Panorama

Blad 
 van 2380
Records 11461 tot 11465 van 11897
Nummer
1929, nr. 31, 3 aug. 1929
Blad
06
Tekst
PAN O R A M A N o. 3 1 3 A U G U S T U S Week HET SLUITGAT in den dam tusschen Wieringen en Medemblik wordt gedicht, De foto is genomen uit een der grijpkranen. Een zgn. onderlosser laat zijn inhoud op den bodem der zee zinken. BEKROONDE INZENDING op de Lathyrustentoonstelling in Concordia te Bussum. BOLVORMIGE KLOK (midden 17e eeuw) op de tentoonstelling van uurwerken in het gemeentelijk museum te 's Gravenhage. 4
PDF
Nummer
1929, nr. 31, 3 aug. 1929
Blad
07
Tekst
PANORAMA No. 31 3 A U G U S T U S «*E>”1■ hpi bttiteflfo‘°iS0eÏ^h' OlC ‘°fstefl'pl tigcn BLÉRIOT bij aankomst te Croydon begroet door Sir W. S. Brancker en Lord Thomson (rechts), den Engelschen minister van Luchtvaart. Het is juist 20 jaar geleden, dat Blériot van de Fransche kust naarDover vloog, een der eerste belangrijke feiten in de geschiedenis der luchtvaart. leuws van de Week DE BRITANNIC, het grootste Britsche motorschip, zal weldra te Belfast van stapel loopen. Deze nieuwe White -StarLiner meet 2700 ton en biedt accomodatie voor 1500 passagiers. ROMANO MUSSOLINI op de schouders van zijn vader, bij diens laatste bezoek aan de villa van Carpegna, BRIAND in de crisisdagen, ondergedompeld inde journalisten. 5
PDF
Nummer
1929, nr. 31, 3 aug. 1929
Blad
08
Tekst
P A N O R A M A No. 31 3 A U G U S T U S EDE SCHANDEl»l DOOR H, VAN WEARDE O nder hen, die Charterfield kennen en de geschiedenis van zijn leven vernomen hebben, zijn er enkelen die beweren, dat zijn handelwijze dien bewusten nacht toen hij de liefde van een goed meisje op 't spel zette, niet juist was. Maar dat hangt er maar vanaf, hoe men de zaak wenscht te beschouwen: ik voor mij ben van oordeel, dat Charterfield zich dien nacht als een waar held gedragen heeft Charterfield was een favoriet van het leven; een van die menschen, die altijd geluk hebben, populair onder zijn kennissen en graag gezien door dames. Laat ik er bijvoegen, dat hij dit alles volkomen verdiende. Hij was een tikje zorgeloos, onverschillig misschien — maar hij had altijd geluk. Natuurlijk werd hij op den geschikten tijd verliefd, en zooals zijn teleurgestelde medeminnaars beweerden, juist op het meisje, dat hen ook bekoorde. Die hem kenden, kwamen tot de gevolgtrekking, dat Sir Roger Hardinge zich geen beter schoonzoon had kunnen wenschen. Charterfield werd op Truscott Park — het landgoed van Sir Roger Hardinge — geïntroduceerd door zijn zoon Harvey. Harvey was officier en maakte snelle promotie, wat hij, naast zijn bekwaamheden, te danken had aan de protectie van John Charterfield. Harvey bewonderde hem en stak overal de loftrompet over zijn vriend. Toen Charterfield voor den eersten keer op Truscott-park kwam in gezelschap van Harvey, keerde Hildred, vergezeld van een rijknecht, juist van de jacht terug. Het paard maakte een onverwachten sprong ; aan den greep in de teugels, waardoor Charterfield het dier dadelijk beheerschte, voelde Hildred, dat zij met een sterk man te doen had. Op deze wijze had de eerste kennismaking plaats. „Het doet ons altijd genoegen, met een vriend vin Harvey kennis te maken,” zeide zij onder het verder naar huis loopen; „dient u ook in zijn regiment?” „Ik ben geen soldaat,” antwoordde Charterfield. „Waar zijn je gedachten, Hildred?” viel Harvey in. „Ik heb je toch verteld, dat Mr. Charterfield geen officier is, maar in verschillende opzichten nauw aan het leger verbonden. Mr. Charterfield is de man. die verleden jaar de Congo-expeditie leidde.' Maar Hildred behoorde — „gelukkig” dacht Charterfield — niet tot die meisjes, welke door de roemruchte daden van een man geïmponeerd