best deden in gezelschap het beest op te sporen. Hun goudvoorraad vermeerderde echter bij den dag en was eindelijk zoo groot, dat zij op een avond besloten, hun werkzaamheden te staken en naar de bewoonde wereld terug te keeren. Chalmers was juist tegenwoordig. .,Ik zal jullie missen, kameraden, als je vertrokken bent,” zei hij, „Ik ben door jelui weer aan gezelschap gewend geraakt.” ' ..Deel met ons en ga mee,” bood Davis aan. „Daar ligt Thompson’s deel en dat is van Cordon. Ze hebben geen familie die er aanspraak op kan maken. Neem jij het, anders verdeelen wij ’t onder elkaar, doch wij hebben van ons zeiven ruimschoots genoeg en danken trouwens aan jou ons geluk.” Chalmers was niet te overreden. .Jullie komen weer terug, spoedig,” profeteerde hij lachend. Voordat Chalmers dien avond de mannen verliet, om naar zijn eigen woning terug te keeren, voelde Davis zich ongesteld worden. Hij huiverde en voelde zich koortsig. „Ik heb thuis nog wat kinine,” zei Chalmers. „Als een van jelui met mij mee wil gaan, kun je ’t krijgen.” Greig bood zich aan en lachte, toen de anderen hem waarschuwden voor de beren. De beide mannen vertrokken, bereikten de hut van Chalmers en na de kinine van dezen ontvangen te hebben, begaf Greig zich weer op weg naar zijn eigen woning. Een tien minuten op weg, in het dichtst van het bosch, hoorde Greig een gekraak van takken achter zich. Hij nam zijn jachtmes in de eene hand en zijn revolver in de andere en keerde zich snel om juist op het oogenblik dat een groote bruine beer zich met al de zwaarte van zijn reusachtig lichaam op hem wierp. Terwijl de knal van zijn revolver door het bosch klonk, stootte hij met de andere hand zijn jachtmes in den schouder van het dier en toen vielen mensch en dier ter aarde elkander omvattende in een doodelijke worsteling. De beer greep met zijn klauw naar Greigs keel maar miste; tegelijkertijd stak deze het monster voor de tweede maal zijn mes in het lichaam, nu in de zijde. Toen gebeurde er iets verschrikkelijks, iets G. VAN ITERSON, bewaarder van de Hypotheken, het Kadaster en de Scheepsbewijzen, die 13 December a.s. zijn 50-jarig ambtsfeest hoopt te vieren. HET NEDERLANDSCHE STOOMSCHIP ,,ACH I LLES”, der Kon. Ned. Stoomboot-Mij., welk te Smyrna in beslag werd genomen. was geen sprake van slaap. Drie dagen en nachten had ik mijn oogen niet gesloten. Ik was in een koortsachtige stemming als iemand die op het punt is een groote uitvinding te doen. Op het punt, zei ik I Neen, het was meer ! Ik wist dat ik geslaagd was in het oplossen van een probleem dat de menschheid in verbazing zou zetten. Binnen een week zou mijn naam algemeen bekend zijn en mijn roem over de geheele beschaafde wereld weerklinken. Ik zou worden gevierd en gevleid en fortuin zou mij ten deel vallen, zooveel ik maar wenschte. Ik had op ’t gebied der luchtscheepvaart een verrassende uitvinding gedaan. Ik had namelijk een apparaat uitgewonden, waar door een vliegmachine, die tijdens haar vlucht een defect kreeg, geen noodlanding behoefde te doen, maar kon blijven zweven, tot het defect hersteld was. Vooral wegens de diensten die in dezen tijd van de vliegmachines geëischt worden, was mijn uitvinding van het hoogste belang, omdat de vliegenier nu niet meer genoodzaakt zou worden op vijandelijk gebied te landen. Ik stelde mij van mijn uitvinding dan ook veel voor. Mijn goede patroon Jozef Riel was, evenals zijn dochter Miriam, getuige geweest van mijn eerste succes en beiden, maar vooral Miriam, hadden mij enthusiast gelukgewenscht. Ik herinner