Panorama

Blad 
 van 2380
Records 11446 tot 11450 van 11897
Nummer
1929, nr. 30, 27 juli 1929
Blad
17
Tekst
en aanvalsmogelijkheden. Ook het eindspel is bij hem goed vertrouwd; dit bewees hij in zijn partijen tegen Landau en ondergeteekende, welke hij beide, ondanks ongunstige positie, tot remise wist te leiden. Weenink heeft den naam, beter ciubspeler te zijn dan tournooispeler. Het verloop van dezen wedstrijd heeft dit niet bevestigd; Weenink deed in uithoudingsvermogen niet voor zijn concurrenten onder, hoewel hij verschillende malen tot laat in den namiddag zijn partij voortzetten moest. Dr. Olland, eenmaal Nederlands hoop in buitenlandsche wedstrijden, heeft het tegen de jonge garde moeten afleggen, al moet gezegd worden, dat hij zich kranig geweerd heeft. Zijn resultaat in dezen wedstrijd is dan ook zeer behoorlijk te noemen. NIMZOWITSCH, die zal mededingen in den meesterivijdstrijd te Budapest op 2 Sept. a.s. partij gegeven. Opmerkelijk was, dat hij met zwart successen boekte, en het er met wit minder goed afbracht — een nieuwe aanwijzing voor den achteruitgang van den aanval. Hij wendt nog steeds bij voorkeur ouderwetsche openingen, zooals Koningsgambiet en Schotsch aan, wat zijn score niet ten goede gekomen is. Dat Geus niet tot de eersten zou behooren, was wel te verwachten, maar het toekennen van de reserveplaats aan hem, zooals door het bestuur van den Nederlandschen Schaakbond werd besloten, is onjuist gebleken. Daarvoor kwam veeleer de Brabantsche kampioen Mulder in aanmerking. Het is dan ook een gelukkig toeval te noemen, dat nog juist op het laatste oogenblik een vaste plaats voor den heer Geus vrij kwam. Maar dit was zeer lastig van te voren te voorspellen ; men beschikte over te weinig gegevens om de capaciteiten van Mulder op de juiste waarde te schatten. Hij had zich in den kampioenswedstrijd van Noord-Brabant boven den bekenden speler Dr. L. Fick weten te plaatsen en daardoor werd veel van hem verwacht. Ten onrechte, zooals duidelijk gebleken is. Ook Mr. Straat is zeer tegengevallen. Drukke beroepsbezigheden zijn hieraan voornamelijk de schuld. Wij hebben dezen talentvollen speler tenminste nog nooit zoo erbarmelijk zien knoeien. Alleen in de eerste P A N O R A M A No. 30 2 7 JU L I ronden gaf hij goed spel te zien en wist hij in een uiterst gecompliceerde, stelling Landau door een geraffineerde combinatie een half punt te ontfutselen. De Nederlandsche Schaakbond heeft nog lang geaarzeld, alvorens tot het uitschrijven van den kampioenswedstrijd over te gaan. Gelukkig is ten slotte de decisie gunstig uitgevallen, de organisatoren hebben eer van hun werk. De Nederlandsche schaakliteratuur is met een aantal fraaie partijen verrijkt *, de beste jonge spelers hebben een uitstekende training gehad en een aansporing gekregen tot verdere ontwikkeling en volmaking van hun spel. Het Nederlandsche schaakleven verkeert in zeer gunstige conditie en gaat, gezien de vele jonge representanten, een periode van nog grooter bloei tegemoet. CAPABLANCA, die deelneemt aan den meesterivedstrijd op 2 September a.s, te Budapest. Hij speelt nog dezelfde scherpe aanvalspartij van twintig jaar geleden en al beschikt de moderne techniek over scherper geslepen wapens, het blijftsteeds oppassen met hem. Dit ondervonden Mr. Straat, Mulder en Geus, tegen welke spelers de Utrechtsche voorvechter mooie staaltjes van zijn kunnen liet zien. Davidson is in de laatste jaren wat op den achtergrond geraakt. Hij heeft een goeden kijk op het positiespel, maar opening en eindspel zijn niet zijn fort. Over het geheel genomen heeft Fortuna hem in dezen wedstrijd niet begunstigd. Loman, de nestor der Nederlandsche hoofdklasse, heeft goed SCHAAKMEESTERS. Een groep beroemde schaakmeesters bijeen; zittend van l. n. r. Nimzotvitsch. Capablanca, Tarrasch, Marshall; staand: dr. M. Euwe, Yates, Tartakower, Spielman, Reti» Nieses en Bogoljubotv. 15
