Panorama

Blad 
 van 2380
Records 11241 tot 11245 van 11897
Nummer
1929, nr. 22, 1 juni 1929
Blad
20
Tekst
PANORAMA No. 22 1 JUNI MASSA Hoteldébacle doorHans de la Rive Box E n kom nu eens voor den dag, met wat je zelf als je laatste gril betitelt!” zei Harry Desmond, toen zijn beste vriend, de razendrijke George, bijgenaamd Tuppie, zich in een fauteuil genesteld had. De beide jongelui hadden elkaar in geen tien dagen gesproken, omdat Tuppie zich zeer geheimzinnig had afgezonderd. Zelfs Tommie Vangraven had niets van dat verdwijnen afgeweten. Dat Tuppie eenige dagen onvindbaar bleef, was niets bijzonders; maar juist omdat hij nu en dan zeer eigenaardige plannen had, die bij de uitvoering nog eigenaardiger resultaten hadden, was zijn vriend meer dan nieuwsgierig. „De heele kwestie,” zei Tuppie opgewekt, „is het resultaat van een, ik zou haast zeggen, ziekelijk verlangen van mij, dat ik al vanaf mijn twaalfde jaar gehad heb.” „Om een hotel te beginnen?” viel Harry hem in de rede en er trok reeds een bedenkelijke rimpel door zijn hoog voorhoofd. Als vertrouwde vriend voelde hij bij voorbaat reeds, dat de ander weer wat geks had uitgehaald. „Juist,” zei Tuppie lakoniek, „een hotel is steeds mijn ideaal geweest. Nee, laat mij uitspreken. Nu heb ik van de week het groote Astoria-hotel overgenomen, met alles wat er aan zoo’n affaire aanzit. Personeel, inventaris, kortom alles. Ik ben nu hotel" directeur en kom je uitnoodigen morgenmiddag om twee uur aanwezig te zijn. De zaak wordt dan opnieuw geopend.” Sprakeloos bleef Harry hem aanstaren; slechts langzaam drong het feit tot hem door. Die dwaze Tuppie! Hij had hoegenaamd geen verstand van hotels. „Zoo ....” zei hij eindelijk moeilijk. „En is het onbescheiden... hm...” „Heelemaal niet!” grinnikte Tuppie; „Alles bij elkaar kostte het mij ruim een millioen dollar. Meer dan zeshonderd kamers, hè? Je moet mijn garage eens komen bekijken, kerel. Een juweeltje! Voor tweehonderd auto’s en geweldige liften. Ik heb een contract gemaakt met het Victoriaorkest, dat is waar ook! Zij verzorgen de de matinees en avondprogramma’s!” „Dat orkest van twee en dertig man?” hijgde Harry. Tuppie knikte en lachte vroolijk: „Ik begin nu pas schik in mijn leven te krijgen, zeg!” Buiten loeide ’n claxon en Tuppie stond haastig op. „James met m’n nieuwe grijze!” zei hij vlug en terwijl de vrienden naar de lift liepen, fluisterde Tuppie den ander in het oor: „Om papa en mama Vanbibber een beetje in te palmen, heb ik het heele stel voor een week uitgenoodigd. Zij krijgen de mooiste kamers in mijn hotel, begrijp je? En wanneer ze weer vertrekken hoop ik zoo ver te zijn, dat ik den ouden heer de hand van Alice kan vragen. Ik hoop niet dat Tommie er lucht van krijgt, want dan gaat het juist als verleden jaar! Dan kaapt hij Alice van 's morgens tot ’s avonds van mij weg! Adieu kerel, denk om morgenmiddag ! Wil je mijn nieuwe aanwinst aanbevelen? Volledig pension vanaf vijftien dollar per dag. Vergeet niet mijn garage te roemen, en de liften, en de concerten, en de badkamers en de serres en den prachtigen theetuin op het dak!” Tommie Vangraven had reeds lang voor Tuppie met de familie Vanbibber kennis gemaakt, omdat papa Vanbibber