mij nog hoe de heer Riel bewondering en uitbundige vroolijkheid te kennen gaf en hoe zijn dochter mijn hand in de hare nam en ze hartstochtelijk kuste. Wat mijzelf betrof, ik bleef betrekkelijk kalm. Ik was blij dat het kapitaal, hetgeen mijn patroon mij verstrekt had, niet verloren was en het speet mij alleen dat hij geen aandeel zou hebben in den roem, die mij ten deel zou vallen. „Het zal mij een eer zijn je mijn zoon te noemen,” zei hij, mij de hand schuddende, terwijl Miriam er met neergeslagen oogen bij stond. Deze woorden waren voor mij een onaangename verrassing. Voor het eerst begreep ik, dat hij verwachtte dat ik zijn dochter zou trouwen; dat ze mij beminde en meende dat ik haar eveneens liefhad, hoewel ik voor deze meening nooit de minste aanleiding gegeven had. Vier jaar lang had ik gewerkt als een slaaf aan mijn uitvinding, zonder aan eenig ander menschelijk wezen te denken dan aan Lize, mijn verloofde, wie ik beloofd had te zullen trouwen, als mijn uitvinding voltooid was. Lize, die mij wachtte in het lieve dorpje, waar wij beiden geboren waren. Ik nam mijn patroon ter zijde en legde hem den toestand bloot. Hij zelf nam het nog al kalm op, maar hij was bezorgd over Miriam, DE EERSTE REVUE DER NEDERL. PADVINDERS-ORGANISATIE OP 15 NOV. IN HET STADION TE AMSTERDAM. De Padvinders defileeren met muziek en vaandels. De heer Everts, hun leider, spreekt hen toe. Rechts in uniform de heer Coucke, Secr. v.h. Stadion.
PDF
Nummer
1914, nr.22, 20 nov. 1914
Blad
07
Tekst
DE LIJN GOUDA—SCHOONHOVEN VOLTOOID EN INGEW1JD Van t. n. r. A. Klijnsorge, J. G. Klijnsorge, aannemers van de spoorlijn Gouda - De baan. waarover nimmer een trein reed. De postwagenrit van l1 2 uur Schoonhoven, J. van Veen. G. Vlot, uitvoerders der lijn. A. Gelderblom. Hoofdopzichter der S.S. die mij. zeide hij, innig liefhad. Dit bedroefde mij zeer en ik was werkelijk pijnlijk getroffen, toen ik de smart zag in de oogen van den ouden man. .Natuurlijk zal ik tot den laatsten cent mijn schuld aan u betalen, mijnheer !” zei ik. Hij wendde zich haastig af, en ik vroeg mijzelf verbaasd waarom, niet begrijpende hoe onhandig, ja onkiesch mijn woorden op dit oogenblik waren. Tien minuten later kwam hij terug. ,,De machine zal binnen twintig minuten gereed zijn,” zei hij vriendelijk. ,,Wil je niet eerst iets gebruiken voor we den proeftocht aanvangen ?” ïk lachte over zoo iets bekrompens als eten en drinken waar mijn hoofd vol van „bovenaardsche” ideeën was. Toen kwam Miriam het laboratorium binnen en drong er op aan, dat ik nu toch iets versterkends gebruiken zou. . ,Vader zegt, dat je in twee dagen bijna niet gegeten hebt,” zei ze. terwijl ze haar hand op mijn schouder legde. „Kom mee en eet nu eerst wat!” vervolgde zij op overredenden toon. Doch het was mij onmogelijk iets te gebruiken. De uitvinderskoorts had mij te pakken, zooals mijn patroon opmerkte. ,.Ik zal wel eten als ik terugkom,” verzekerde ik. .Als hij terugkomt,” herhaalde mijn patroon op zonderlingen toon, waarvan de beteekenis mij echter ontging. Ik beschouwde vol trots mijn apparaat dat ik eigenhandig uit het laboratorium gehaald en in de aëroplaan gelegd had. Mijn hart klopte vol verwachting; weldra zou het gevaar der luchtscheepvaart voor een groot deel verminderd zijn. Straks zou ik hieromtrent zekerheid hebben. We zouden dus een proeftocht maken, de heer Riel. Miriam en ik Zij waren de eenigen die mijn geheim kenden. Het was tijds genoeg onze uitvinding bekend te maken als zij aan onze verwachtingen had voldaan. ..Wat is dat ?” vroeg ik aan een der werklieden. wijzende op een teenen mand, die al reeds in de vliegmachine geplaatst was. Mijn patroon antwoordde. ,Een weinig provisie,” zei hij, „benevens eenige flesschen wijn. Dit is een voorzorgsmaatregel, bovendien wil ik den goeden uitslag in de lucht met een glas wijn bekrachtigen.” ..Waar blijft Miriam?” vroeg ik, toen de heer Riel in de schuit stapte. „Die heeft er van afgezien, ze is niet in stemming !” .Heb je ’t haar verteld?” Hij knikte. ..Och, misschien is het maar beter zoo.” zei ik. ,.Zoo is ’t!” bevestigde hij. Daarna stegen we op. Naar beneden starende zag ik de aarde beneden mij wegzinken. De menschen wuifden met hun hoeden, ze wisten natuurlijk niet de ware beweegreden van onzen tocht, die we voor ieder zorgvuldig geheim gehouden hadden. De aarde spreidde zich breeder voor ons uit, naarmate we stegen. Dc, DE GASFABRIEK TE OUDE TONGEWERD in Zeeland, waarvan de directeur, een Duitscher. onder verdenking van spionnage werd gearresteerd, EEN SLACHTOFFER VAN OEN OORLOG. Te Katwijk spoelde een walvisch aan. die blijkbaar door een mijn gedood werd. De Burgemeester van Schoonhoven met andere autoriteiten vóór het stadhuis. e tram Gouda-Schoonhoven rijdt. Inderdaad zij rijdt. Zij heeft gereden. Zij zal vermoedelijk nog rijden. En misschien zelfs als locaol-spoor! Lezer, lach niet om deze positieve bevestiging van een zoo nuchter feit dat er in ons land alweer een spoorlijntje geopend is. Want dat nuchtere feit is de eindelijke oplossing ven een soort drama volgens enkelen — of tragi-comedie volgens anderen. Wanneer ik U zeg dat er in Schoonhoven op het eind der vorige eeuw weddenschappen aangegaan werden dat de tram toch zeker op 1 Jan. 1900 zou rijden komt ge al iets nader tot het besef, dat het een gebeurtenis van belang is. t Werd waarechtig tijd, dat het goud- en zilverplaalsje, met een zoo al niet bloeiende dan toch intense industrie, een snellere verbinding kreeg. Hoeveel illusies heelt het in den oertijd van de spoor al zien vervliegen. De lijnen naar België en naar Duitschland waren langs het plaatsje geprojecteerd, doch werden niet gerealiseerd. Concessies, zoo ongeveer een half dozijn, hielden schoone beloften in, doch tot vervulling kwamen ze niet. Een keer scheelde het weinig, heel weinig. Een comité uit de streek zelf was begonnen, was op weg en groef zijn eigen graf, in stede van een trambaan op te werpen. Dat was de tragi-comedie in de geschiedenis. Terwijl de Tweede Kamer de subsidie-aanvraag had goedgekeurd, terwijl Schoonhoven vlagde en vroolijk was en boot en postwagen bereids verwenschte, zat het Comité in de impasse, want het toegezegde bedrag van een bank werd ingetrokken. De boot blééf varen. Men bleef mopperen over de verbinding met dit langzame vervoermiddel, dat 2f/2 uur over en maal aanlegde op de reis naar Rotterdam: dat je bij mist in den steek liet: dat je altijd in angstige onzekerheid liet, over aansluiting met treinen, al gingen die een uur na aankomst van de boot. Men bleef mopperen over den postwagen, die in 1 »/2 uur naar Gouda reed. zes personen kon meevoeren binnenin en er nóg zes meenam bovenop. Men bleef mopperen, tot in het einde der vorige eeuw, het gedenkwaardige feit plaats greep dat er een baan werd aangelegd, dat de zandtreinen geregeld liepen van Gouda naar Schoonhoven en terug! Zandtreinen. ja. Maar voor er een personentrein reed kapseisde de baan op twee. drie plaatsen door den slappen bodem. Stop stond het werk. Jaren achtereen. Toen men zou hervatten, wilde men in Schoonhoven