PDF
Nummer
1929, nr. 30, 27 juli 1929
Blad
18
Tekst
PANORAMA No. 3 0 27 JU L 1 DE NATUUR ALS BEELDHOUWSTER. De rookende oude man, een vreemd gevormde rots in Californië. DE NATUUR ALS BEELDHOUWSTER. Een kolossaal doodshoofd bij Ajaccio op Corsica. DE 0\aTUUR als ^Beeldhouwster De natuur, wanneer de elementen in ontzagwekkende hevigheid razen en woeden, vernielt in enkele oogenblikken veel, waaraan de mensch jaren gearbeid heeft. Wanneer zij echter zelf iets maakt, kost het nog meer tijd; toch verwondert het ons niet, dat de natuur als beeldhouwster zeer langzaam werkt, wanneer wij bedenken, dat de hardste rotsen haar materiaal zijn, en zij over geen andere gereedschappen beschikt dan zonneschijn en regen, koude en DE NATUUR ALS BEELDHOUWSTER. soms aardver- De „kathedraal" in het Nationalpark in Utah schuivingen. (Noord Amerika) 16
PDF
Nummer
1929, nr. 30, 27 juli 1929
Blad
19
Tekst
PANORAMA No, 3 0 27 JULI ZomermodellenderToonaangevendeModehuizen nphans, nu de zomer inderdaad zomersch is geworden, maakt men zich allerwege op, om het toilet in overeenstemming te brengen met het jaargetijde. Dat de groote modekoningen ook dezen keer weder hun beste krachten hebben gegeven, blijkt zeer zeker uit de hierbij gegeven reproducties. Dit aardige sportjaponnetje, naar ontwerp van Nicole Groult. dankt voor een groot deel zijn charme aan de garneering, welke wordt gevormd door een modern halsdoekje en biezen van bijpassende stof met witte nopjes. Op 't gebied van sweaters heerscht momenteel de grootste verscheidenheid. Onze foto brengt een zeer origineel model van Jane Regny in beeld. Het beige lijfje is met geometrische figuren, in verschillende tinten bruin, versierd; de mouwen werden effen gehouden. De filmster Joan Crawford draagt hier een aardig tenniscostuum, dat bestaat uit een gehaakte sweater van witte wol met oranje en groen borduursel en een wit plooirokje van dunne wollen stof. Zooals men ziet draagt Joan Crawford hier geen kousen, doch meer en meer in de mode komende sportsokjes, omsloten door een coquet tennisschoentje. (Foto Metro. Goldwyn Mayer) Een buitengewoon chic ensemble van Premet. Het in vorm geknipte rokje en ook de lange mantel zijn van witte wollen stof, de jumper van witte zijde. De kraag en de manchetten van den mantel zijn van gevlochten materiaal. Een bescheiden toefje witte bloemen voltooit de garneering. Een der succesmodellen van Redferri is bijgaand strand-ensemble, dat bestaat uit een eenvoudige japon van wit en zwart gestreepte stof en een langen witten mantel, welke met de stof der japon is gevoerd en gegarneerd. Dejapon wordt opgevroolijkt door een lakceintuurtje en een wit zijden sjawlkraag met grooten strik. 17
PDF
Nummer
1929, nr. 30, 27 juli 1929
Blad
20
Tekst
P A N O R A M A N o. 3 0 2 7 JULI HOLLANDSCH DUINLANDSCHAP aan de kust van Virginia in Amerika. De pakkende Reclame J. K I B B 1 N V an spijt en woede wierp meneer Benjamin Binks zijn sigaar weg, ofschoon het een der beste merken uit zijn winkel was en nog maar half opgerookt. Hij mompelde enkele onvriendelijke woorden tegen zijn hondje, dat zijn gewonen morgengroet kwam brengen en keek grimmig naar den winkel van zijn concurrent aan de overzijde der straat. Een ware volksmenigte verdrong zich voor dien winkel. Het was erg genoeg voor Benjamin Binks steeds naar den winkel van zijn concurrent te moeten kijken, maar