Panorama

Blad 
 van 2380
Records 11216 tot 11220 van 11897
Nummer
1929, nr. 21, 25 mei 1929
Blad
21
Tekst
huis waar ik mijn kamers heb. een kerel woont, die buitengewoon verdacht doet. Vandaag of morgen pleegt-ie stellig een moord of roofoverval. Ik denk, dat hij aan lager wal is geraakt. ... een uitgezócht type dus om weer op den goeden weg te brengen. Als ik met hem bij Fee geen succes heb...." „Ik wensch je het van harte toe.” zei ik en nam afscheid; ik had gezien, dat verschillende voorbijgangers geamuseerd of spottend naar ons keken en ik heb er nooit veel voor gevoeld, voor publieke vermakelijkheid te dienen. Ik wilde echter weten of Ant spoedig zou inzien, dat hij zijn verlangen naar phatieke misdadigers warde met de werkelijkheid en dat hij een hersenschim najoeg. Daarom belde ik hem een week later op. „Is je oplichter of moordenaar al op den goeden weg?" vroeg ik. ? ? ? „Ja, die verdachte kerel bij jou in huis?" „Dat was een vergissing," hoorde ik. „De man was ‘n beetje zenuwachtig, omdat hij slapelooze nachten had vanwege een dwangbevel. Maar nu heb ik iets fijns ontdekt. Als je vanavond op het Groote Plein komt, zul je iets geweldigs beleven. Zoo gauw ik met Fee getrouwd ben, schrijf ik er een detectiveroman over; het zal een schlager worden. Kom je?" Natuurlijk was ik 's avonds op het Groote Plein. Ik had wel zooveel vertrouwen in Ant’s vermommingskunst, dat ik niet verwachtte hem onder de voorbijgangers te ontdekken. Daarom ging ik bij de fontein staan, waar Ant. zoodra hij kwam, mij dadelijk zou kunnen zien. Ik dacht beurtelings dat een veeboer, een officier, een man die er uitzag als een handelsreiziger, een portier van een hotel of een witkiel op mij toekwam. Zij gingen echter voorbij. Ik stond er reeds meer dan een half uur en ik repeteerde een vinnige predikatie, die ik tegen Ant zou houden over zijn lang uitblijven, want ik verbeeldde mij dat ik langzamerhand als verdachte werd beschouwd! Staande midden op het plein, moest mijn lange wachten wel de aandacht trekken. Eenzelfde politie-agent was mij reeds tweemaal voorbijgeloopen; nu stond hij op den hoek van het plein en keek wantrouwend — daarvan was ik stellig overtuigd — in mijn richting. Ik maakte mij gereed om zoo onschuldig mogelijk weg te wandelen, toen er een inspecteur van politie naar de fontein kwam. Ik schrok, bang voor onaangenaamheden. Hij sprak me onmiddellijk aan. „Vergeefs gewacht, meneer?" Ik keek hem vragend aan, en waarschijnlijk ook tamelijk norsch. want het PANORAMA symverdachte werkelijk het caféterras verliet. „Ik volgende oogenblik hoorde ik Ant’s stem zeggen: „Blijf kalm kerel. Ik kon werkelijk niet vroeger komen." Ik gaapte van verbazing. „’n Verrassing, niet?" ging hij vergenoegd verder, „’t Heeft moeite gekost, een uniform te krijgen, maar nu ben ik ook totaal onherkenbaar." „De politie zal je ook niet herkennen en je arresteeren," zei ik. „Ga onmiddellijk naar huis Ant; het is veel te gevaarlijk." Mijn woorden schenen indruk te maken. Ant keek mij kleintjes aan en zei: „Je hebt misschien gelijk. Maar we moeten ons haasten, want over een uur moet ik hier weer terug zijn, ’t Gaat misschien op leven en dood." „’n Nieuw slachtoffer?" informeerde ik. „Dezen keer heb ik geboft," vertelde hij opgetogen. „Verbeeld je, Fee zelf is in gevaar. Ze wordt voortdurend gevolgd door een man. die haar wil vermoorden, ’t Is een echte gentleman-schurk; eerst heeft hij haar vertrouwen gewonnen, en nu lokt hij haar natuurlijk vandaag of morgen naar een stil plekje om haar te worgen of zooiets. ’t Is werkelijk een buitenkansje; ik zal hen volgen, en wanneer hij haar aanvalt, kom ik als redder, sla den kerel bewusteloos en breng hem naar de politie. Dan vliegt Fee in mijn armen.... in een roman konden de omstandigheden niet gunstiger zijn." „Maar," vroeg ik, „is er wel reden voor je wantrouwen?" „Genoeg," antwoordde hij overtuigd, „te veel om je te vertellen. Ik heb er nu ook geen tijd voor." Eenigen tijd nadat ik met den politiebeambte Ant’s huis was binnengegaan, kwam ik er weer uit met een soort verloopen student. Op het Groote Plein wees hij mij op een heer, die vóór een der café s zat. „Vijf minuten wachten," kondigde Ant aan ; „ik weet het allemaal precies. O zoo," vervolgde hij triomphantelijk. toen de verNo. 