Panorama

Blad 
 van 2380
Records 11486 tot 11490 van 11897
Nummer
1929, nr. 32, 10 aug. 1929
Blad
05
Tekst
De warmwater-vijver in de open lueht op de „Gruga". voorgaande, afdalen tot een groot waterterras met klaterende fonteinen, waaraan een gezellig café een aangenaam zitje verschaft. Langs de rozenterrassen spuit een onafzienbare reeks fonteinen haar water op en bij de overgangen van het eene terras naar het lager gelegen volgende, prijken in nissen moderne beeldhouwwerken. Terzijde van het waterterras gaat het weer omhoog, naar den pergola-tuin, die, als hij eens geheel begroeid zal zijn, een schitterenden aanblik zal P A N O R A M A N o. 3 2 1 0 A IJ G U S T U S De groote fontein in het waterterras, tusschen de rozen-terrassen en den pergolatuin op de „Gruga". opleveren. Van een soort rotonde in dezen pergola-tuin kijkt men neer op het pronkstuk der tentoonstelling, de Dahlia-arena, 'n trechtervormige uitholling in den bodem van 100 meter in middellijn en 9 meter diep. Ook deze arena is terrasvormig aangelegd en er zijn niet minder dan 12.000 dahlia’s in aangeplant, die, als ze over enkele weken alle in vollen bloei zullen staan, een schitterenden aanblik zullen opleveren. Op ’t onderste cirkelvormige terras zijn de soorten kruidtuin, een heestertuin, een fruittuin, een heele reeks stadstuintjes, het eene ingericht, zooals de dahlia-liefhebber dat het liefst zou zien, het andere naar den smaak van hem die meer van een rotstuin houdt, ofwel van den man, die, het aangename met het nuttige willende vereenigen, ook een deel van zijn tuintje wil gebruiken voor groententeelt. Er zijn er bij, die zóó zijn aangelegd, dat, hoewel er groenten in geteeld wordt, het aspect van bloementuin niet verloren gaat. Nog veel meer is er: een cactustuin, een warmwatervijver in de open lucht, waarin tal van exotische planten, o.a. de Victoria Regia, groeien. Zelfs is er een model-kerkhof aangelegd, waar niet de zerken op rijtjes liggen, maar verspreid tusschen het groen en waar de zerken en de grafmonumenten bij de omgeving zijn aangepast, waardoor het verwarrende en rommelige, wat een gewoon kerkhof vaak heeft, plaats maakte voor een sfeer van vrede en rust. Alles bij elkaar kan men daar in Essen een tentoonstelling bewonderen, zooals men er maar zelden een gezien zal hebben en als men daarbij op den koop toe nog het schitterende Roerdal krijgt, dan is dit jaar een vacantie- of een weekeind-reisje naar Essen zeker de moeite waard. met de lichtste bloemen aangeplant, op het bovenste met de donkerste; staat alles in bloei, dan kijkt men van de pergolarotonde dus neer in een reusachtigen trechter van kleur, aan den rand donker en allengs lichter wordend naar 't midden. Dan zijn er op de tentoonstelling nog een groot aantal modeltuinen aangelegd, beginnend bij een oud-Romeinschen tuin, naar het model van een, dien men bij de uitgraving van Pompei gevonden heeft. Voorts is er o.a. een Japansche tuin, een schooltuin, een badtuin, met een groot badbassin in het midden, een middeleeuwsche Het schitterende Dahlia-terras op de „Gruga”.