een spoor! En daarvoor stemde de Kamer de subsidie af. De baan bleef verwaarloosd liggen: de rails zakten weg; t werd een ruïne, die vooral tergde als de mist weer eens het isolement van hef bedrijvige plaatsje deed uifkomen. Maar nu is er eindelijk de spoor. Neen de tram want gebrek aan spoormaterieel noodzaakte de Directie, om tramwagens te gebruiken. Nu is er hoop dat de industrie, na den malaise-fijd, profiteeren zal van beter verkeer met de buitenwereld, haar afzetgebied. Nu benut men den stillen tijd om de industrie in nieuwe banen te leiden, wat hard en hard noodig was. wat moeilijk zal gaan doch wat kan en moet. De eerste proeve was er op den Openingsdag. Een fraaie ambtsketen werd den burgemeester namens de ..Nijverheids Vereeniging ’vereerd. Hef was geheel plaatselijk werk. Ook hel ontwerp, dat met hef fraaie emailwerk uitgevoerd was door den heer E. A. Tepe. Er was een aardige wensch dat de ijzeren banden de goud- en z il verindustrie zouden vooruitbrengen Voor Schoonhoven en onze inlandsche nijverheid wenschen wij dit ten zeerste. „Het is prachtig !” riep ik opgetogen tegen mijn metgezel. „Duizend voet,” zei hij, naar den indicateur kijkende. „Nu al? Dat gaat gauw!” „Er is slechts één ding dat sneller gaat dan naar boven stijgen, dat is: naar beneden vallen,” en hij lachte, een beetje eigenaardig meende ik. „Kom,” ging hij voort, „laat ons een glas wijn drinken met den wensch dat je uitvinding succes moge hebben.” „Niet noodig,” antwoordde ik. „Het is een succes!” Maar toch nam ik het glas aan. Hij nam een ander glas en vulde dit. „Geluk en voorspoed, Frank lin !” riep hij mij toe met schitterende oogen. „Een oogenblik,” zei ik. „Ben je niet boos op mij, mijnheer Riel ?” „Waarvoor?” vroeg hij, alsof hij mij niet begreep. „Miriam I * „O, neen hoor! Volstrekt niet, alleen een beetje .... teleurgesteld. Nou, veel geluk !” en hij dronk zijn glas, evenals ik het mijne, leeg Hij keek mij doordringend aan. „Je bent niet bevreesd?” Ik trachtte te spreken, maar mijn keel was als dichtgeknepen; mijn hoofd gloeide en mijn oogen werden beneveld. Ik viel bewusteloos op den bodem van de vliegmachine neer. Toen ik weer uit mijn bewusteloozen toestand ontwaakte was het nacht. Ik bemerkte dat, hoewel in het luchtruim zwevende, ik me niet meer in de aëroplaan bevond. Mijn handen waren met touwen aan mijn lichaam gebonden en ook mijn beenen waren saamgebonden. Ik scheen heen en weer te zweven en had een eigenaardig gevoel in mijn hoofd. Eindelijk drong de verschrikkelijke waarheid tot mijn beneveld brein door: ik was vastgebonden aan een plank en lag met het aangezicht naar beneden dwars over de machine. Mijn patroon had mij valsch behandeld. We zweefden thans over de zee, die zich onder mij uitstrekte, beschenen door het maanlicht als een laken van zilver. In de verte zag ik een zwart voorwerp, wat blijkbaar een schip was. Ik was verlamd van schrik en wanhoop en de eenige gedachte cfie mijn brein vervulde was dat aan dezen afschuwelijken toestand op een of andere wijze, desnoods door den dood, een einde mocht komen. Ik begreep dat de geheele misdadige opzet een wraak was van den heer Riel over mijn weigering om zijn dochter te trouwen en dit deed mij een tienvoudigen kreet van wanhoop slaken, die door de ruimte beneden mij herhaald werd. Een spottend gelach klonk mij in de ooren; toen hoorde ik Riel’s stem mijn naam roepen. „Is ’t geen heerlijke reis, Franklin ?” vroeg hij. „Beter dan hier te zitten. Veel eigenaardiger, vol emotie, is ’t niet ?” (Wordt vervolgd.)