dit beschouwde hij als een beleediging, als een duidelijken wenk van Krumper, dat hij het monopolie wilde veroveren. Een groot biljet hing in de etalage van Krumper met de mededeeling: „Iedere sportman wil natuurlijk medewerken om de plaatselijke voetbalclub omhoog te voeren. Daarom koopt iedereen in dezen winkel zijn rookartikelen. Want iedere kooper ontvangt een coupon ter waarde van vijf % der gekochte artikelen, Deze coupons kunnen naar den penningmeester der voetbalclub worden gezonden, die ze hier tegen contanten kan inwisselen. Steunt de voetbalclub en koopt alleen hier!" Binks wandelde verstoord naar de huiskamer, waar zijn vrouw prijsjes schilderde voor de etalage. „Totaal overbodig/’ bromde hij; „we zullen voor geen cent meer verkoopen. ’ Hij vertelde haar de truc van Krumper. ..Waarom heb jij zooiets niet bedacht?" vroeg hij, tamelijk onredelijk. „Voor de voetbalclub doen ze alles in dit idiote stadje: hij zal de heele stad nu tot klant krijgen." Vrouwe Binks bleef zeer kalm. „Vertel het nog eens," verzocht zij, „kalm en duidelijk. We zullen er wel iets op vinden.” Lichtelijk verbaasd voldeed Binks aan het verzoek, dat trouwens, evenals alle verzoeken van zijn vrouw, meer een bevel was. „We zouden iets dergelijks kunnen doen en zeven % aanbieden,” zei ze na enkele minuten, „maar dat wordt te duur. Ik weet iets beters. De voetbalclub zal velen naar den winkel van Krumper brengen, maar er is een vereeniging hier, die er nog meer naar ons zal brengen. Geef me gauw een groot vel papier en inkt; Krumper zal flauw worden van nijd en wij zullen geld verdienen. Hij de voetbalclub en wij de damesclub.” „Je wilt de vrouwen toch niet laten rooken?” vroeg Binks verbaasd, waarop zijn vrouw hem misprijzend aankeek. „Ik zou het afschuwelijk vinden, als ik de dames hier met pijp en sigaret op straat zou zien. Daarmee zou ons succes te duur gekocht zijn. Maar de vrouwen zullen ons wel het succes bezorgen. Vrouwen zijn machtig. Benjamin. En ze zijn slim. Een voorbeeld hiervan zal ik je nu geven. Mannen komen altijd bij de vrouwen, omdat wij altijd een uitweg zien, wanneer jullie de zaak hebben opgegeven. Onthoud dat goed, Benjamin, het is in je eigen belang. De damesclub heeft tienmaal meer invloed dan alle voetballers samen. Wij zullen het glansrijk winnen, Benjamin. Waar is het papier ?” Zoo sierlijk mogelijk, met veel hóófdletters en uitroepteekens, schilderde vrouwe Binks het volgende pakkende —- dat was haar eigen oordeel — het volgende plakkaat: DAMES. Wie verdedigt Uw rechten en strijdt voor de sociale en intellectueele verheffing van de vrouw? DE DAMESCLUB. Wie helpt deze nuttige organisatie in haar prachtig werk? WIJ! Want hier wordt vijf % der waarde van eiken aankoop gestort in de kas van de Damesclub. De coupons, die iedere kooper ontvangt, behoeven slechts aan de periningmeesteresse der Damesclub gezonden te worden. DAMES! Begrijpt Uw belang, koopt en laat alleen koopen bij BINKS! „Hang dat in de etalage, dan zal ik de coupons bij den drukker bestellen. Neem een stevig ontbijt, want ‘t zal laat worden, eer je tijd zult hebben voor den volgenden maaltijd. „Waarom ?” „Begrijp je dat niet? Omdat het overstelpend druk zal worden natuurlijk/’ Een uurtje later stapte Krumper naar de overzijde, om de nieuwe reclame van zijn concurrent te lezen. Hij glimlachte goedig over het plakkaat, alsof hij dacht: Binks’ goede wil is te prijzen, maar het zal hem niet helpen. Krumper was een trotsche winkelier: hij knikte vriendelijk tegen Binks, die nu in zijn winkeldeur stond, en vroeg: „Wanneer gebeurt het?” „Gebeurt wat?” „De publieke verkooping van je zaak, bedoel