PDF
Nummer
1929, nr. 32, 10 aug. 1929
Blad
06
Tekst
N o. 3 2 1 0 A U C l S T IJ S DERTIG LIJKKISTEN - De begrafenis van de dertig slachtoffers der ramp in het Wal denburger Bergwerk. Achtergrond: de Evange lische kerk te Hermsdorf P A N O R A M A Dr. HUGO ECKENER is met de Graf Zeppelin voor de vierde maal den Oceaan overgestoken. Mr. T,]. NOYON, oud-procureur generaal bij den Hoogen Raad der Nederlanden, is te Soest overleden. historie van de 'week Eenigepassagiers van de Zeppelin : de gorilla Susi en zeshonderd kanarievogels. Zóó wordt het nieuwe Waldorf-Astoria hotel te New- York, dat men juist is begonnen te bouwen. Kostprijs 100.000.000 gulden; 43 étages; 2200 kamers. 4
PDF
Nummer
1929, nr. 32, 10 aug. 1929
Blad
07
Tekst
PANORAMA No. 3 2 10 AUGUSTUS 0 H.M. DE KONINGIN, de Zuiderzee-werken bezocht hebbende, komt te Den Oever (Wieringen) van boord, en wordt begroet door den heer Ringeling, ingenieur le klas van 's Rijks Waterstaat. Nog aan boord, onder den schoorsteen, H.K.H. Prinses Juliana. DE KOPPIGE BADGAST Heinrich Podaus ging weer te water, na een verblijf van plm. 8 maanden op het Zandvoortsche strand. TENNIS AAN BOORD van de Mauretania, op weg naar New York. Helen Wills (links) won met 6-2 van de Engelsche miss Betty Nuthall. HET MAILSCHIP JOHAN VAN OLDENBARNEVELDT, het grootste schip dat ooit op een Nederlandsche werf gebouwd werd, is te water gelaten. Onmiddellijk werd de kiel van een nieuw schip, de Taroena, gelegd (foto rechts). De doop der Johan van Oldenbarneveldt werd verricht door mevrouw W. Tegelberg-Hooft, die men op de foto hierboven ziet met haar echtgenoot, directeur der Stoomvaart Mij. Nederland; achter hen de heer Goekoop Sr., meer naar rechts Burgemeester de Vlugt.
PDF
Nummer
1929, nr. 32, 10 aug. 1929
Blad
08
Tekst
P A N O R A M A No. 3 2 - 10 ALG U S T U S I et denkbeeld kwam bij Gwen op. toen zij aarzelend een shilling betaalde voor het voorrecht, dat zij genoten had door een kopje slappe thee en een miniatuur stukje oudbakken cake te mogen gebruiken in een tea-room in de buurt van Bond Street. Zij begaf zich per autobus naar Sloane Square en kwam als een wervelwind de vergulde salon binnen stormen, waar haar tante Lady Chelsea en haar twee oudere zusters juist bezig waren onder het genot van geurige Souchon en sandwiches haar toekomst te bespreken. „Diana gaat trouwen met Sir Wilfred Slumpton,” merkte haar tante op. „Cynthia blijft bij mij tot zij trouwt; jij, lieve Gwen, bent nu nog maar het eenige probleem/' „Klinkt als de laatste vraag van een examen"opgave,” mompelde Gwen, op een driedubbel opgevouwen sandwich kauwend. „Maar in tegenstelling met alle problemen, die ik ooit ontmoet heb, ga ik mijzelf oplossen. Ik ga een tea-room openen.” „Gwen!” Van de kruin van haar omstandig ge" coiffeerd hoofd tot de punt van haar ver" wonderlijke kleine schoentjes, straalde Lady Chelsea letterlijk verontwaardiging uit. „Twee buitengewoon mooie zusters hebben mij niet veel illusies overgelaten, maar ik kan theezetten”, ging Gwen voort. „Ik zal ergens een kleine flat nemen en Hannah kan als huishoudster optreden en heerlijke koekjes bakken, die de verdwenen eetlust van Mayfair weer zullen opwekken.” „Je zult bij haar veilig zijn,” gaf Lady Chelsea toe, want de bedoelde matrone had al de Charteris op haar knie gewiegd en aanbad, tegen de gewoonte in, Gwen boven alles. „Ik geloof, dat we nog dankbaar moeten zijn, dat je er niet over denkt een koffie-stalletje