Panorama

Blad 
 van 2380
Records 1086 tot 1090 van 11897
Nummer
1914, nr.16, 14 oct. 1914
Blad
09
Tekst
O E rNo. 16b 14 Oct 1914,2e3rg. Verschijnt 2 maal d.week Abonnement per kwartaal f 1.30 DIT nummer kost afzonderlijk 7'/2_Ct Voor BELGIË 20 Centiemen UITGAVE VAN A.W.SIJTHOEF's UITGEVERS MAATSCHAPPIJ LEIDEN © Redactie er> VAÓmin istpatie DOEZASTRAAT 1 Telefoonnummer I e VLUCHTELINGEN VAN ELKEN LEEFTIJD. Moedertje is blij dat haar in Holland weer een vriendenhand wordt toegestoken. UITGEPUT. — DOOR OPWINDING EN VERMOEIENIS UITGEPUT LIGT HET OUDE MOEDERTJE OP HAAR SCHAMELE BAGAGE NEER.
PDF
Nummer
1914, nr.16, 14 oct. 1914
Blad
10
Tekst
PANORAMA t hier volgt is ontleend aan een brief van een den vrees elijksten der jonge vrouw, die uit België naar Holland gevlucht is. Hoewel hareontboezemingen zijn uit het begin van den oorlog, toen België alle vreemde elementen uitstootte, zijn zij toch zeker op heden nog van interesse. Zij bewijzen een keer te meer van hoe ontzaggelijk groote waarde ons neutraliteitsbehoud, niet alléén voor ons, maar ook voor de andere naties is, wier families, kinderen, vrouwen en mannen in Holland een gastvrij onthaal vinden. * ♦* De brief werd ons, in het Fiansch gesteld, vanuit den Haag toegezonden. De schrijfster, een Poolsche van geboorte, woonde in België en volgde daar voor haar vertrek het academisch onderwijs. ♦ * ♦ ,,De oorlog, wie heeft nooit de angstige gedachte daaraan als een obsessie gevoeld”, zoo begint zij. Wie heeft nooit er over nagedacht, hoe de oorlog als een der grootste verschrikkingen der menschheid de beschaving vernietigt en rampspoed om zich heen zaait. De aarde, doordrenkt van menschenbloed, ademt ziekte en ellende uit en deze slechte daad brengt naast de verschrikking in zich, ook nog de rampspoed, in den vorm van een epidemie, na zich. Wie er ver van afstaat, begrijpt den rouw, welke over een land komt, dat door den oorlog geteisterd werd. Wee hen echter, die deze teistering zelf ondervonden. En zeker is het lot verschrikkelijk van hen, die als vreemden in een land wonen, daar hun rustige woning wisten te verwerven, hun bestaan veroverden, hun kinderen als zonen en dochteren van het vreemde land trachtten op te voeden en dan .... plotseling van haard en goed weg moeten. Ik behoor zelve tot diegenen, wien dat lot trof. En mijn verdrukt gemoed zoekt verlichting door aan het papier toe te vertrouwen, datgene, wat ik met zoovele anderen geleden heb en de dankbaarheid die mij doortintelt, nu ik ook kan getuigen van het vele goede dat ons, vluchtelingen, in Holland ten deel viel. Dat edele en weldadige Holland, dat zijn hulp aan al die ongelukkigen geeft op een wijze, welke men gerust buitengewoon kan noemen. Mannen en vrouwen, jongens en meisjes zijn voor ons in de weer. Men denkt aan alles, men geeft niet alleen onderhoud, kleeren, medicijnen, maar men zorgt voor nog zooveel andere dingen meer. Jonge meisjes, met een opwekkenden glimlach om de lippen, geven ons kleine versieringen voor onze tijdelijke woonplaats, zoodat wij er ons meer thuis zullen gevoelen, men opent de deuren der woningen voor ons en tracht niet alleen leed te verzachten, maar het ook te doen vergeten. Dat is de hoogste wijze van hulp schenken. Voor de kleinen komt speelgoed, voor de grooten ontspanningslectuur. Ons hart is vol dankbaarheid ... En toch ... Neemt het dien armen vluchtelingen niet kwalijk, dat zij naar hun eigen haardsteden terugverlangen en de gedachte aan wat zij verlieten, hen geen oogenblik verlaat. Onder hen toch zijn kooplieden, die al hun zaken, hun geheel fortuin moesten verlaten. Vrouwen, die na het gemak van een leven vol comfort wegvluchten moesten, die gescheiden zijn van haar meest geliefde betrekkingen. Viouwen en mannen ook, die zich in een zekere werkkring meenden te mogen verheugen en die niets liever verlangen dan terug te gaan naar hun arbeid, maar die wel weten dat deze tijd nog verre is, terwijl zij daar, in het gastvrije, doch voor hen in ieder geval vreemde land, vertoeven en.... steun moeten aanvaarden. En ondanks de schrijnende werkelijkheid kunnen zij zich nog niet indenken, hoe het mogelijk was, dat zoo plots hun geluk