evenals Tommie uit Holland was gekomen. Tommie was gek op de mooie Alice en haar vader vond het een uitstekende partij, omdat Tommie zoo goed kon polo-spelen. Doch Tommie zorgde er wel voor, negen van de tien keer van papa Vanbibber te verliezen. Door verlies, winst! was zijn gedachte en Alice was stellig een mooie, begeerenswaardige winst. Toen Tommie van Tuppie’s hotel hoorde en te weten kwam, dat papa Vanbibber met gevolg zou komen logeeren, dacht hij diep na en begon toen met bankpapier te goochelen. Hij zocht een jongen, wiens zuster verliefd was op den broer van een der liftboy’s van Tuppie’s hotel. Een beetje ingewikkeld, doch het plannetje ging prachtig door. Tommie zou er voor zorgen, dat Alice niets meer van Tuppie zou willen weten en dat papa Vanbibber slechts zijn neus voor Tuppie zou ophalen. Hij zelf kwam niet op de receptie, doch wel zag hij de heele familie Vanbibber arriveeren. Alice was mooier dan ooit en lachte en bloosde en wenschte Tuppie geluk met zijn hotel. Het gebouw zag er dan ook luxueus en aantrekkelijk uit; Alice vond alles zalig en eenig, en mevrouw was in extase over de dikke loopers op de trappen. „En nou krijgen jullie de mooiste kamers van mij, zoolang je maar wilt!” zei Tuppie gul en presenteerde papa Vanbibber een twee dollar-sigaar. Daarna leidde hij het gezin naar de lift en bezichtigden zij de drie naast elkaar liggende vertrekken. Zelfs Paul, de veertienjarige broer van Alice, scheen met zijn „hut” in zijn nopjes en probeerde al vast de drie bellen naast de gangdeur, zoodat een kamermeisje, een kellner en een der schoenenjongens tegelijkertijd aanklopten. En ’s middags deed de familie het omvangrijke maal alle eer aan! Tuppie, trotsch en gelukkig, presideerde en beantwoordde heel geestig een speech van papa Vanbibber, die vooral de verborgen, welvoorziene wijnkelders roemde. Tegen elf uur vertrokken de meeste logé’s naar hun kamers, doch het was ver over éénen, toen Tuppie ein18
PDF
Nummer
1929, nr. 22, 1 juni 1929
Blad
21
Tekst
PANORAMA No. 22 1 JUNI delijk zijn slaapvertrek kon opzoeken. Hij was moe en hij had een massa moeten schrijven. Voor het eerst van zijn leven, begreep hij, dat de schoonste idealen ook hun keerzijde hebben. En al had hij voor de noodige boekhouders gezorgd, die de omvangrijke hoteladministratie moesten voeren, de handteekeningen waren in ieder geval voor zijn rekening en juist handteekeningen maken vond hij het meest tijdroovende karweitje. Juist toen hij zijn kamerdeur wilde openen, hoorde hij lawaai in een der zijgangen. Hij liep op het geraas af en plotseling zag hij een der kamerdeuren, en wel deur 143 openmaken. Tot zijn schrik herinnerde hij zich, dat hij de kamers 142 tot 145 aan de familie Vanbibber had afgestaan, maar zijn schrik ging in ontzetting over, toen hij een man in een kleurige pyama als het ware op de gangmat zag springen en hij papa Vanbibber herkende. „Een schandaal! Een groot schandaal,” riep deze luid, zijn armen als molenwieken zwaaiend en onbegrijpelijke gebaren met de wijduit gespreide vingers makend. Hij danste van woede in het rond en een van zijn sloffen schoot met kracht tegen Tuppie’s verbaasd en onthutst gezicht. „Zoo, ben je daar, akeligheid!”schreeuwde