op het Embankment op te zetten, of met mosselen in het East End te gaan venten.” II Ye Countrie Tea-Roome werd met de noodige plechtigheid geopend, hetgeen voornamelijk te danken was aan de bemoeiingen van Lady Chelsea, die besloten had de geheele zaak nu maar als een grap te beschouwen en welwillend de medewerking van al haar vrienden had ingeroepen, en achter de schermen verscheen, om haar te feliciteeren met haar koek en haar afschuw uit te spreken over de bedienden. „Zij zijn zeer bekwaam.” verzekerde Gwen, die druk bezig was. Haar tante haalde haar neus op. „Mijn lieve kind, het zijn de mannen, die je moet aantrekken, als je de boel werkelijk wik laten loopen. Leer van mij dat een man nog liever een kop thee door een aardig meisje op zijn pantalon geworpen krijgt, dan dat het keurig neergezet wordt door een meisje met een gezicht als een knolraap.’ In de volgende weken dacht Gwen over deze opmerking na, want ondanks alle < KOPJE 9° nectar en ambrozijn, die aan de bezoekers werden voorgezet, liepen de zaken niet al te best. Zoo gingen de zaken voort tot Betty verscheen. „Ik ben Betty Slade — Henry H. Slade is mijn papsie — spek, weet u en saucijzen. Ik verwacht, dat u denken zult, dat ik eenvoudig gek ben, om zoo hier maar binnen te dringen, maar ik moest u eenvoudig alleen spreken,” en de dochter van den vleeschkoning glimlachte op ’n betooverende manier en wist zoo’n zelfdeng limlach op Gwen’s nog al betrokken gezichtje te brengen. „U kunt niet gelooven, hoe fijn ik het vind, dat u nog zoo jong bent,” ging haar bezoekster voort. „Ik was eerst bang, dat u oud zoudt zijn en met een bril op, maar nu — Ik zal u de heele geschiedenis vertellen. Vertel mij eerst eens, of Lord Renfrew hier dikwijls komt?” Gwen keek verbaasd. „Meer dan eenig ander man. Hij is dol op geslagen room en werkelijk eigengebakken koekjes en hij krijgt hier goede waar.” „Dan kunt u mij onmiddellijk als een lid van uw staf beschouwen.” Betty’s oogen glinsterden ondeugend. „Kijk eens, het zit zoo. Ik had nauwelijks mijn met nr. 38 geschoeide voetjes aan land gezet, of ik werd door de bladen genoemd als de toekomstige Lady Renfrew, wier dollars bestemd zijn, om de vervallen grootheid van het huis van Renfrew weer op te heffen. Nu heb ik Zijne Eminentie nog niet ontmoet, maar ik heb hem gezien, en. . .” „LI wilt niet met hem trouwen ?” „Maar dat is juist, wat ik wil!” Betty tikte nadrukkelijk met haar gehandschoende handje op den lessenaar. „Ik heb hem gezien en ik vind, dat hij nu werkelijk je dat is — de echte achttien-karaats, deftige Engeische aristocratie. Ik zou er niets op tegen hebben, om hem mijn dollars te laten spendeeren, maar ik wil niet, dat hij mij daarom trouwt, en daarom ben ik van plan, om de oude geschiedenis uit de verhaaltjes te probeeren — liefde alleen om de liefde zelf, u weet wel, wat ik bedoel. Denkt u, dat ik eenige kans heb met hem ?” Van het oogenblik, dat Betty’s keurige rokjes en mousseline schortjes op het groene kleed van de tea-room verschenen, begonnen de zaken te loopen. Zij bediende ook de tafel, waar Lord Renfrew gewoonlijk zat en behandelde hem met een zedig respect, dat hem zeer scheen te amuseeren. De Jeunesse dorée van het West End, die tot nu toe af en toe eens kwam binnenloopen, belegerde nu Betty’s tafels en verbruikte ontzagelijke quantums thee en cake. Overtuigd door hetgeen zij zelf zag en de overreding van Betty, die er gezond commercieel verstand op na