verstoord werd. En terwijl zij bij elkaar zitten, peinzen zij en praten zij telkens weer over het verleden. Onder hen zijn er ook, die ver van hun geboorteland trokken om aan de vreemde universiteiten te studeeren, die thans, doordat zij den steun van huis ontberen, verplicht zijn van de weldadigheid, welke Holland hun zoo edelmoedig schenkt, te profiteeren. En niets is zwaarder te dragen dan de gift, welke men niet gewend was te aanvaarden. Onder de uitgewekenen vindt men mannen en vrouwen van allerlei rang, stand, afkomst en beschaving. En iedereen heeft zijn eigen verhaal van beproevingen, zijn eigen avonturen. En al is de uittocht van allen in den grond gelijk, de bijzonderheden verschillen. En telkens weer vertelt een ander van wat hem overkomen is, terwijl de toehoorders feitelijk geen geduld hebben om die verhalen aan te hooren, omdat ook zij branden om van eigen leed te gewagen. Vervloekt zijn zij die dezen oorlog op hun geweten hebben, zoo zuchten de beangsten, terwijl er toch weer anderen zijn, die met breeder blik den toestand willen overzien, die ook het nut van dezen strijd willen erkennen. VOOR DE BELGISCHE VLUCHTELINGEN. IN OSTENDE. Boy Scouts in Ostende beijveren zich. het groot aantal refugieetjes, die ook daar bij duizenden binnenstroomen, de behulpzame hand te bieden. DE TENTOONSTELLING IN PULCHI. De Nederlandsche artisten hebben in de zalen van Pulchi-Studio te ’s-Gravenhage een keurcollectie schilderijen, waterverfteekeningen, etsen en beeldhouwwerk bijeengebracht, ais prijzen voor een verloting ten bate van het Nederlandsch Vluchtelingen-Comité. Wij bevelen deze sympathieke steunpoging ten zeerste in de belangstelling onzer lezers aan. Maar allen voelen den vreeselijken druk der gebeurtenissen, zien als een spookverschijning de slachtvelden, waar honderdduizenden krachtige, jonge levens aan dood en verderf zijn blootgesteld, de steden door den ijzeren greep der belegeraars omkneld. En zij halen zich voor den geest de eindelooze schaar van weduwen en weezen en droevige ouders, om dan ten slotte ook den krijg van uit het diepste hunner harten te verwenschen. En dan zwijgen zij weer. En in hun harte is de hooge gedachte aan bet vele goede, dat wel tijdelijk verborgen kon blijven, maar dat leeft in al die millioenen, die nu als vijanden tegenover elkaar staan, dat zoo heerlijk uitschijnt in het land dat neutraal bleef in den oorlog en neutraal blijft in zijn goeddoen, in zijn hartelijke gastvrijheid voor al die arme schipbreukelingen, gestrand door wereldstormen, „den oorlog”. Zoo schrijft deze dankbare vreemdelinge en terwijl zij dit schreef, kwamen nieuwe scharen naar Hollands grenzen en ziet men in de Hollandsche steden telkens weer van die heilzoekenden. En ’t Hollandsche hart verloochende zich weer niet en zal zich niet verloochenen. Zonder zelfverheffing mag ons land zich de toevlucht van velen noemen. Een toevlucht die met grootmoedigheid geschonken wordt. Overal, van Roozendaal tot Amsterdam en verder nog, naar Oost en West, naar Zuid en Noord komende vluchtelingen, die uit het gebombardeerde Antwerpen wegtrokken, om het veege lijf te redden, heengetogen, zeker dat zij onderdak zouden vinden. Er hebben zich hartroerende, doch ook hartverheffende tafereeltjes afgespeeld. Niet alleen de gegoeden waren tot helpen gereed, uit alle rangen en standen kwamen aanbiedingen en het Comité met zijn plaatselijke vertakkingen, gesteund hier door padvinders, daar door vrijwilligerscorpsen, elders door speciale vereenigingen of groote particuliere instellingen, heeft de handen meer dan vol, doch het kan veel hulp geven. Een onzer fotografen, die in Rotterdam de groepen vluchtelingen voor ons blad had opgenomen, kam terug en was vol lof over de hulp, welke bijvoorbeeld ook door de Directie der Holland-Amerikalijn geboden werd. Ik heb vele zorgelijke momenten meegemaakt, zoo zei hij, en als beroepsfotograaf laat je niet alles op je inwerken, maar vandaag had ik het vaak te kwaad. Zooveel ellende zag ik nog niet bij elkaar, maar even treffend was de groote bereidwilligheid, waarmee het hulpbetoon zoo hartelijk werd verleend. België heeft in zijn verbittering in den