de dansende heer Vanbibber en hij kwam dreigend op Tuppie af. „Een schandaal, een ruwe studentenstreek, maar ik zal er werk van maken! Het zal je heugen, waarde heer!” „Maar .. . maar .. beefde de nieuwbakken hoteleigenaar. In zijn benauwdheid raapte hij de pantoffel op en bood haar den ander aan, doch deze sloeg in zijn woede het nuttige schoeisel veertien voet verder de gang in. Op dat oogenblik kwam een andere figuur in de gang, met name mijnheer Vanbibber’s ega in een excentrieke kimono. Ook zij maakte onbegrijpelijke bewegingen met armen en handen en tusschen huilslierten in, snikte zij: „Houd je toch kalm, wees toch bedaard, lieve! Ach, dat we zooiets moesten meemaken! Alles plakt en kleeft. Kijk eens naar mijn handen . .. Ach, lieve mannie, ga eens gauw naar Alice en Paul toe. Misschien zijn de stakkers al verongelukt ...” „Ik smeek u...” hijgde Tuppie radeloos. Een snerpende kreet was het antwoord. Mevrouw Vanbibber, die den jongeman nog niet opgemerkt had, schoot met een achterwaartsche beweging in haar kamer. „Politie!” schreeuwde haar echtgenoot; „tien jaar is niet genoeg voor jou, kwaaie rekel. Mag jij oude menschen zóó iets aandoen ?” „Is er dan iets gebeurd?” slaagde Tuppie er in te vragen en hij trachtte den woedenden vader van zijn aangebedene te kalmeeren door diens handen vast te grijpen. Doch onmiddellijk trok hij de zijne terug. Een vreeselijk kleverige stof plakte op zijn vingers. Andere gasten waren ontwaakt en verschillende verbaasde, booze, lachende, angstige en bleeke gezichten staarden door de respectievelijke deuropeningen naar het tooneel van den dialoog. „Help!” klonk eensklaps een schelle jongensstem en Paultje Vanbibber rende de gang op. „Mijn heele bed zit vol lijm, vader!” gilde hij, „Alles kleeft en plakt! D’r zat zelfs lijm in mijn glas en op de zeep. M’n heele nieuwe pyama is naar de maan! Hie-hie-hie !” Hij begon te huilen, misschien niet direct van verdriet of wat ook, maar eerder door het feit, dat hij zijn vader in négligé midden op den looper zag razen. „Houdt hem!” gilde hij, op Tuppie wijzende en negen hoofden door negen manlijke lichamen gevolgd stortten zich op hem. Het was een kluwen van menschen en terwijl papa en zoon Vanbibber zich radeloos van de lijm probeerden te verlossen, nam Tuppie een keurigen duik en glipte een kamer in, waarvan de deur juist langzaam open ging. Hij viel languit op den gladden parketvloer, doch twee kleine handen tilden zijn hoofd op en hij staarde in het angstig vragende gezichtje van de zich in allerijl gekleed hebbende Alice. „Gebeuren er ongelukken, daar?” vroeg zij, terwijl zij hem ophielp. Tuppie loosde een zucht, staarde naar de deur, keek haar toen in het lieve snuitje en haalde vervolgens zijn schouders op. „Misschien.. ..” zei hij langzaam; „maar vrees niets, je bent veilig. Ik zal je beschermen, Alice.” „Een bende inbrekers?” vroeg zij anstig. „Ik weet het niet!” fluisterde Tuppie; „Maar toen ik het lawaai hoorde, dacht ik zoo.... zie je... . Ik was plotseling zoo bezorgd... voor... hm....” „Oh, jongen. . . . voor mij ?” Hij bloosde en greep haar hand. Toen richtte hij zich energiek op en liep * met opgericht hoofd naar de deur. „Voorjou....” zei