hield, ontsloeg Gwen na eenige aarzeling de onaantrekkelijke kelnerinnen en was zoo gelukkig er een stel zeer knappe jongedames voor in de plaats te krijgen Eenige van die meisjes deden goede huwelijken en een society-blad noemde de tea-room een ernstige concurrent voor het tooneel, als middel om in den adel te worden opgenomen. Aardige meisjes, die ambitie in deze richting hadden en er niet in slaagden aan het tooneel te komen, smeekten Gwen haar op proef te nemen, en meer dan één tooneeldirecteur, die een groot koor op peil te houden had, keek met begeerige oogen naar de rijen aardige bedienden. Het was Maurice Williams, de schreeuwerige directeur van het Frivolity Theater, die verder ging. De uitbarsting kwam, toen op zekeren dag Gwen, die hulp te kort kwam, genoodzaakt was om zelf te helpen bedienen. „Handige meid, die Sallie Seymom,” merkte hij met zijn rauwe stem op, zich verkneukelend in het feit, dat hij haar weer een meisje voor zijn koor afhandig had gemaakt. „Zij zal het goed maken, jammer, dat u haar voorbeeld niet volgt,” Het was ongelukkig, dat Williams, met het oog op het mooie weer een zeer dun pak kleeren droeg, want toen zijn vleezige hand zich over die van Gwen sloot, op het oogenblik. dat zij den theepot neerzette, liet zij dien onmiddellijk vallen en zond op die manier een zondvloed van kokende thee over zijn dikke beenen. Haar triomphantelijke glimlach was er niet op berekend, om hem te kalmeeren en was misschien ook de oorzaak van de bloemrijke taal, die er op volgde. Het was een uitbarsting, die de keurig gekleede bezoeksters verstomd deed staan en een uitdrukking van hulpeloosheid op het gezicht van de jeugdige eigenares te voorschijn bracht. Lord Renfrew was echter geenszins verstomd. Zijn lange beenen brachten hem in twee stappen aan den anderen kant van de kamer en zijn groote, gespierde handen grepen den woedenden en met thee doorweekten directeur in zijn kraag. Langs de grinnekende meisjes en de verbaasde theedrinkers stuwde hij zijn vrachtje naar de trap, terwijl Betty in verrukking toekeek en eeuwigen eerbied zwoer aan de spieren van het huis Renfrew. Zelfs dit voorval deed den onaangenamen directeur nog niet verdwijnen, ofschoon de boosaardige blik in zijn oogen Gwen waarschuwde, dat hij op wraak zon, en alleen daarom in de tea-room kwam. Het was toch wel het toppunt, dat hij een week voor de première van The Matinee Girl, besloot er een tea-room-tooneel in te lasschen en zijn plan kenbaar maakte, om zes van haar aardigste meisjes er toe te krijgen op het tooneel op te komen en de reuzenschlager te zingen: „Thee voor twee personen?” „Ik heb verschillende meisjes geprobeerd en de idioten houden allen een theeblad vast, of het een badkuip was. Ik heb nu eenmaal mijn hart op dit stel van u gezet en ik zal ze hebben ook, al moest ik ze ontvoeren.” Dien avond zat Gwen in het poppenhuis van een flat, die zij met Betty deelde en martelde haar hersens af met de vraag, hoe zij wraak kon nemen. Betty was uit, gehaald door den dolverliefden Lord Renfrew. Inspiratie en Betty kwamen tegelijkertijd Eén blik op het opgewonden gezichtje van 6
PDF
Nummer
1929, nr. 32, 10 aug. 1929
Blad
09
Tekst