worden. „Ik heb er van gelezen.” zeide zij; „de kranten hebben er toen nogal veel werk van gemaakt.” Er kwam een toontje spot in haar stem. ,,U schijnt het er dien keer bijzonder goed afgebracht te hebben.” Na dien dag was Charterfield wanhopig verliefd; en natuurlijk slaagde hij er in, de liefde van Hildred te winnen, die, toen het meisje bemerkte, dat hij geen poseur was, spoedig zijn gevoelens beantwoordde. Hij was ietwat zonderling, ook in zijn liefde jegens Hildred, maar dat versterkte nog haar gevoelen voor hem. Dus werd de verloving bekend gemaakt en niemand verwonderde zich feitelijk over Charterfield’s succes. De verlovingstijd zou een jaar duren, want Charterfield moest eerst nog een onderzoekings-expeditie in NoordIndië leiden Zoo kwam het dat hij slechts weinig tijd op Truscott-Park doorbracht en Hildred gedurende dien tijd alle reden had trotsch op haar verloofde te zijn. Ongeveer een maand vóór den datum van het huwelijk had de groote gebeurtenis in Charterfield’s leven plaats. Het gebeurde op Truscott-Park, waar dien avond een groote partij werd gegeven. Onder de talrijke gasten waren veel militairen, vrienden van Harvey. Sir Roger was de eerste die bemerkte, dat iets niet in orde was. De officieren namen een opvallend koele houding aan tegenover Charterfield, die, van zijn kant, hun gezelschap scheen te mijden. Tweemaal sprak Sir Roger zijn zoon daar over aan. Wat was er gebeurd? Wat was er niet in orde? Maar Harvey wist niets. Na het diner vond Charterfield een excuus zich te verwijderen van de overige heeren. die zich naar de billardkamer begaven. Dat hij onrustig was en door het een of ander werd gehinderd, was thans duidelijk voor ieder die oogen had. Hij ging het park in — en twee heeren van het gezelschap, die reeds den geheelen avond zijn bewegingen met meer dan gewone belangstelling hadden gevolgd, verdwenen een oogenblik later in dezelfde richting. Hildred, beangstigd door zijn vreemd gedrag, ging hem zoeken; zij troffen elkaar onder de boomen, eenige oogenblikken nadat Charterfield tot de gevolgtrekking was gekomen dat hij de crisis in zijn leven was genaderd. Zij vroeg hem wat er aan scheelde; voor het eerst sinds zij hem kende, was er vrees in zijn oogen, en toch, geen vrees — zij kon die uitdrukking niet bepalen. „Er is iets gebeurd,” bekende hij, en toen ineens: „Ik ga weg, Hildred.’ Een tijdlang sprak ze niet, ze kon het gehoorde niet begrijpen. „Weggaan!” echode zij. „Ja, vanavond.” „Weggaan? Zonder eenige verklaring?” Hij knikte. „Heb je dan heelemaal geen verklaring voor mij? Houd je dan niet van mij?” Hij sloot zijn oogen en een oogenblik scheen het of hij zijn zelfbeheersching zou verliezen. „Nu, dan is onze vriendschap zeer aangenaam geweest.” „Vriendschap, Hildred?” „Kun jij het dan anders noemen? Wel, het zal aangenaam zijn de praatjes te hooren, wanneer het bericht komt: Het voorgenomen huwelijk van. . enz. En dan alle bijzonderheden — ” Zij kon niet verder spreken, want plotseling had Charterfield zijn armen om haar heen geslagen. Zij weerstreefde niet. Nog nooit had hij haar zoo vast omklemd, en zelfs in het flauwe licht kon zij de uitdrukking van liefde in zijn oogen zien. „Hildred,” zei hij, „ik kan niet zeggen, hoeveel ik van je houd. Het is vooral daarom, dat ik vanavond wegga. Wanneer men je slechte dingen van mij vertelt, geloof die dan niet en wacht met je oordeel tot de tijd is gekomen, dat ik je een verklaring kan geven.” „Maar . . . ’ Zijn gezicht veranderde plotseling. „Ga naar huis terug, Hildred,” zei hij op een anderen toon ; „vlug ; good bye !” Mechanisch gehoorzaamde zij; struikelend. Twee donkere figuren slopen haar voorbij en verdwenen