21 2 5 MEI WEER ’N NIEUW model vliegtuig is geconstrueerd door Paul Maiumrm in Californië. Hij vertrouwt een snelheid van 60 mijl per uur te bereiken door een snel draaiende hollen cylinder, die de schroef vervangt. heb een voorgevoel dat vanavond de beslissing komt; vanavond ga ik, als de schurk is opgesloten, met Fee wandelen en zal ik haar hand vragen I" Wanneer de man dien avond in een cel zou komen, zou het waarschijnlijk niet aan Ant te danken zijn. Hij gedroeg zich of hij in een bosch krijgertje speelde, rende op een opvallende manier van portiek naar portiek, sloop langs de huizen en gluurde om den hoek van iedere straat. Binnen twee minuten had hij natuurlijk een geleide van minstens dertig straatjongens, die hem pas alleen lieten, toen hij hen gevoelig met zijn wandelstok bewerkte. Ik gaf de expeditie spoedig op. want overal trokken de vreemde manieren van Ant de aandacht van de voorbijgangers; de politie had reeds driemaal een oploopje uiteen moeten jagen en aan den amateur-detective den welwillenden raad gegeven, naar huis te gaan. „Vanavond zal de politie anders praten," bromde Ant. Hij beloofde mij, toen ik afscheid nam, denzelfden avond nog alles te komen vertellen. s Avonds wachtte ik echter tevergeefs, zoodat ik Ant den volgenden morgen opbelde. „Wat bedoel je?" antwoordde hij op mijn vraag. „Oh, moordenaar van gisteren? Dat was geen moordenaar." Hij zei het kalm, of het een vergissing bij het biljarten gold. Ik hoorde aan den klank van zijn stem, dat mijn voorspelling was uitgekomen en dat de teleurstelling in de liefde hem niet sterk had aangegrepen. „Ik ben den vent gevolgd tot in het park," vertelde hij verder. „Daar wachtte Fee hem op een bank. Ik kon me achter hen in een boschje verbergen en hoorde alles. Toen begreep ik gauw, waarom hij haar zoo hardnekkig gevolgd had." „Kon je als de reddende held optreden?" vroeg ik in spanning. „Het was niet noodig, kerel. Hij beeft haar niet aangevallen; hij heeft haar hand gevraagd .... en met succes!" 19
PDF
Nummer
1929, nr. 21, 25 mei 1929
Blad
22
Tekst
PANORAMA No. 21 2 5 MEI HET NET VAN KABELS, waartusschen men vaag de enorme wolkenkrabbers ziet, van de bekende Brooklijnbrug over de Hudson-rivier te New York. twee punten, door een aardverdieping, afgrond, kloof of dergelijke gescheiden,” zooals het woordenboek zegt, zijn niet alleen practische bouwsels voor voetgangers, automobilisten, wielrijders en allen, die het verkeer vormen. of voorwerpen van vakHONDERD METER BOVEN het water en honderden meters lang is de spoorburg over de Belly rivier in Amerika een indrukwekkendvoorbeeldvan ingenieurs-werk. belangstelling voor ingenieurs, maar geven bij nadere beschouwing andere aspecten, dan men gewoonlijk ziet, wanneer men over een brug gaat. Dat is gebleken uit het feit, dat reeds in Nederland een op moderne motieven rustende film. „De Brug” werd gemaakt (door Ivens) en moge ook blijken uit de foto’s op deze pagina. EEN DER TORENS VAN STAAL met vuist-dikke stalen kabels van de Williams-brtig te New York. DE TOWER-BRIDGE te Londen — rechts de Tower. de oude Engelsche staatsgevangenis. 20
PDF
Nummer
1929, nr. 21, 25 mei 1929
Blad
23
Tekst
F A N O R A M A No. 2 1 2 5 MEI DOOR P. G. WODEHOUSE 21
PDF
Nummer
1929, nr. 21, 25 mei 1929
Blad
24
Tekst
P A N O R A M A No. 21 2 5 M E I DE NIEUWSTE hoedenmode, die u>el zeer eenvoudig is, is geïnspireerd op de mutsen der Amerikaansche matrozen. In Berlijn moet dit hoofddeksel reeds zeer populair zijn. Rechten erven P.G Wodehouse 22
PDF
Nummer
1929, nr. 21, 25 mei 1929
Blad
25
Tekst
(Wordt vervolgd.) Een druppel goud, gevleugeld in de lucht. o een dreunend orgel, in de vert een stip, een luchtdoorkliever, evenwichtig schip. hoe zoet is 't luist’ren naar uw gonsgerucht. Soms duikt gij honing-purend in een bloem. die schommelt door uw zwaarte heen en weer, en altijd zoekt gij honing meer en meer. en raast weer henen met muziekgezoem. Wat is dat schoon, zoo werkend blij te zijn. en altijd puren, ja, van vroeg tot laat en zwerven-uit weer in den dageraad. Gij drup van vuur, fonk’lend in zonneschijn. 'k hoor in den hof uw zomerblijden zang en ben gelukkig weer, voor lang, voor lang. J O A N N E S R E D D N G U S
PDF
Blad 
 van 2380
Records 11216 tot 11220 van 11897