F A N O R A M A No. I 0 A U G U S T U S haar vriendin, vertelde Gwen het nieuws. „Ja. kind!” zei Betty, haar om het middel grijpend en een krijgsdans met haar uitvoerend. ..Het is voor mekaar! Aanschouw in mij de toekomstige Lady Renfrew. En mogen alle leugens, die ik verteld heb, mij vergeven worden!” .Maar je zult het nu toch vertellen, Betty ?” „De volgende week, mijn lieve onschuld. Papsie zou dan hier zijn en ik zou voor geen geld het gezicht van Guy willen missen, als ik hen aan elkaar voorstel. Het zal een reuzenmop worden,” en de toekomstige Lady Renfrew wierp zich als een echte smulpaap op het soupertje, dat Gwen had klaar gezet, terwijl deze haar plan de campagne ten opzichte van Maurice Williams vertelde. „Het is de fijnste truc, die ik ooit gehoord heb.” was het oordeel van de Amerikaansche. „Ik ga met je mee tot in den dood. Hij zal de risee van de geheele stad worden en mannen van zijn type hebben nergens méér het land aan.” De groote Mr. Williams was derhalve eenigszins verbaasd door de schijnbare zachtmoedigheid, waarmede Gwen er in toestemde om de meisjes, die hij wilde hebben, af te staan en hij stemde dan ook geleidelijk toe in de voorwaarde, dat zij en Betty eveneens deel van het tableau de la troupe zouden uitmaken. De rest van de week ging voorbij in een opeenvolging van repetities. Hun rol was onbeteekenend; behalve ..Thee voor twee personen”, was alles wat zij te doen hadden, het bedienen van duur gekleede cliënteele. De ondernemende Williams had voor deze scène een geweldige reclame gemaakt en had de geheele inrichting van Ye Countrie Tea Roome gecopieerd, met roze kussens, rieten stoelen en de rest. The Matinee Girl bevatte de gewone opeenvolging van tooneelen en koren met een intrige, die zelfs Scotland Yard bezwaarlijk zou kunnen ontdekken. Alles ging goed tot het tearoom tooneel. Het orkest begon een vrooiijke melodie te spelen, die deed denken aan het getinkel van lepeltjes, welke culmineerde in een geschetter van de trompetten, die het idee gaven van brekend porcelein. Op dat oogenblik moesten de bedienden binnen komen trippelen met theeserviezen op zilveren blaadjes. Zij kwamen ook binnen — met de eiegance van olifanten en begrafenisgezichten. De dirigent viel bijna om van verbazing: de directeur, die op zijn plaats tusschen de coulissen stond, wapperde woest met zijn armen. Zij liepen recht door tot het voetlicht, aangevoerd door Gwen, wiens onbeweeglijk gezicht aan een Roodhuid eer zou hebben aangedaan. Weer speelde het orkest de eerste maten van „Thee voor twee personen”, terwijl de radelooze directeur zijn adem inhield, en de onverstoorbare rij gestalten zich stom en bewegingloos voor het voetlicht opstelde. Voor den derden keer speelde het — nu door de opwinding geheel ontredderd — de eerste maten. De dirigent wuifde smeekend met zijn stok, het schellinkje begon te grinniken; hier en daar werden ongeduldige opmerkingen gehoord. Toen keerden de zes meisjes zich plotseling om en staarden in verrukking naar de zoldering met hun rug naar het publiek gekeerd. Intusschen leerde de beetgenomen directeur, die een beroerte nabij was, de waarheid van het spreekwoord, dat men wel een paard naar het water kan brengen, maar dat men hem niet kan dwingen te drinken. Razend van woede liet hij het gordijn zakken, terwijl Lord Renfrew in de stalles de omstanders inlichtte over de geheele geschiedenis, waardoor Maurice Williams totaal belachelijk was gemaakt. Den volgenden morgen om tien uur kwam de directeur van het Frivolity Theater rood van nijd in de verlaten tea-room, gereed om zijn woede te koelen op het meisje, dat hem zoo had beet gehad. Een grinnekende kellnerin bracht hem naar het kantoor; hij stormde naar