laatsten tijd wel eens wantrouwig zijn nabuur aangekeken. En niet steeds drongen de verzekeringen, welke wij ter verdediging en verklaring van onze houding gaven, tot het hart van het volk door. Maar nu ondervindt het Belgische volk dat onze gevoelens van menschelijkheid en vriendschap onverflauwd en onveranderd zijn. Wij hoeven dit artikel niet te sluiten met een opwekking aan onze lezers om ook te steunen, ieder naar zijn krachten en vermogen. Er wordt veel gevraagd, voor de kinderen van eigen bodem en voer de vreemden, maar laat ons niet vergeten dat, hoeveel er van ons gevorderd wordt, het toch een zegen is vrijwillig te kunnen geven. En laat ons ook bedenken, dat de oorlog binnen onze grenzen toch meer, oneindig meer zou vorderen. PANORAMA IN ALLES VOORAAN. W rij mogen thans onzen lezers een mededeeling doen, die hun aangenaam zal zijn. Panorama dat op 1 Aug., den dag van de mobilisatie, voor een éénjarige al reeds een respectabel getal vrienden telde, heeft in de 2 maanden na dien verloopen, het getal dezer vrienden enkele malen zien verdubbelen. Zonder zelfverheffing mogen wij dan ook gerust zeggen, dat wij ons uiterste best hebben gedaan om deze vermeerdering te verdienen. Het heeft ons groote opofferingen gevraagd om den lezers datgene aan te bieden, wat blijkbaar hun belangstelling en voorliefde voor Panorama zoo versterkte, terwijl het door ons gekozen drukprocédé, de rotogravure, met haar snelle leveringsmogelijkheden ons groote diensten van fraaie en vlugge aflevering schonk. En wij gaan verder. „Altyt Waek Saem”, is niet voor niet het devies der uitgeefster I Belgische Vluchtelingen In Neutraal Nederland Veilig
PDF
Nummer
1914, nr.16, 14 oct. 1914
Blad
11
Tekst
PANORAMA WAT DE UITWERKING VAN EEN GRANAAT IS. Onze foto toont het resultaat van een granaatschot en werd in de eerste dagen van het beleg van Antwerpen in een der gehuchten binnen de eerste fortenlinie genomen. De bres ontstond door een gewone granaat. Men kan zich nu de geweldige uitwerking der 42 cM. kanonnen indenken. ENGELSCHE TROEPEN TER VERSTERKING VAN HET BELGISCHE LEGER Direct na hun ontscheping worden de Engelsche troepen, die in groot getal hun auto s meebrengen, Engelsche automobilisten die hoogst verdienstelijk werk als verkenners verrichten, naar het front gebracht. DE ENGELSCH-INDISCHE TROEPEN IN FRANKRIJK Onze foto geeft de Indische Ambulance, welke bij het Indische leger, dat in Marseille tot steun der geallieerden aan land ging, behoort. Het commando wordt door Kolonel Gandki gevoerd. De leden der ambulance worden door Kolonel Baker naar het kamp geleid. Het Gevecht Om De Vesting Antwerpen
PDF
Nummer
1914, nr.16, 14 oct. 1914
Blad
12
Tekst
l-'/A |NVJKMIYIM BELGISCHE VLUCHTELINGEN IN ONS LAND BABY WEER VEILIG. Door de vriendelijke hulp van het Vluchtelingen-Comité in Amsterdam werden duizenden vluchtelingen onder dak gebracht. ZORG VOOR DE KLEINEN. Zoowel voor de kleinen als voor de grooten wordt liefderijk gezorgd. De Antwerpsche babies amuseeren zich met de mooie plaatjes. EINDELIJK WEER LECTUUR. Op onze foto ziet men hoe de uitgewekenen de hun geboden lectuur met groote belangstelling doorlezen. HOE DE HOLLAND-AMERIKA-LIJN HIELP. Honderden vluchtelingen kregen door de goedheid van de Directie Holland-Amerika-Lijn te Rotterdam voedsel en onderdak. VLUCHTELINGEN IN ROTTERDAM. De firma Stokvis en Zonen stelde haar vervoermiddelen ter beschikking.
PDF
Nummer
1914, nr.16, 14 oct. 1914
Blad
13
Tekst
FAINuHAMm VLUCHTELINGEN TE ROTTERDAM. 4 , „ „ , . BAB’ POSEERT. Ondanks alle ellende is moeder er wat opgesteld dat haar kinderen De Maasstad kreeg overvloedig haar deel van de naar hier uitgeweken Belgen. mooi op het plaatje komen. EEN LAATSTE, DOCH TEVERGEEFSCHE POGING. De Belgen, vereenigd met de Engelsche troepen, deden alles om Antwerpen te behouden, doch tevergeefs. Onze foto beeldt een gewapenden auto af, van een machinegeweer voorzien. DE DUITSCHERS IN BRUSSEL. Teneinde zeker te zijn dat zij in den rug geen moeilijkheden zouden ondervinden, versterkten de Duitschers hun in Brussel achtergelaten troepen o.a. ook met gewapende matrozen.
PDF
Blad 
 van 2380
Records 1086 tot 1090 van 11897