PDF
Nummer
1914, nr.22, 20 nov. 1914
Blad
08
Tekst
Telefoonnummers > 4827 en 10421. Telegram Adres Groeneveld, VELDRUM. Ruempol & C° Prins Hendrikkade 68. AMSTERDAM. Electro-Technisch Bureau. DE „SWAN” VULPEN Geschikt voor ELKE hand; is wereldberoemd als = DE BESTE ................ -.......-= Wacht U voor namaak! Geïllustreerde Prijscourant gratis. Verkrijgbaar bij alle solide handelaren in schrijfbehoeften en aanverwante artikelen Hoofdagenten: GEBRs. POLAK, afd. SWANvulpen, VLISSINGEN. A. HOOGENDIJK Jzn. Vlaardmgen. IMPORTEUR der ECHTE DOUROPORTWIJNEN en CHAMPAGNE „QUEEN" Luxe proefkistjes. Portwijnen 4/2 ft......................f 4.05 Champagne ,,Queen" 3/2 ft. . ,, 4.50 tegen inzending van postwissel. NEDERLANDERS! Steunt de Nationale industrie en koopt alléén FRIEDERICH’s TANDMIDDELEN DE LOCHEMSCHE COOP. ZUIVELFABRIEK verzendt haar prima ROOMBOTER direct aan consumenten, door het geheele Rijk. Depót te AMSTERDAM: DE CLERCQSTRAAT 9. I EEN VAN ONZE KLANTEN l A. v. d. HEIJDEN s Leverpastei DE BESTE. / P. SLUIS. VOGEL-EN PLUIMVEEVOEDER MOOIE VORMEN. Wondervolle Buste en blanke huid verkrijgt en behoudt iedere Dame van eiken leeftijd door mijn methode. Uitwendig gebruik. Succes gegar. Zend adres en 5 cents postzegel en U ontvangt gratis inlichtingen. —— Malson NIEMANN, Adam, Da Costakade 43 M, huls. Dames! Vanaf f 1.50 zend ik U franco huis een MOOIE HAARVLECHT volgens toegezonden staal Van uitgevallen Haren worden mooie Vlechten gemaakt a f 1.— H, DE GROOT, Kapper. Aelhrechtskolk 3, Rotterdam, Telefoon 637. American Importing Co. AMERICAN MANUFACTURERS AGENTS I97. KEIZERSGRACHT, AMSTERDAM. zacht smeltende FONDANT GULDENS en —KWARTJES. — Verkrijgbaar in de 90 Filialen in Nederland. Het in de dagbladen zoo gunstig door H.H. Doctoren aanbevolen en beoordeelde recept voor Haarwater: BAYRUM 85 — LIVOLA DE COMPOSÉE 30 MENTHOL CHRIST I, is verkrijgbaar bij: Th. R. DE ZWART, 361, Amsterdam. Utrecht DE ZWART& Co. Nobelstraat 24. Per flacon van 125 gram f0.90, van 250 gram f 1.50 SUIKERZIEKTE. Mij. ORVIËTANOSE. Nicolaïstraat 23, den HaasNa een driejarig bestaan kan men spreken van burgerrecht. Orviëtanose heeft dit recht verkregen temeer nu een bekend en geacht medicus te Haarlem, de Heer F. Lochnaar Docter, deze Orviëtanose in een open brief, die op aanvrage gratis wordt toegezonden, aanbeveelt. Koopjeslijst gratis op aanvraag Onder controle van betBotercontróte Station.GELDERLAND-OVERUSELTc DEVENTER. ONDER RIJKSTOEZICHT BLIKVERPAKKING vo°r EXPORT. GEDEPONEERD HANDELSMERK LEVERING DIRECT AAN PARTICULIEREN. FR p P IN GEDECOREERDE SCHUIFKISTJES. DRAISMA VAMVALKENBURG'S LEVERTRAAN-: LEEUWARDENS ROTOGRAVURE IS HET IDEAAL-PROCÉDÉ VOOR ELK DRUKWERK LICHT- en KOOKGAS Zonder Leiding. f.W.Moldl, IJselmonde. (Telef. Int. Mo. 4022 Met Rotterdam). -iGOODRICH-Banden. Gebr. DE WILDE, Rubber, AMSTERDAM NEDERL. ROTOGRAVURE-MAATSCHAPPIJ, LEIDEN
PDF
Blad 
 van 2380
Records 1181 tot 1185 van 11897