binnen, om daar niet alleen Gwen en Betty te vinden, maar eveneens een stevigen en welvarenden heer, wiens staalgrijze oogen en vastbesloten gezicht geen aanleiding gaven tot vrijpostigheden. „Mr. Williams, geloof ik,” begon de vreemdeling op zeer koelen toon met een licht neusgeluid. „Ja.” De directeur greep naar zijn hoed, die hij in zijn verbazing nog opgehouden had. „Ik heb zaken te bespreken met Miss Charteris.” „Ik heb de eer Miss Charteris te vertegenwoordigen,” antwoordde de groote man eenigszins kortaf. „En wie bent u dan wel.” snauwde Williams nijdig. „Mijn naam is Slade ...” Henry H. Slade uit Chicago,” was het antwoord. „U zult dien naam wei eens gehoord hebben in verband met spek. en ook in verband met de Hallmark Theater Corporatie, die verscheidene theaters in New York beheert en één in Londen. Dat eene. Mr. Williams, is. zooals u weet, het Frivolity Theater.” Williams bromde toestemmend. Hij kende Mr. Slade als een van de grootste aandeelhouders in de corporatie en die wetenschap was nu niet bepaald geruststellend. „U heeft altijd goede zaken voor ons gedaan. Mr. Williams.” ging Slade voort, ..maar ik zou u gaarne te verstaan geven, dat ik het met uw methoden niet eens ben. Ik kwam hier gisteren van het continent terug, net op tijd, om te hooren, wat voor lage truc u tegenover Miss Charteris dacht uit te halen, en de zeer fraaie manier, waarop zij u schaakmat heeft gezet. De corporatie houdt niet van dergelijke slinksche manieren, maar ik zal het ditmaal door de vingers zien, op voorwaarde, dat u schadeloosstelling betaalt.” „Schadeloosstelling!” Williams stond het schuim bijna op den mond van woede en teleurstelling. „Zeker.” De Amerikaan haalde een papier uit zijn zak. „Gebruik van costumes,” las hij voor, „£ 30.—, idee voor het tooneel, laten wij zeggen ook 30.—, veroorzaakte moeite en bedrijfsschade, zeker niet minder dan £40.—. Met 100.— komt u er genadig af. U kunt, óf een cheque schrijven voor dit bedrag, betaalbaar aan Miss Charteris. óf ik rapporteer de zaak aan mijn collega’s in Amerika, hetgeen waarschijnlijk ontslag tengevolge zal hebben en in ieder geval een ernstige berisping.” Mr. Williams wist zich niet te bergen van razernij. „U zit hier achter,” riep hij zich naar Betty keerend. wier vroolijk glimlachend gezichtje daar ook wel op wees, „een kellnerin van tien shilling in de week.’ „Het raam is klein, Mr. Williams, maar ik kan u er desgewenscht gemakkelijk uit gooien,” merkte Slade bedaard op. „En wat het inkomen van mijn dochter betreft, daaromtrent bent u verkeerd ingelicht.” „Uw dochter!” Williams onderdrukte een vloek en staarde haar stom verbaasd aan. Betty’s gezicht veranderde plotseling, want de deur ging open en Lord Renfrew, die een bevoorrecht persoon was en achter de schermen werd toegelaten, verscheen op den drempel. Zijn oogen zochten de hare. Zij glimlachte even tegen Gwen; toen glipte zij de deur uit en hij volgde haar. Zij kwamen later terug toen, nadat een loopjongen om Williams chequeboek gezonden was, hij vloekend het kantoor verlaten had, Gwen achterlatend met een flink bedrag in handen en het gelukkige gevoel, dat zij aan alle kanten de overwinning had behaald. „Ik kom opzeggen,” zei Betty met een brutaal gezicht. „Ik vrees, dat het je zaak ruïneeren zal, Gwen, maar Guy is een vreeselijke tyran, weet je.” CONTEMPLATIE. *7
PDF
https://molenzicht.net/panorama/PA29/PA293209jpg
Blad 
 van 2380
Records 11486 tot 11490 van 11897