ik. Je kunt het niet lang meer volhouden, hé?” „Lach niet te vlug,” antwoordde Binks kalm. „Veel succes met je voetballers. Maar wie de dames op zijn hand heeft, staat wel iets sterker.” Krumper lachte weer goedig; in het beste humeur ging hij naar zijn huis terug, waar hij zijn vrauw mededeelde, dat hij ’s avonds naar de vergadering van de voetbalclub zou gaan. De voorzitter had hem gevraagd, en Krumper verwachtte dat hem het eerelidmaatschap zou worden aangeboden. Den geheelen dag was het druk geweest; alle voetballers en de meeste supporters waren in den winkel geweest, hadden zijn „edelmoedig gebaar” geprezen en flink gekocht. Om nog meer succes te hebben, had hij verschillende namen veranderd, en verkocht nu doel-mixture, keepet-tabak. halfback-sigaren en midden18
PDF
Nummer
1929, nr. 30, 27 juli 1929
Blad
21
Tekst
P A N Ö R A M A No. 30 27 JULI voor-sigaretten, 's Avonds werd hij met een speech in de vergadering ontvangen. Alle leden beloofden, op voorstel van den penningmeester, hun rookartikelen alleen bij Krumper te koopen. Het eerelidmaatschap bleef uit, maar Krumper was niet ontevreden; de voetballers prezen hem om strijd en hij nam zich voor, morgen onmiddellijk nieuwe voorraden te bestellen. Binnen enkele jaren zou hij ’t renteniersbestaan veroverd hebben. Zijn vrouw was intusschen op de vergadering der vrouwenvereeniging, waarvan zij secretaresse was. Maar daar was het voor firma Krumper minder plezierig. Er waren, naar aanleiding van Binks’ reclame, heftige woorden gevallen, en zij had in drift haar functie neergelegd; natuurlijk was de vrouw van Bink in haar plaats gekozen. Krumper lachte erom, toen hij het bij zijn thuiskomst hoorde. „Maak je niet ongerust. Ik ben geëerd als een koning bij de voetballers en Drum, en Broozer en Diels en allemaal hebben ze opnieuw beloofd, alleen bij mij te koopen. De concurrentie van Binks is niets waard." „Ik hoop het van harte," antwoordde zijn vrouw, „want mevrouw Duim en mevrouw Diels en mevrouw Broozer hebben op de vergadering betoogd, dat het de plicht der dames was om hun mannen en verloofden er toe te brengen, alleen bij Binks te koopen. Dat was hun eigen belang. En als de vrouwen het werkelijk willen, vrees ik ...." Meneer Krumper voelde zich minder zeker van de overwinning wanneer hij daaraan dacht, en zich herinnerde hoe vaak hij zelf het overwicht van de aanminnige sexe had moeten erkennen. Aan de overzijde was de winkelier nog minder optimistisch gestemd; terwijl Krumper, om zich moed in te spreken, de ontvangsten van dien dag telde — het was nog veel meer dan zij verwacht hadden <— zwoegde Binks aan zijn etalage; het verlokkende plakkaat werd in een lijst van sigarenkistjes en sigarettendoosjes geplaatst. Zijn vrouw, in het beste humeur, gaf telkens aanwijzigingen. Krumper’s pessimisme bleek den volgenden dag gerechtvaardigd. Er kwam geen klant in den winkel. Hij praatte zichzelf voor dat het niets verwonderends was, omdat den vorigen dag iedereen wel voor een week voorraad had gekocht, maar dat bleek zelfbedrog toen hij zag, dat bij zijn concurrent de eene klant den anderen volgde. Binks stond stralend achter de toonbank. Krumper moest het tandenknarsend aanzien, maar toen hij Diels en Broozer uit den winkel aan de overzijde zag komen, schoot hij vlug op hen toe : „Ik meende dat jullie me beloofd hadden ....’