in het struikgewas. Toen zij dicht bij het huis was, kon zij het lachen en praten van het gezelschap hooren, een oogenblik was het stiller, en hoorde zij ineens, een eind achter zich, het geluid van een worsteling en een kreet van pijn. „Hallo.' riep Sir Roger verschrikt, toen zij binnentrad, „wat scheelt jou. Hildred?” Haar gezicht was bleek en haar japon met modder besmeurd. Vóór zij kon antwoorden verscheen één der gasten, kapitein Arrol in de deuropening en wenkte Sir Roger. In korte, afgebroken woorden deed hij zijn verhaal: „Charterfield is weg, ik heb orders gegeven hem 12 uur tijd te laten het land te verlaten — dit uit achting tegenover u, Sir Roger, twee man houden hem in het oog.” „Kapitein Arrol?!” „Spionnage; geen kwestie van twijfel. Een codeboek werd twee dagen geleden vermist op het stafbureau. Een klerk stal het en verraadde zijn lastgever, toen wij hem in verhoor namen.” Sir Roger staarde den spreker stomontsteld aan. Op dat oogenblik werd de deur opengerukt en een der gasten viel de hall binnen. „Charterfield is ons ontsnapt,” riep hij ademloos, „hij viel ons aan in het park, Betterton ligt daar nog bewusteloos. De kerel heeft de kracht van een os.” Sir Roger, versuft ontsteld, liep de hall uit: in de gang stootte hij op Hildred, die alles had gehoord. Sir Roger nam haar om het middel en leidde haar, snikkend, naar zijn studeerkamer. Sedert 4 jaar leefde Charterfield nu reeds in de weinig meer dan onherbergzame streken van Noord-west Canada, en vocht er met het leven. Eenmaal had hij gedurende dien tijd een brief geschreven naar de vrouw, voor wie hij bereid was geweest zijn leven desnoods te offeren. „Geloof in mij,” schreef hij. Er kwam geen antwoord Charterfield werkte hard op zijn ranch, te hard zelfs, maar hij deed het om zijn geest te bevrijden van kwellende gedachten. Hij was overtuigd dat hij gedaan had, wat hij verplicht was te doen; eens zou de wolk uit zijn leven toch wel verdwijnen. „Het moet haar hart gebroken hebben,” zei hij in zijn ballingschap, „maar ik kon toch niet anders doen?” In deze uitgestrekte open vlakten, waar alle menschen gelijken zijn, was Charterfield gevreesd, bijna gehaat; vooral sedert den dag dat hij gevochten had met Stamper, den voorman van de Black Rock Ranch. Stamper had zich een sarcastische uitdrukking laten ontvallen over den „Engelschen 6
PDF
Nummer
1929, nr. 31, 3 aug. 1929
Blad
09
Tekst
P A N O R A M A No. 31 3 A ü G U S T U S aristocraat" die een smerige streek had uitgehaaid. Vroeger zou Charterfield er om gelachen hebben, maar nu was er bitterheid in zijn hart. Hij zei niets, maar deed zijn jas uit. De cow-boys vormden dadelijk een kring. Het was maar een kort gevecht. Binnen de vier minuten was de kolossale door een geweldigen slag van Charterfield tegen den grond geworpen. Daarna was Charterfield, — inderdaad nu met het air van een Engelsch aristocraat, —* zwijgend uit den kring gewandeld. Maar een maand later bezat hij de algemeene sympathie, want toen trok hij er alleen op uit om Stamper te redden, die tijdens een sneeuwstorm vermist werd. De daarna uitgezonden hulpexpeditie vond hen beiden; Charterfield had een aanval van sneeuwkoorts; toen de cow-boys hen vonden, hoorden zij hem zeggen: „Neem mij gevangen, als jullie mij zoeken; maar het boek is terecht; dus waarom zoon drukte?" Na vier jaar kwam hij. Charterfield was er eenigszins op voorbereid hem te zien verschijnen — hij was voorbereid op de komst van den gebroken, doodzieken man, die na die vier jaren zijn huis kleine, en ging Charterfield voor naar de ontvangkamer. Het angtzweet brak hem uit: een kind! Voetstappen op de trap; zijn hart bonsde; toen ging de deur open, en