hij, even achterom kijkend, „Ja, voor jou, Alice. ... Mag ik je morgen.... een vraag doen?” „Oh, George....!!!” „Zeg maar „Tuppie”, voortaan!” fluisterde hij en hij liep snel op haar toe. Het volgende oogenblik lag zij in zijn armen. „Wil je, Alice? Wil je mijn vrouwtje worden ?” „Waar is de kerel ?” kwam een stem uit de gang. DE DUURSTE. De hazewind, die op de groote honden-tentoonstelling in de Tuileries te Parijs den eersten prijs behaalde en die tevens de duurste van Frankrijk moet zijn. „Ja!” fluisterde het jonge meisje; „Heel graag, Tuppie.... Ik houd meer van je dan ik kan zeggen!” „Mijn liefste!” zei hij, met een devoten kus. „Politie”, gilde weer een stem. „Ik ben zoo bang, Tuppie!” Maar Tuppie richtte zich trotsch en fier op. „Ik heb maling aan den heelen boel!” zei hij dapper; „dat hotel kunnen zij van mij cadeau krijgen! Nu heb ik jou, kleinvrouwtje, en de rest kan mij gestolen worden. Maar blijf voor alle zekerheid zoolang op je kamer, dan ga ik eens kijken!” „Laat mij niet alleen....” smeekte zij, doch hij stroopte zijn mouwen op en sloop naar de deur. Enkele seconden later rende hij de gang door naar de lift. Tuppie’s hotelideaal was inderdaad van korten duur. Tenslotte is zoo'n inrichting niet rendabel en wordt een hotel voor den rijksten man, zelfs voor een man als Tuppie, te kostbaar, wanneer er heelemaal geen gasten komen. Tuppie deed de heele zaak voor een appel en een zacht gekookt ei van de hand en toen de tragedie opgelost was en de Vanbibbers weer vrede met hem hadden gesloten, trouwde hij de lieftallige Alice en trok hij zich terug in een snoes van een villa. Zelfs toen hij hoorde, dat die kleverige geschiedenis een kinderachtige streek van den jaloerschen Tommie was geweest, die in de kamers van papa, mama en Paultje Vanbibber door een omgekochten hotelboy een groote hoeveelheid allerkleverigste lijm had laten deponeeren, glimlachte hij, streek hij met de hand over zijn hart en zei zachtmoedig: „Ik vergeef hem, want per saldo heeft hij Alice toch niet gekregen.” 19
PDF
Nummer
1929, nr. 22, 1 juni 1929
Blad
22
Tekst
PANORAMA No. 2 2 1 JUNI vahA^eriKA HENRY FORD, de bezitter van auto's en honderden millioenen. WILLIAM FOX is millionair geworden door het maken van films en het exploiteeren van bioscopen. GEORGE EASTMAN, een der vele Amerikaansche magnaten van handel en industrie, heeft een enorm kapitaal verdiend in de fotografische industrie. KO^GÉ1Ï JOHN, Mc, ENTEE is de rijke bezitter van een flink aantal hotels in de groote steden der Vereenigde Staten. JOHN D. ROCKEFELLER, de geldmagnaat. gefotografeerd op 38-jarigen en 88 jarigen leeftijd. JULIUS ROSENWALD, hierboven met zijn kleinzoon, is een der koningen van Amerika als leider van een der grootste transportondernemingen. 20
PDF
Nummer
1929, nr. 22, 1 juni 1929
Blad
23
Tekst
P A N O R A M A No. 2 2 1 J U N I DOOR P. G. WODEHOUSE 21
PDF
Nummer
1929, nr. 22, 1 juni 1929
Blad
24
Tekst
PANORAMA No. 2 2 1 J U N I V1VE L' EMPEREUR. Napoleon wordt begroet door zijn Gardisten vóór den slag bij Waterloo — bij de repetitie van een militair feest dat te Aldershot in Engeland werd gehouden» Rechten erven P.G Wodehouse 22
PDF
Blad 
 van 2380
Records 11241 tot 11245 van 11897