* Maar Broozer deed verlegen. „Ik weet wat ik beloofd heb, maar zie je, m’n vrouw is lid van de Damesclub, en ze heeft me eenvoudig gedwongen om bij Binks te koopen; ginds staat ze op wacht, of ik het wel werkelijk doe." Krumper droop ontmoedigd af; hij begreep dat zijn philantropische reclame voor voetballers waardeloos werd, wanneer hun echtgenooten de partij van hun begunstiger Binks hadden gekozen. Diels gaf ongeveer hetzelfde antwoord. „’t Spijt me, maar mijn vrouw is ook lid, begrijp je? En ik heb liever niet, dat ze mij met jou ziet praten. Ze wacht op me." Krumper zag geen anderen weg, dan om tien pCt. aan de Damesclub te geven. Zijn vrouw verwierp dat plan echter onmiddellijk en beslist. „Geen stuiver wil ik ze geven. „Als ik het niet doe, moeten we den winkel sluiten." „Als je het wel doet, zijn we nog eerder failliet. Binks is nu overwinnaar, maar het zal niet lang duren. — Hang een groote reclame in de étalage, dat wij 15 pCt. van den verkoopprijs aan de voetballers geven." „Dan verkoop ik met verlies." „Doet er niet toe. We winnen er de heele stad mee, voor altijd. Na veertien dagen kun je de prijzen verhoogen, maar dan hebben we iedereen aan ons gebonden. ’tGaat er alleen om Binks en die Damesclub te overtroeven, ’t Zal ze berouwen, dat ze mij uit ’t Bestuur hebben verdrongen." Het resultaat van het nieuwe plan was, dat weer een dag later de voetballers en hun vele vrienden den winkel bestormden. Krumper en zijn ‘vrouw moesten den geheelen dag achter de toonbank blijven; niemand bleek bestand tegen de prachtige aanbieding, en daar velen terecht oordeelden, dat deze gouden tijd voor hem zelf en de voetbalclub niet lang zou duren, kochten zij tabak en sigaretten in groote voorraden, alsof zij plannen hadden voor een wereldreis. Wel dacht Krumper er met schrik aan, dat iedere kooper zijn verlies vermeerderde, maar hij bouwde op de aldus verkregen populariteit en verwachtte met stelligheid in de naaste toekomst zijn kostbare reclame terug te winnen. Hij bleef vriendelijk en beleefd, plaatste slechts nu en dan een diplomatieke opmerking over het belang van de sport en over diensten en wederdiensten. En allen beloofden grif niet te zullen vergeten, hoeveel Krumper voor de voetbalclub had gedaan en dat hij hun eenige leverancier zou blijven. Na drie dagen zou de penningmeester met een speciale commissie naar het huis van Krumper komen en een groote handkoffer, waarin de coupons waren. Hij wist toen reeds, hoeveel deze manier van reclame maken hem had gekost, omdat hij een flink bedrag moest storten, doch de commissie zwoer natuurlijk in naam van allen eeuwige trouw, en Krumper kreeg de meest opwekkende vooruitzichten. Tenslotte zou ook wel het eerelidmaatschap komen. Zijn vrouw was, ondanks haar wraakzuchtige gevoelens, na den eersten drukken dag naar de vergadering der Damesclub gegaan, in de hoop, de leden in diepe verslagenheid tevinden over de nederlaag tegenover de voetbalclub en de firma Krumper. Ze kwam echter met eenigszins ander nieuws thuis. Krumper zat in zijn gemakkelijken stoel, nog peinzend over de waardeerende woorden van de commissie, toen zijn vrouw in de kamer stormde. „Wat scheelt jou?" vroeg hij verwonderd. „Ga zitten en luister naar me. De commissie is juist vertrokken, we hebben het glansrijk gewonnen en ., . ." „Gewonnen?" steunde zij. „Verloren! Hopeloos verloren! De Damesclub heeft alles opgekocht. Alle leden hebben hun man gedwongen om bij ons te koopen, onder voorwaarde, dat de 10 pCt. van onzen verkoop hun in kas zou worden gestort." ’t Is toch niet waar ! ?’’ „De zuivere waarheid! Wij hebben de Damesclub rijk gemaakt. En ’t is nog niet alles. Binks heeft alle sigaren en tabak van de vereeniging teruggekocht; denk eens aan, wat wij beneden kostprijs hebben verkocht! Ze hebben voor maanden voorraad in hun winkel, alles van ons, beneden inkoopsprijs !’’ 19
PDF
Blad 
 van 2380
Records 11446 tot 11450 van 11897