trad zij binnen. Slechts één seconde van aarzeling, toen viel zij in zijn armen; „John!" Zij verborg haar gezicht in zijn armen; zij snikte en ook Charterfield kon eerst geen woord uitbrengen. „Hildred," fluisterde hij toen, „ik ben terug gekomen; nu kan ik alles vertellen, en..." „Stil," zei Hildred, nog snikkend. Zij trok zijn hoofd naar zich toe en drukte hem een kus op het voorhoofd. Daarna vervolgde zij: „Harvey heeft ons alles verteld; jij nam zijn schande op je." „Stil, Hildred!" „Hoe kon je dat doen?" „Jij hebt de lasten ook gedragen, lieveling," zei hij, onvast; „en de eer van je vaders naam stond op t spel." „En daarvoor wilde jij lijden, — en heb je geleden. ' Hij hield haar nog een oogenblik vast, vóór hij wilde spreken; hij zag het gezicht binnenstrompelde, en uitriep: „Charterfield! Eindelijk!" „Je bent lang onderweg geweest, Harvey," zei hij met een melancholiek lachje. En alles wat Harvey Hardinge nog kon uitbrengen, vóór hij in koorts op bed viel, een koorts die hem in den dood voerde, was: „Ga terug, Charterfield. Ik heb alles in orde gemaakt. Ga terug man!" Toen hij het perron van Paddington-Station afliep, zag hij twee leden van zijn vroegere club. Met uitgestoken handen liepen zei op hem toe: „Charterfield!"riepen zij, en lieten hun handen zakken toen bleek dat hij geen neiging toonde die te drukken. ..Wij hebben het nooit geloofd." „Inderdaad?" zei Charterfield, koud. „Toch hebben jullie niet geprotesteerd, toen mijn naam van de clublijst werd afgevoerd." Na twee dagen vond hij den moed Truscott-Park te bezoeken. Had zij gewacht? Een huisknecht opende de deur. „Sir Roger is niet thuis. Ik zal.. Maar de woorden waar Charterfield in pijnigenden angst op wachtte, kwamen niet. Want op dat oogenblik — het was avond — kwam een schreiend kind, dat blijkbaar zijn gouvernante ontvlucht was, de hall binnenloopen. Het ventje zag den vreemdeling aan. droogde zijn tranen, en kroop toen stil de trap op. De knecht glimlachte tegen den EEN OUDE BOK... Grootvader Schildpad, Bronx Zoo, New York, *die kortelings zijn driehonderdsten verjaardag vierde, geniet gaarne de gaven van lieftallige hand. van het kind vóór zich. Toen sprak Hildred het eerst. „Harvey—," begon zij zacht. „Hij stierf op de ranch in Canada waar hij mij vond." „Het was de laatste belofte, die hij mij deed, John. Hij vroeg mij, hoe hij alles weer goed zou kunnen maken. „En je vroeg hem mij te zoeken?" „Ik zei hem je op te sporen, al moest hij de heele wereld er toe rondtrekken. En ik beloofde hem — „Ja, Hildred?" „Dat ik — voor zijn kind zou zorgen, tot hij terugkwam." „Zijn kind?" fluisterde hij. „De moeder stierf bij de geboorte: Harvey trouwde, — kort nadat jij wegging." Charterfield kon nauwelijks adem halen. „Ik zag een kind in de hall," zei hij zacht. „Zijn kind, John. Je zult er ook van gaan houden, nietwaar, juist als ik?" Zij verborg haar gezicht weer in zijn armen en Charterfield had toch geen moeite haar gezicht naar zich toe te keeren om haar te kussen. 7
PDF
Nummer
1929, nr. 31, 3 aug. 1929
Blad
10
Tekst
PANORAMA No. 3 1 3 A U G U S T U S SCHIERMONNIKOOG. Aankomst van de boot op 't eiland S chiermon nikoog, het waddeneiland in de Noordzee, is een badplaats, waar men de genoegens van het strandleven gecombineerd vindt met de ontspanning-in-rust, welke den vacantietijd tot een verfrissching voor geest en lichaam maakt. Gedurende het seizoen is het per boot te bereiken vanaf Oostmahorn en Groningen. HET STRAND van Schiermonnikoog. SCHIERMONNIKOOG. Gezicht op ‘n eendenkooi. AAN HET STRAND. PANORAMA van het eiland vanaf den vuurtoren; geheel rechts de oude vuurtoren.
PDF
Blad 
 van 2380
Records 11461 tot 11465 van 11897